4 Gebruik
kunnen praktisch alle gras-, onkruidsoorten of
planten worden afgesneden.
4.1
Voorbereidingen treffen
Zeer droge grond met wat water besproeien:
hierdoor wordt de grond zachter en ontstaat min‐
der stof! – Het vochtig gemaakte groen kan
gemakkelijker worden afgesneden.
WAARSCHUWING
Alle obstakels of voorwerpen uit het werkgebied
verwijderen.
► De looprichting voor het afsnijden van de
randen bepalen – het apparaat moet zich
steeds aan de rechterlichaamszijde bevinden
4.2
Zaagdiepte instellen
A
► Motor uitschakelen
► Vleugelmoer (1) linksom losdraaien
► Loopwiel (2) verschuiven: naar boven – snij‐
diepte (A) neemt toe; naar beneden – snij‐
diepte (A) neemt af
0458-471-9421-B
2
1
Correct afstellen
B
De snijdiepte wordt beïnvloed door oneffenhe‐
den in de grond, de lichaamslengte en de werk‐
houding van degene die met het apparaat werkt,
daarom het
► Loopwiel (2) zo verschuiven, dat het mes (3)
in een normale werkhouding de grond net
aanraakt of maximaal tot een diepte (B) van
5 mm de grond indringt
► Vleugelmoer rechtsom vastdraaien
► Bij een normale werkhouding de snijdiepte
nogmaals controleren – indien nodig afstellen
Nederlands
2
3
39