1.3 Gevaren
Elektrische veiligheid
De UltiMaker S7 wordt gevoed door netspanning, wat gevaarlijk is bij aanraking. Alleen bekwame en
geïnstrueerde personen mogen de onderkant van de printer verwijderen. Controleer altijd de plaatselijke
voorschriften voordat u de bodemafdekking verwijdert.
D e printer moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. Controleer of het gebouw is voorzien van
speciale voorzieningen die beveiligen tegen overspanning en kortsluiting. Gebruik een installatieautomaat met
een maximaal toelaatbare stroomsterkte van 16A.
Gebruik alleen de originele stroomkabel die bij het apparaat is geleverd. Beschadig, knip en repareer de kabel
niet. Vervang een beschadigde kabel onmiddellijk door een nieuwe.
H aal voorafgaand aan onderhoud of aanpassingen altijd de stekker van het product uit het stopcontact, tenzij
expliciet anders wordt vermeld voor bepaalde (onderhouds)processen.
Mechanische veiligheid
Beknelling- en verstrikkingsgevaar. Reik vanwege de kans op beknelling niet met uw hand in het bovenste
deel van de printer als deze actief is. Leun niet over de printer heen als deze actief is; haar, sieraden en/
of sjaals kunnen erin verstrikt raken. Hoewel het pijnlijk kan zijn, is het niet waarschijnlijk dat de gebruiker
verwondingen zal oplopen door beknelling of verstrikking in de aandrijfriemen.
Beklemming- en beknellingsgevaar. Het platform heeft een beperkte kracht, maar kan kleine verwondingen
veroorzaken. Blijf daarom buiten bereik van het platform als het apparaat actief is.
H aal voorafgaand aan onderhoud of aanpassingen altijd de stekker van het product uit het stopcontact, tenzij
expliciet anders wordt vermeld voor bepaalde (onderhouds)processen.
Risico op brandwonden
Waarschuwing voor heet oppervlak. Er is kans op brandwonden. De printkoppen van UltiMaker 3D-printers
kunnen temperaturen boven de 200 °C bereiken en het verwarmde bed temperaturen boven de 100 °C.
Raak deze onderdelen niet met blote handen aan. Dit symbool staat ter waarschuwing op de printkop en
op het printplatform.
L aat de UltiMaker 3D-printers voldoende afkoelen voordat ze binnenkomen of onderhoud of aanpassingen
uitvoeren, tenzij expliciet anders vermeld voor bepaalde processen. Wacht altijd tot het display aangeeft dat
het platform is afgekoeld tot een veilige temperatuur.
Emissiewaarschuwing
T ijdens het 3D-printen kunnen ultrafijne deeltjes (UFP), vluchtige organische stoffen (VOS) en andere
chemische stoffen worden uitgestoten. Boven bepaalde concentraties (MAC-waarden) kunnen deze emissies
een risico vormen. Deze concentraties worden beïnvloed door het filament en de hechting die u gebruikt,
printomstandigheden (zoals de printtemperatuur), het volume en de ventilatiewaarde van de ruimte en het
aantal printers in een ruimte.
De UltiMaker-producten zijn ontworpen voor gebruik met UltiMaker-materialen en kunnen worden gebruikt met
materialen van andere leveranciers.
NL
UltiMaker S7
Installatie- en gebruikershandleiding
5