Automix afspelen
Een Automix-opname afspelen.
1
Roep de Automix-pagina van het AUTOMIX-
scherm op door het vereiste aantal keren
op de [AUTOMIX]-toets te drukken, of door
eerst op de [AUTOMIX]-toets en vervolgens
op [F1] te drukken.
2
Controleer of de ENABLE/DISABLE-knop
op ENABLE staat.
Als deze knop op DISABLE staat, verplaatst u de
cursor naar de knop en drukt u op de [ENTER]-toets.
Het lampje van de [AUTOMIX]-toets licht groen op.
3
Druk op de PLAY-knop [
bovenpaneel om het afspelen van de song
te starten.
Het afspelen van de Automix-opname wordt gestart,
evenals het afspelen van de song. Tijdens het afspelen
wordt de PLAY-knop van het MODE-veld
geïnverteerd weergegeven.
TIP
• Als het afspelen van een opgenomen Automix-track wordt
gestart vanaf een ander punt dan het begin van de track,
wordt de mix op dat punt teruggeroepen (de parameters
direct vóór het punt waarop het afspelen is gestart, worden
teruggeroepen). Dit betekent dat u altijd de juiste mix hoort,
ongeacht het startpunt voor het afspelen.
4
Druk op de STOP-toets [I] op het
bovenpaneel wanneer u het afspelen van de
Automix-opname wilt stoppen.
Het afspelen van zowel de song als de Automix-
opname wordt gestopt.
Het afspelen van de Automix-opname wordt
automatisch gestopt als het afspelen van de song wordt
verdergezet voorbij het punt waarop de Automix-
opname is gestopt (de song wordt verder afgespeeld).
Punch-in- en punch-outopnemen is handig als u slechts
een deel van een Automix-opname opnieuw wilt
opnemen. De procedure wordt in dit gedeelte beschreven.
Hierbij wordt het opnieuw opnemen van een
trackkanaalfaderverplaatsing als voorbeeld gebruikt.
1
2
] op het
3
4
5
Punch-in en -out van Automix
Zet de songlocatie op het punt direct vóór
het punt waarop u wilt beginnen met het
opnieuw opnemen van de Automix-data.
Roep de Automix-pagina van het AUTOMIX-
scherm op door het vereiste aantal keren
op de [AUTOMIX]-toets te drukken, of door
eerst op de [AUTOMIX]-toets en vervolgens
op [F1] te drukken.
Controleer of de ENABLE/DISABLE-knop
van het MODE-veld op ENABLE staat.
Verplaats de cursor naar het OVERWRITE-
veld en activeer de knoppen van de
parameters die u wilt opnemen.
OPMERKING
• Als u een eerder opgenomen parameter opnieuw wilt
opnemen voor hetzelfde kanaal, worden de eerder
opgenomen data voor de desbetreffende parameter
overschreven. Als de parameter die u wilt opnemen, nog niet
is opgenomen in de doeltrack, worden geen data
overschreven.
Stel de gewenste terugsteltijd in door de
cursor naar het RETURN TIME-veld te
verplaatsen, en de [DATA/JOG]-draaiknop
of de [INC]/[DEC]-toetsen te gebruiken.
De terugsteltijd bepaalt de tijd dat wordt gewacht om
de faders weer naar hun eerder opgenomen niveau te
verplaatsen wanneer een punch-out van de Automix-
opname wordt uitgevoerd. Het RETURN TIME-bereik
is OFF, 0,0-30,0 seconden.
G RETURN TIME-handeling
Geen terugsteltijd
('0'-instelling).
Oorspronkelijke
gegevens
Punch-in
Punch-out
AW2400 Gebruikershandleiding
Gebruik van Automix
RETURN TIME
19
RETURN
TIME
Oorspronkelijke
gegevens
Punch-in
Punch-out
185