1. Motorplug
2. Breng buisdichtingsmiddel aan op de schroefdraad van
de temperatuursensor.
3. Draai de temperatuursensor met de hand vast in de
poort.
4. Gebruik een stuk gereedschap om de
temperatuursensor nog 2 tot 3 extra slagen
vaster te draaien.
5. Sluit de temperatuursensor aan op de kabel die u eerder
hebt losgekoppeld in
17).
De voedingskabel aansluiten
1. Zoek de zekeringhouder aan de rechterkant van de
bestuurdersstoel.
2. Verbind de voedingskabel voor de cabine met een open
ruimte in de zekeringhouder
1. Zekeringhouder
2. Voedingskabel voor
cabine
Figuur 50
2. Temperatuursensor
De lange slang aansluiten (bladz.
(Figuur
51).
Figuur 51
3. Zekering (10 A)
3. Plaats een zekering van 10 A in de opening die is
verbonden met de kabel
De kabelboom monteren
Belangrijk: Als u werkzaamheden aan het elektrische
systeem verricht, moet u altijd de accukabels
loskoppelen – de zwarte minkabel (-) eerst – om
mogelijk beschadiging van de bedrading tengevolge van
kortsluiting te voorkomen.
1. Leid de kabelboom langs de rechterkant van het
machineframe
(Figuur
1. Accupolen
2. Wasaansluiting
3. Zekering (60 A)
4. Zekering (10 A)
2. Verwijder de moer waarmee de plusklem van de accu
aan de pluspool is bevestigd.
3. Verbind de pluspool van de kabelboom met de bout
die wordt gebruikt om de accuklem te bevestigen.
4. Bevestig de klem met de moer die u eerder hebt
verwijderd.
5. Herhaal de vorige stappen voor de minpool op de
kabelboom.
De uitsparing verwijderen
1. Gebruik snijgereedschap om de uitsparing uit de
zijplaat te verwijderen
21
(Figuur
51).
52).
Figuur 52
5. Relaisaansluiting
6. Cabineaansluitingen
7. Voedingsaansluiting
cabine
(Figuur
53).