in de wand niet kan worden gevonden, toont het
display de volledige intensiteit (afb. C) en is er
een lange pieptoon hoorbaar. Beweeg en houd
het product meerdere centimeters verder naar
rechts of links van het vorige oppervlak en kali-
breer opnieuw. Start het zoekproces.
Herhaal het proces meermaals om de precisie
te waarborgen.
Afhankelijk van de hoedanigheid van de onder-
zochte wand kunnen er onjuiste metingen voor-
komen. Controleer daarom bij iedere meting
de positie van een bekende houten of metalen
balk, een bekende holle ruimte of een bekende
stroomleiding. Als deze niet door het product
worden waargenomen, is de ondergrond niet
geschikt voor detectie met dit product.
Vermijd het aanraken van het LC-display tijdens
het meten omdat dit de nauwkeurigheid van het
product kan beïnvloeden.
Let erop dat ook stroomleidingen als metaal of
als balk kunnen worden gezien. Gebruik altijd
als aanvulling de spanningszoeker om onjuiste
metingen te kunnen uitsluiten.
Let erop dat in de functie Zoeken naar balken
‚STUD' ook metalen balken worden herkend.
Wilt u er zeker van zijn dat het bij de gevonden
balk niet om een metalen balk (of bijvoorbeeld
een waterleiding) gaat, gebruik dan aanvullend
de functie Zoeken naar metaal ‚METAL'.
Afhankelijk van de wanddikte en het materiaal
signaleert het product eventueel al iets voordat
het zich boven het materiaal bevindt. Markeer
in dit geval het begin en het einde van het ge-
signaleerde gedeelte bij de inkeping van de
meetkop. Het midden van het gezochte object zit
dan in het midden tussen de beide markeringen.
Let erop dat metalen objecten beter worden ge-
vonden als ze magnetischer zijn. Zo wordt ijzer
NL/BE
51