Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina
Inhoudsopgave
Beschikbare talen

Beschikbare talen

NL
Bedieningshandleiding................................................... 6
DA
Betjeningsvejledning ...................................................... 37
Bruksanvisning ............................................................... 67
SV
Käyttöohjeet .................................................................... 96
FI
Rev. 03 / 10.13
ROTOLAVIT
Hettich AG
AB1006NLDASVFI

Hoofdstukken

Inhoudsopgave
loading

Samenvatting van Inhoud voor Hettich ROTOLAVIT

  • Pagina 2 Fig. 1 START SPIN PROG t/ min:s WASH 3500 9:30 STOP SALINE CHECK Fig. 2 ROTOLAVIT Fig. 3 Fig. 4 2/126...
  • Pagina 3 4000225 tot ... vitrodiagnostiek Wascentrifuge Helmer UCW vanaf serienummer 0002870 tot ... Vi erklærer som Vaskecentrifuge Hettich Rotolavit fra serienummer 1000112 til ... eneansvarlige, at Vaskecentrifuge Hettich Rotolavit fra serienummer 2000600 til ... medicinalproduktet til in-vitro- Vaskecentrifuge Medion DACIII fra serienummer 4000225 til ...
  • Pagina 5 +41 44 786 80 21 mail@hettich.ch, info@hettich.ch www.hettich.ch © 2003 by Hettich AG All rights reserved. No part of this publication may be reproduced without the written prior permission of the copyright owner. Wijzigingen voorbehouden! , Ret til ændringer forbeholdes! , Ändringar förbehålles! , Oikeudet muutoksiin pidätetään! AB1006NLDASVFI / Rev.
  • Pagina 6: Inhoudsopgave

    Inhoudsopgave Reglementair gebruik..............................8 Restrisico's ................................8 Technische gegevens.............................8 Veiligheidsaanwijzingen............................9 Betekenis van de symbolen ..........................10 Leveromvang ................................10 Uitpakken van de centrifuge ..........................10 Inbedrijfstelling..............................11 3-wegkraan (alleen bij centrifuge met 3-wegkraan) ....................12 Deksel openen en sluiten..........................12 10.1 Deksel openen ............................12 10.2 Deksel sluiten.............................12 Inzetten en uitnemen van de rotor........................12 Beladen van de rotor............................13 Bedienings- en weergave-elementen........................13 13.1...
  • Pagina 7 15.3.2 Wassen met aansluitende suspensie zonder schudden van de suspensie ........26 15.3.3 Wassen met aansluitende suspensie met schudden van de suspensie ..........27 15.3.4 Alleen suspensie zonder schudden ....................27 15.3.5 Alleen suspensie met schudden ......................27 15.3.6 Centrifugeerproces met decanteren....................28 15.3.7 Centrifugeerproces met programma SPIN (S) ..................28 Noodstop................................28 Vulvolumeregeling.............................28 Instellen van het rotortype ..........................29...
  • Pagina 8: Reglementair Gebruik

    Dit apparaat is uitsluitend voor deze toepassing bestemd. Een andere of uitgebreidere toepassing geldt als oneigenlijk. Voor hieruit voortkomende beschadigingen aanvaardt de firma Hettich AG geen aansprakelijkheid. Tot het gebruik overeenkomstig de bestemming behoort ook het in acht nemen van alle aanwijzingen uit de bedieningshandleiding en het naleven van de inspectie- en onderhoudswerkzaamheden.
  • Pagina 9: Veiligheidsaanwijzingen

    Veiligheidsaanwijzingen Als niet alle aanwijzingen in deze bedieningshandleiding worden opgevolgd, dan kan er bij de fabrikant geen garantieclaim worden ingediend.  De centrifuge moet zodanig geplaatst worden, dat deze stabiel kan functioneren.  Tijdens een centrifugatieloop mogen conform EN / IEC 61010-2-020, in een veiligheidsbereik van 300 mm om de centrifuge heen, zich geen personen, gevaarlijke stoffen en voorwerpen bevinden.
  • Pagina 10: Betekenis Van De Symbolen

     Er mogen alleen originele reserveonderdelen en toegelaten originele accessoires van de firma Hettich AG worden gebruikt.  Met bloed besmette delen (bv. rotor, centrifugeertrommel) moeten het vervangen in de speciale containers voor met bloed besmet materiaal worden gedeponeerd.  De volgende veiligheidsvoorschriften zijn van toepassing: EN / IEC 61010-1 en EN / IEC 61010-2-020 en hun nationale afwijkingen.
  • Pagina 11: Inbedrijfstelling

    Inbedrijfstelling  Conform de norm voor laboratoriumapparaten EN / IEC 61010-2-020 moet in de huisinstallatie een noodschakelaar zijn aangebracht voor de onderbreking van de stroomtoevoer in geval van storing. Deze schakelaar moet buiten de centrifuge geplaatst zijn, bij voorkeur buiten de ruimte waarin de centrifuge zich bevindt, of naast de ingang van deze ruimte.
  • Pagina 12: 3-Wegkraan (Alleen Bij Centrifuge Met 3-Wegkraan)

    (NaCl) op gedestilleerd water (H Aansluitingen: NaCl: Toevoerslang ( 7 mm) van de fysiologische zoutoplossing. O: Toevoerslang ( 7 mm) van het gedestilleerde water. ROTOLAVIT: Verbindingsslang met het apparaat. ROTOLAVIT NaCl Posities van de 3-wegkraan: NaCl: Het systeem is verbonden met de fysiologische zoutoplossing.
  • Pagina 13: Beladen Van De Rotor

    Beladen van de rotor  De rotoren en ophangingen mogen uitsluitend symmetrisch worden beladen. Toegelaten combinaties zie hoofdstuk "Anhang/Appendix, Rotoren und Zubehör/Rotors and accessories". Om te verhinderen dat de fysiologische zoutoplossing van de niet gebruikte rotorplaatsen tijdens het centrifugeren in de centrifugeertrommel wordt gesproeid, moeten altijd alle rotorplaatsen met centrifugebuizen worden gevuld.
  • Pagina 14: Instelmogelijkheden

     De wascyclus, het aanmaken van de suspensie, het centrifugeerproces voor het versnellen van de STOP agglutinatiereactie, het centrifugeerproces met het centrifugeerprogramma Spin en het reinigingsprogramma (Clean Program) afsluiten. De rotor loopt met een vast ingestelde remfase uit. De LED in de toets blijft branden tot de rotor stilstaat.
  • Pagina 15: Programmaparameters (Parameters Voor Programma 1 T/M 5)

    De instelmogelijkheid van de programmaparameter SpinDecant activeren of deactiveren. SpinDecantM. Instelbaar: YES of NO. Vooringesteld op NO. YES = programmaparameter SpinDecant is selecteerbaar. NO = programmaparameter SpinDecant is niet selecteerbaar. SOUND / BELL OFF Akoestisch signaal (zie hoofdstuk "Akoestisch signaal"). Instelbaar: ON1 of OFF. Vooringesteld op ON1.
  • Pagina 16: Programmaparameters Voor Het Centrifugeerprogramma Spin

    13.3.3 Programmaparameters voor het centrifugeerprogramma Spin Instelling van de parameters: zie hoofdstuk "Centrifugeerprogramma Spin invoeren". Spin(rpm) Toerental voor het centrifugeerproces. Er kan een waarde worden ingesteld van 500 RPM tot 3500 RPM in stappen van 10. Tspin(min), Tijdsduur van het centrifugeerproces. Instelbaar van 0 - 9 min 59 sec, naar keuze in stappen van 1 Tspin(sec) seconde of 1 minuut.
  • Pagina 17: Programmaoproep

    14.4 Programmaoproep  De gewenste programmaplaats door het drukken op de toets selecteren. De centrifugegegevens van de geselecteerde programmaplaats worden weergegeven. Na het kiezen van het reinigingsprogramma wordt CLEAN PROGRAM aangegeven.  De parameters kunnen door het drukken op de toets worden gecontroleerd.
  • Pagina 18: Wasproces

    15.1.1 Wasproces Wasproces Eerste wascyclus Laatste wascyclus FILL SPIN DCNT DOWN AGIT FILL SPIN DCNT DOWN * De functie kan worden gekozen of de keuze kan ongedaan worden gemaakt Een wasproces bestaat uit meerdere opeenvolgende automatisch verlopende wascycli. Het aantal wascycli is instelbaar.
  • Pagina 19: Suspensie

    15.1.2 Suspensie SUSP AGIT * De functie kan worden gekozen of de keuze kan ongedaan worden gemaakt Een suspensie kan met of zonder een voorafgaand wasproces worden vervaardigd. De buisjes worden bij een toerental van 1100 RPM met een selecteerbare hoeveelheid fysiologische zoutoplossing gevuld. Het aanmaken van de suspensie kan worden gekozen, of de keuze kan ongedaan worden gemaakt.
  • Pagina 20: Centrifugeerprogramma Spin

    15.1.4 Centrifugeerprogramma Spin SPIN Op de programmaplaats Spin (S) kan een centrifugeerprogramma worden opgeslagen. In dit programma kunnen alleen het toerental en de looptijd ingesteld worden. 15.1.5 Reinigingsprogramma (Clean Program) Om de vorming van zoutkristallen te vermijden, moet het systeem dagelijks, na het gebruik, met gedestilleerd water gespoeld worden.
  • Pagina 21: Functies Combineren

    15.2 Functies combineren De gebruiker bepaalt door de zorgvuldige bediening van de centrifuge de nauwkeurigheid van de testresultaten. Wordt het toegelaten gewichtsverschil binnen de lading van de rotor overschreden, dan schakelt de aandrijving tijdens het starten uit, de onbalansweergave licht op en IMBALANCE wordt weergegeven. Een functie kan elk gewenst moment door te drukken op de toets afgebroken worden.
  • Pagina 22 Schudden. AGIT wordt aangegeven. PROG t/ min:s 1 3 3 AGIT De stappen 1 t/m 5 worden zo vaak herhaald tot alle wascycli zijn uitgevoerd. Er wordt alleen geschud indien de functie is geactiveerd (globale parameter Shakings > "0" of globale parameter ShakeT (min) >...
  • Pagina 23: Centrifugeerproces Voor Het Versnellen Van De Agglutinatiereactie Uitvoeren

    15.2.2 Centrifugeerproces voor het versnellen van de agglutinatiereactie uitvoeren  Het antihumaanglobulineserum in de buisjes doen en het centrifugedeksel sluiten.  De toets indrukken. De rotatie-indicator brandt zolang de rotor draait. SPIN Schudden. Aangegeven wordt Spin en AGIT. PROG t/ min:s 1 Spin AGIT Er wordt alleen geschud indien de functie is geactiveerd (globale parameter Agit.SpinM.
  • Pagina 24: De Proeven Tijdens Het Wasproces Of Bij Het Aanmaken Van De Suspensie Controleren

     Na het aanmaken van de suspensie of bij het afbreken met behulp van de toets , vindt de uitloop plaats STOP met een vast ingestelde remfase. De remfase wordt aangegeven. Weergave bij stilstand van de rotor: PROG t/ min:s Man.
  • Pagina 25 Schudden. Aangegeven wordt Clean en AGIT. PROG t/ min:s Clean AGIT Decanteren. Aangegeven wordt Clean en DCNT. PROG t/ min:s Clean 600 DCNT  Na het voltooien of na het afbreken van het reinigingsprogramma door het bedienen van de toets , volgt de STOP uitloop met een vast ingestelde remfase.
  • Pagina 26: Voorbeelden Van De Functiekeuze

    15.3 Voorbeelden van de functiekeuze Het instellen van de vet gemarkeerde waarden is voor het uitvoeren van de verschillende functies absoluut noodzakelijk. De instelling van de globale parameters heeft invloed op de programmaparameters voor programma 1 t/m 5. Hieronder worden telkens 2 mogelijkheden aangegeven voor het instellen van de verschillende functies. 15.3.1 Wassen met aansluitend centrifugeren met schudden Basisprogramma voor kruisproef...
  • Pagina 27: Wassen Met Aansluitende Suspensie Met Schudden Van De Suspensie

    15.3.3 Wassen met aansluitende suspensie met schudden van de suspensie Instellingen Instellingen Globale parameters Programmaparameters Globale parameters Programmaparameters Shakings #Cyc/wash Shakings #Cyc/wash Susp.Agit. SalWash/ml Susp.Agit. SalWash/ml Wash(rpm) 3500 Wash(rpm) 3500 Twash(min), 0:35 Twash(min), 0:35 Twash(sec) Twash(sec) Decant(rpm) Decant(rpm) D.SpinDown (s) DSpinDown D.SpinDown (s) SuspensionM.
  • Pagina 28: Centrifugeerproces Met Decanteren

    15.3.6 Centrifugeerproces met decanteren Instellingen Instellingen Globale parameters Programmaparameters Globale parameters Programmaparameters Shakings #Cyc/wash Shakings #Cyc/wash Susp.Agit. SalWash/ml Susp.Agit. SalWash/ml Wash(rpm) 3500 Wash(rpm) 3500 Twash(min), 0:35 Twash(min), 0:35 Twash(sec) Twash(sec) Decant(rpm) Decant(rpm) D.SpinDown (s) DSpinDown D.SpinDown (s) SuspensionM. SalSusp/ml SuspensionM. Agit.SpinM.
  • Pagina 29: Instellen Van Het Rotortype

     Met de toetsen de correctiewaarde instellen. Er kan een waarde van 20 tot –20 worden ingesteld. Een wijziging met 1 komt overeen met een vulvolumewijziging van 0,5% van het gemeten vulvolume.   Correctiew aarde afwijking (ml) gemeten vulvolume (ml) Afwijking (ml) = gewenst vulvolume (ml) –...
  • Pagina 30: Relatieve Centrifugaalversnelling (Rcf)

    Relatieve centrifugaalversnelling (RCF) De relatieve centrifugaalversnelling (RCF) wordt aangegeven als veelvoud van de aardversnelling (g). Het is een getalswaarde zonder eenheid en dient om het scheidend vermogen en de sedimentatie te vergelijken. De berekening gebeurt volgens de formule:   ...
  • Pagina 31: Verzorging En Onderhoud

    Verzorging en onderhoud Het apparaat kan gecontamineerd zijn. Voor de reiniging de netstekker uittrekken. Uit veiligheidsoverwegingen moeten bij het reinigen van apparaten voor de bloedverwerking handschoenen en een ademmasker worden gedragen. Voordat een andere als de door de fabrikant aanbevolen reinigings- of decontaminatiemethode wordt toegepast, moet de gebruiker er zich bij de fabrikant van verzekeren, dat de voorziene methode het apparaat niet beschadigt.
  • Pagina 32: Rotor

     Verwijderen van radioactieve besmettingen:  Het middel moet speciaal bestemd zijn voor het verwijderen van radioactieve besmettingen.  Bestanddelen van geschikte middelen voor het verwijderen van radioactieve besmettingen: anionische oppervlakteactieve stoffen, niet-ionische oppervlakteactieve stoffen, gepolyhydreerd ethanol.  Na het verwijderen van de radioactieve besmettingen moeten de resten van het middel worden verwijderd door na te vegen met een vochtige doek.
  • Pagina 33: Systeem Met Reinigingoplossing Reinigen

    24.5 Systeem met reinigingoplossing reinigen 24.5.1 Apparaat zonder 3-wegkraan  Ca. 400 ml aanmaken van een natrium-hypochloriet-reinigingsoplossing van 0,5 %.  De toevoerslang van het reservoir van de fysiologische zoutoplossing afkoppelen en verbinden met het reservoir van de reinigingsoplossing.  Met het reinigingsprogramma (Clean Program) het systeem met reinigingsoplossing doorspoelen en vullen, zie hoofdstuk "Systeem met reinigingsprogramma (Clean Program) doorspoelen".
  • Pagina 34: Storingen

    Storingen Kan de fout volgens de storingstabel niet worden opgeheven dan moet de klantenservice op de hoogte worden gesteld. Vermeld het centrifugetype en het serienummer. Beide nummers zijn terug te vinden op het typeplaatje van de centrifuge. 25.1 Bedieningsfouten Fout Oorzaak Oplossing ...
  • Pagina 35: Foutmeldingen

    25.2 Foutmeldingen Een SPANNINGSRESET uitvoeren:  De spanningschakelaar uitschakelen (schakelaarstand "0").  Minstens 10 seconden lang wachten en aansluitend de spanningschakelaar weer inschakelen (schakelaarstand "  "). Indicatie / Storing Reden Verhelpen  geen spanning.  Verzorgingsspanning controleren. geen indicatie ...
  • Pagina 36: Zekering Vervangen

    Voor het terugsturen van het apparaat moet de transportbeveiliging ingebouwd worden. Als het apparaat of diens accessoires aan de firma Hettich AG teruggestuurd worden, dan moeten deze, om personen, milieu en materiaal te beschermen, voor verzending ontsmet en gereinigd worden.

Inhoudsopgave