Het gebruik van logische functies in algebraische uitdrukkingen.
AND, OR en XOR kunnen worden gebruikt als invoegfuncties in
algebraische uitdrukkingen. Bijvoorbeeld, '2<S KOR 4>7' +HUM
geeft 1.
NOT kan in algebraische uitdrukkingen worden gebruikt als een
voorvoegfunctie. Bijvoorbeeld, 'HOT Z£4' +NUMgeeft B als Z = 2.
Het testen van objecttypes
Het TYPE commando (PRG] TEST TYPE )kan ieder object als
argument hebben, en geeft als uitkomst het nummer waarmee dat
objecttype wordt aangeduid. In de tabel op pagina 104 in hoofdstuk 4
staan alle objecten van de HP 48 met de bijbehorende typenummers.
Voorwaardelijke structuren
Met de voorwaardelijke structuren van de HP 48 kan een programma een
beslissing nemen op basis van het resultaat van één of meertests.
Voorwaardelijke structuren worden samengesteld uit commando's die
alleen werken als zij in de juiste combinaties voorkomen. Deze
commando's staan in het PRG BRCH menu ([PRG] ERCH ).
De voorwaardelijke structuren zijn:
m IF...THEN...END.
m IF...THEN.. ELSE...END.
m CASE...END.
De IF...THEN.. .END structuur
IF.. THEN...END voert een reeks commando's alleen dan uit als het
resultaat van een test "waar" is. De syntaxis is:
IF testclausule THEH waar-clausule EHD
Detestclausule kan een reeks commando's zijn (bijvoorbeeld A E £) of
een algebraische uitdrukking (bijvoorbeeld 'RA<E'). Als de testclausule
een algebraische uitdrukking is, wordt deze automatisch geévalueerd tot
een getal (NUM of EVAL zijn dus niet nodig).
526
26: Tests en voorwaardelijke structuren