Nederlands
► Activeer de grasmaaier.
► Druk op de toets (1) om de gewenste maaimo‐
dus te selecteren.
De huidige modus (2, 3, 4) wordt weergege‐
ven.
ECO-modus
Wanneer de ECO-modus is ingeschakeld, her‐
kent de grasmaaier de actuele werkomstandig‐
heden en stelt het bijpassende toerental van het
mes automatisch in.
De looptijd van de accu kan daardoor worden
verlengd.
Standaardmodus
Wanneer de standaardmodus is ingeschakeld,
maait de grasmaaier met een constante snelheid
van het mes.
AUTO-BOOST-modus
Wanneer de AUTO-BOOST-modus is ingescha‐
keld, heeft de grasmaaier korte tijd een hoger
vermogen beschikbaar, bijvoorbeeld om hoger
en dichter gras te maaien.
De AUTO-BOOST-modus heeft invloed op de
looptijd van de accu. Als er een risico op over‐
verhitting bestaat, schakelt de grasmaaier auto‐
matisch over naar de standaardmodus.
13.5
Grasopvangbox ledigen
De door het mes gecreëerde luchtstroom tilt de
inhoudsindicatie (1) omhoog. Als de grasopvang‐
box is gevuld, stopt de luchtstroom. Als de lucht‐
stroom te gering is, zakt de inhoudsindicatie (2)
naar de rusttoestand terug. Dit is een indicatie
dat de grasopvangbox moet worden geledigd.
Van een onbeperkte werking van de inhoudsindi‐
catie is alleen bij een optimale luchtstroom
sprake. Invloeden van buitenaf, zoals vochtig,
dicht of hoog gras, lage snijstanden, vuil en der‐
gelijke kunnen de luchtstroom en de werking van
de inhoudsindicatie negatief beïnvloeden.
► Als de inhoudsindicatie naar de rusttoestand
terugvalt: Maak de grasopvangbox leeg.
374
► Haak de grasopvangbox los,
► Neem de grasopvangbox aan de greep (1)
naar boven weg.
► Houd deze met de andere hand aan de ach‐
terste handgreep (2) vast.
► Maak de grasopvangbox leeg.
14 Na de werkzaamheden
14.1
Na het werken
► Schakel de grasmaaier uit en verwijder de
accu's.
► Als de grasmaaier nat is: laat de grasmaaier
drogen.
► Als de batterijen nat of vochtig zijn: Laat de
batterijen drogen
► Reinig de grasmaaier,
► Maak de accu's schoon.
15 Vervoeren
15.1
Grasmaaier vervoeren
► Als de grasmaaier van en naar het te maaien
gebied wordt verplaatst:
► Schakel de grasmaaier uit.
Het mes mag niet draaien.
► Verwijder de batterijen.
► Als de grasmaaier gekanteld moet worden
voor transport over andere gebieden dan gras:
► Schakel de grasmaaier uit.
Het mes mag niet draaien.
► Verwijder de batterijen.
Grasmaaier duwen
► Duw de grasmaaier langzaam en gecontro‐
leerd vooruit.
Grasmaaier dragen
Til en draag de grasmaaier met twee personen.
► Schakel de grasmaaier uit.
► Verwijder de batterijen.
► Draag veiligheidshandschoenen.
► Haak de grasopvangbox los.
► verlengstuk loshaken.
14 Na de werkzaamheden
8.2.3.
21.5.
17.1.
0478-131-9675-A