b
Druk op deze toetsen om het patroon in de
gewenste richtingshoek te zetten.
Telkens als u op een toets drukt, wordt het patroon
gedraaid.
1 Geeft de richtingshoek van het patroon weer
nadat op een toets is gedrukt om deze te wijzigen.
U kunt het patroon ook roteren door een rood punt
rond het patroon te slepen.
• Als u het patroon in de oorspronkelijke richtingshoek
wilt terugzetten, druk u op
c
Druk, indien nodig, op de pijltoetsen om de
positie van het patroon te wijzigen.
Zie pagina 89 voor meer informatie.
d
Druk zo nodig op
om het te borduren gebied te
controleren.
Zie pagina 47 voor meer informatie.
e
Nadat u de gewenste wijzigingen hebt
doorgevoerd, drukt u op
Het borduurinstellingenscherm wordt opnieuw
weergegeven.
92
1
.
en vervolgens op
.
Memo
• Bij deze handeling kunnen fijnafstellingen
aan de hoek worden gemaakt. Dit is met
name handig wanneer u bijvoorbeeld tassen
of cilindervormige artikelen borduurt die
maar beperkt in het borduurraam kunnen
worden gespannen.
Voorbeeld: Wanneer u een kussensloop
borduurt
Roteer het patroon 90 graden naar links
alvorens te borduren.
Voorbeeld: Wanneer u een T-shirt borduurt
Roteer het patroon 180 graden. Steek het
machinebodemstuk door de taille van het
T-shirt, niet door de hals, en bevestig het
borduurraam aan de machine. Zo voorkomt
u dat de hals van het T-shirt uitrekt wanneer
het borduurraam zich verplaatst.