Download Print deze pagina

Inbedrijfname Van Een; Inbedrijfname Modem; Ethernet Koppeling - Endress+Hauser Visual Data Manager Memo-Graph Gebruiksaanwijzing

7. Seriële interfaces / modem

7.4 Inbedrijfname van een

Modemcircuit
Modem op instrument
Modem op PC

7.5 Ethernet koppeling

92
Opmerking:
• Om correct aangewezen te kunnen worden, moeten de werkelijke fysische
meetwaarden worden overgedragen (bijv. in °C, bar...). Schaalinstelling op het
instrument is niet mogelijk.
• Let erop dat u niet gebruikte aansluitingen op de connector ook niet aansluit.
• PROFIBUS PA instrumenten kunnen via de PA/DP buskoppeling
("Segmentkoppeling") worden gebruikt.
• PROFIBUS-meetpunten kunnen onderling en met conventioneel aangesloten
analoge meetpunten in de rekenkundige module worden verrekend.
In principe kan ieder modem met AT-commandoset voor de data-overdracht tussen
uw instrument met RS 232 interface en de meegeleverde PC-software worden
gebruikt.
Het modem, dat later op het instrument wordt aangesloten, moet eenmaal met de
PC-software (Overige - modem voor aansluiting aan het instrument voorbereiden)
worden geïnitialiseerd.
Het modem wordt daarvoor met de originele kabel (normaal gesproken meegeleverd
met het modem) op de PC aangesloten.
De initialisatie moet met hetzelfde dataformaat (baudrate, databits, pariteit)
plaatsvinden, als waarmee het meetinstrument werkt.
Na een succesvolle initialisatie wordt het modem met een speciale (nul-)
modemkabel op het instrument aangesloten.
Er zijn slechts drie aders nodig (TxD, RxD, GND).
Opmerking: De originele kabel van het modem kan hiervoor niet worden gebruikt,
omdat het instrument en het modem dezelfde PIN-bezetting op de
interface-connector hebben.
Het modem, dat op de PC werkt, hoeft niet te worden geïnitialiseerd. De verbinding
met de PC volgt met de originele modemkabel (normaal gesproken met de modem
meegeleverd).
De eerste verbinding wordt als volgt opgebouwd:
Kies in de PC-software "Instrumentinstellingen aanwijzing/wijzigen - nieuw instrument"
- Instrument kiezen, interface-parameters handmatig instellen (COM, Baudrate,
aantal databits, pariteit)
- Overdrachtskeuze voor instrumentinstellingen - modem
- Keuzeproces, kengetal, kiescommando en telefoonnummer invoeren.
- OK
zie 'Appendix'.

Hoofdstukken

loading