Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina
Verberg thumbnails Zie ook voor ROTANTA 460:
Inhoudsopgave
Beschikbare talen
  • NL

Beschikbare talen

NL
Bedieningshandleiding ...................................................... 10
DA
Betjeningsvejledning ......................................................... 58
SV
Bruksanvisning...................................................................101
FI
Käyttöohjeet........................................................................145
18 / 10.2021
Rev.
ROTANTA 460
ROTANTA 460 R
ROTANTA 460 RC
ROTANTA 460 RF
Andreas Hettich GmbH & Co. KG
AB5650NLDASVFI

Hoofdstukken

Inhoudsopgave
loading

Samenvatting van Inhoud voor Hettich ROTANTA 460

  • Pagina 2 PROG t/min 4500 12:30 STOP PROG TIME OPEN Fig. 2 ROTANTA 460 START PROG T/°C t/min 4500 12:30 STOP PROG T/°C TIME OPEN Fig. 3 ROTANTA 460 R, ROTANTA 460 RC, ROTANTA 460 RF 2/225 Rev. 18 / 10.2021 AB5650NLDASVFI...
  • Pagina 3 AB5650NLDASVFI Rev. 18 / 10.2021 3/225...
  • Pagina 4 4/225 Rev. 18 / 10.2021 AB5650NLDASVFI...
  • Pagina 5 Geldende normen en voorschriften voor dit apparaat Het apparaat is een product met een zeer hoog technisch niveau. Het is onderworpen aan uitgebreide keurings- en certificatieprocedures overeenkomstig de volgende normen en voorschriften in hun respectievelijk geldende versie: Elektrische en mechanische veiligheid voor constructie en eindkeuring: Standaard bouwserie: IEC 61010 (stemt overeen met de normenreeks DIN EN 61010) ...
  • Pagina 9 0483 © 2010 by Andreas Hettich GmbH & Co. KG All rights reserved. No part of this publication may be reproduced without the prior written permission of the copyright owner. Wijzigingen voorbehouden! , Ret til ændringer forbeholdes! , Ändringar förbehålles! , Oikeudet muutoksiin pidätetään! AB5650NLDASVFI / Rev.
  • Pagina 10: Inhoudsopgave

    Inhoudsopgave Gebruik overeenkomstig de bestemming .........................13 Restrisico's ................................13 Technische gegevens .............................14 Veiligheidsaanwijzingen............................17 Betekenis van de symbolen ..........................19 .................................20 Leveromvang Transport en bewaring............................20 Transport ...............................20 Bewaring ...............................20 Uitpakken van de centrifuge ..........................20 Inbedrijfstelling..............................21 Interface (alleen bij centrifuge met interface) ....................22 Deksel openen en sluiten ..........................22 11.1 Deksel openen ............................22 11.2...
  • Pagina 11 20.4.3 Programmakoppeling oproepen......................36 20.5 Automatisch tijdelijk geheugen........................36 Centrifugatie ..............................37 21.1 Centrifugeren met tijdinstelling ........................37 21.2 Continuloop..............................38 21.3 Korte tijd centrifugeren ..........................38 Instellingen wijzigen tijdens de centrifugatieloop ....................38 Integral RCF ..............................38 23.1 Integral RCF opvragen..........................38 23.2 Weergave van de Integral RCF activeren of deactiveren................39 Noodstop ................................39 Cyclusteller................................39 25.1...
  • Pagina 12 45.1.2 Oppervlaktedesinfectie ........................52 45.1.3 Verwijderen van radioactieve besmettingen ..................52 45.2 Rotoren en accessoires ..........................53 45.2.1 Reiniging en onderhoud........................53 45.2.2 Desinfectie ............................53 45.2.3 Verwijderen van radioactieve besmettingen ..................54 45.2.4 Draagpennen ............................54 45.2.5 Rotoren en accessoires met beperkte gebruiksduur................54 45.3 Steriliseren ..............................54 45.4 Centrifugeervaten ............................54 Storingen................................55...
  • Pagina 13: Gebruik Overeenkomstig De Bestemming

    Een andere of uitgebreidere toepassing geldt als oneigenlijk. Voor hieruit voortkomende beschadigingen aanvaardt de firma Andreas Hettich GmbH & Co. KG geen aansprakelijkheid. Tot het gebruik overeenkomstig de bestemming behoort ook het in acht nemen van alle aanwijzingen uit de bedieningshandleiding en het naleven van de inspectie- en onderhoudswerkzaamheden.
  • Pagina 14: Technische Gegevens

    Technische gegevens Andreas Hettich GmbH & Co. KG Fabrikant D-78532 Tuttlingen Model ROTANTA 460 ROTANTA 460 R 5660, 5660-20, Type 5650 5650-01 5660-07 5660-77 5660-70 5660-50 Netspanning ( 10%) 200–240 V 1 100–127 V 1 200–240 V 1 200–240 V 1...
  • Pagina 15 Andreas Hettich GmbH & Co. KG Fabrikant D-78532 Tuttlingen ROTANTA ROTANTA Model ROTANTA 460 R 460 RC 460 RF 5660-01, 5670, 5675, Type 5660-51 5670-50 5675-50 Netspanning ( 10%) 100 – 127 V 1 100 V 1 200 – 240 V 1...
  • Pagina 16 Andreas Hettich GmbH & Co. KG Fabrikant D-78532 Tuttlingen Model ROTANTA 460 RF 5675-01, Type 5675-51 Netspanning ( 10%) 100 – 127 V 1 100 V 1 Netfrequentie 60 Hz 50 Hz Aansluitwaarde max. 2000 VA Koelmiddel R452A Capaciteit max.
  • Pagina 17: Veiligheidsaanwijzingen

    De centrifuge mag niet meer in gebruik worden genomen, wanneer de centrifugeruimte veiligheidsrelevante beschadigingen vertoont.  Bij vrijzwaaiende rotoren moeten de draagpennen regelmatig worden ingevet (Hettich-smeervet nr. 4051), om een gelijkmatig vrijzwaaien van de ophangingen te garanderen.  Bij centrifuges zonder temperatuurregeling kan er bij een verhoogde kamertemperatuur en/of bij frequent gebruik van het apparaat een verhitting van de centrifugeruimte ontstaan.
  • Pagina 18  Reparaties mogen alleen door personen worden uitgevoerd die hiertoe door de fabrikant geautoriseerd werden.  Er mogen alleen originele reserveonderdelen en toegelaten originele accessoires van de firma Andreas Hettich GmbH & Co. KG worden gebruikt.
  • Pagina 19: Betekenis Van De Symbolen

    Betekenis van de symbolen Symbool op het apparaat: Let op, algemeen gevaarpunt. Symbool op het apparaat: Bedieningshandleiding in acht nemen. Dit symbool geeft aan dat de gebruiker de beschikbaar gestelde bedieningshandleiding in acht moet nemen. Symbool in dit document: Opgelet algemeen gevaarlijk punt. Dit pictogram duidt op aanwijzingen in verband met veiligheid en wijst op eventuele gevaarlijke situaties.
  • Pagina 20: Leveromvang

    "n" voor het aantal toegelaten pakketten staat.Het onderste pakket is niet in "n" inbegrepen. Leveromvang Aansluitkabel 1 Enkele gaffelsleutel, formaat 10 mm (alleen ROTANTA 460 RF) 1 Dubbele gaffelsleutel, formaat 17/19 mm (alleen ROTANTA 460 RF) Zeskante stiftsleutel 2,5 mm...
  • Pagina 21: Inbedrijfstelling

    Er moet een afstand van 300 mm van de ventilatiegleuven en ventilatieopeningen van de centrifuge worden aangehouden.  Bij de centrifuge ROTANTA 460 RC de remmen op de keerrollen naar beneden drukken, om de keerrolen te blokkeren, zie bijgevoegd instructieblad AH5670XX. ...
  • Pagina 22: Interface (Alleen Bij Centrifuge Met Interface)

    Interface (alleen bij centrifuge met interface) Optioneel kan het apparaat worden uitgerust met een interface RS232. IOIOI De interface RS232 is gemarkeerd met het symbool RS232 Via deze interface kan de centrifuge worden bestuurd en kunnen gegevens worden opgevraagd. De LED in de toets brandt tijdens de datacommunicatie.
  • Pagina 23: Ophanging In De Rotor Plaatsen En Verwijderen

    Ophanging in de rotor plaatsen:  De rotor op stevige bevestiging controleren.  De draagpen (C) invetten (Hettich-smeervet nr. 4051).  De ophanging (A) in de rotor plaatsen. Daarbij moet ervoor worden gezorgd dat de draagpennen (C) zich in de groeven (B) van de ophanging bevinden.
  • Pagina 24: Beladen Van De Rotor

    Beladen van de rotor Standaard centrifugebuizen van glas zijn niet bestand tegen g-waar den hoger dan 4000 (DIN 58970, pagina 2).  De rotor controleren op vaste passing.  Bij vrijzwaaiende rotoren moeten alle rotorplaatsen van dezelfde ophangingen voorzien zijn. Bepaalde ophangingen zijn gemarkeerd met het nummer van de rotorplaats.
  • Pagina 25  De door de fabrikant aangegeven maximale vulhoeveelheid van de centrifugeervaten mag niet worden overschreden. Bij hoekrotoren mogen de centrifugeerbuizen Vloeistof slechts zo ver worden gevuld, dat er tijdens het centrifugeerproces geen vloeistof uit de buizen kan worden geslingerd. Centrifugale kracht ...
  • Pagina 26: Bio-Veiligheidssystemen Afsluiten

    Bio-veiligheidssystemen afsluiten Om dichtheid te waarborgen, moet het deksel van een bio-veiligheidssysteem vast afgesloten worden. Om te voorkomen dat de afdichtingsring verdraaid wordt tijdens het openen en sluiten van het deksel moet de afdichtingsring licht ingewreven worden met een rubber-onderhoudsmiddel. Wordt de ophanginrichting van een bio-veiligheidssysteem zonder het deksel gebruikt, moet de afdichting van de ophanginrichting worden verwijderd om beschadiging van de afdichtring tijdens het centrifugeerverloop te vermijden.
  • Pagina 27 Deksel met beugel en spanslot open close  Zwenk de beugel in de positie " open " (a). De pijlen van de tekst " open " moeten naar onder gericht zijn, zodat de tekst "open" leesbaar is.  Zet het deksel zodanig op de ophanging, dat de beide tappen van het deksel zich in de beide openingen van de beugel (c) bevinden.
  • Pagina 28: Inpakinstructie Hettliner

    Inpakinstructie HettLiner 17.1 Inpakken voor het centrifugeren Aanwijzing: Zorg ervoor dat het kunststofelement bij het laden en ontladen van de inzetelementen niet kan kantelen (laadhulp 4509 gebruiken).  Bloedzak (a) in het inzetelement (b) plaatsen.  Bloedzak vasthouden aan de aansluitingen (c) en de steunplaat (d) aan de buitenzijde van de bloedzak van boven naar onder in het...
  • Pagina 29: Uitpakken Na Het Centrifugeren

     Balanceergewichten moeten, indien nodig, tussen de omgeklapte steunplaat en de bekerwand worden gelegd. 17.2 Uitpakken na het centrifugeren  Satellietzak uit het inzetelement trekken en ondertussen de siliconenplaat met één hand fixeren.  Het omgeklapte deel van de steunplaat langzaam aan de daarvoor voorziene lus uittrekken! →...
  • Pagina 30: Bedienings- En Weergave-Elementen

    Bedienings- en weergave-elementen Zie afbeelding op pagina 2. Fig. 2: Weergave- en bedieningsveld 18.1 Draaiknop Voor het instellen van de afzonderlijke parameters. Als u tegen de wijzers van de klok in draait, wordt de waarde lager. Draait u met de wijzers van de klok mee, dan wordt de waarde hoger.
  • Pagina 31  Temperatuur (alleen bij centrifuge met koeling) T/°C Instelbaar in graden Celsius (°C) of in graden Fahrenheit (°F). Instelling van de temperatuureenheid, zie Hoofdstuk "Temperatuureenheid instellen". Parameter T/°C = graden Celsius (°C). Instelbaar van -20 °C tot +40 °C, in stappen van 1 °C (bij optie Verwarmen/Koelen van -20 °C tot +90 °C instelbaar).
  • Pagina 32: Centrifugatieparameters Invoeren

    Centrifugatieparameters invoeren Het invoeren van de centrifugeerparameters is niet mogelijk, wanneer er een programmavergrendeling werd ingesteld. De functies van de verschillende programmavergrendelingen zijn beschreven in het hoofdstuk "Programmavergrendeling instellen". Indien na de selectie of tijdens de invoer van parameters 8 seconden lang geen toets wordt ingedrukt, dan worden op het display weer de vorige waarden weergegeven.
  • Pagina 33: Toerental (Rpm)

    19.3 Toerental (RPM)  De toets indrukken. De paramtere RPM wordt weergegeven.  Met de draaiknop de gewenste waarde instellen.  De toets indrukken,om de instelling in de weergave over te nemen. START 19.4 Relatieve centrifugale versnelling (RCF) en centrifugeerradius (RAD) De relatieve centrifugatieversnelling (RCF) is van de centrifugeerradius (RAD) afhankelijk.
  • Pagina 34: Remtrap En Uitlooptijd

    19.5.2 Remtrap en uitlooptijd B-remtrappen kunnen alleen worden ingesteld bij rotoren, die geschikt zijn voor het gebruik van bloedzakjes. Het instellen van de B-remtrappen is alleen mogelijk, als deze geactiveerd zijn, zie hoofdstuk "B-remtrappen activeren of deactiveren". Het instellen van uitlooptijden is alleen mogelijk, wanneer deze geactiveerd zijn, zie hoofdstuk "Aan- en uitlooptijden activeren of uitschakelen".
  • Pagina 35: Programma's Oproepen

    20.2 Programma's oproepen  De toets indrukken. De parameter RCL wordt weergegeven. PROG  Met de draaiknop de gewenste programmaplaats instellen. Als er achter de programmaplaats een "+" wordt weergegeven, dan zijn de gegevens beveiligd tegen overschrijven.  De toets indrukken.
  • Pagina 36: Programma's Koppelen Of Een Programmakoppeling Wijzigen

    20.4.2 Programma's koppelen of een programmakoppeling wijzigen Er kunnen 25 programmakoppelingen worden opgeslagen (programmaplaatsen A tot Z, programmaplaats J bestaat niet). Een programmakoppeling kan maximaal uit 20 programma's bestaan. In een programmakoppeling vindt de aanpassing van het toerental van één programma naar het volgende programma altijd plaats met de aanloopparameter van het volgende programma.
  • Pagina 37: Centrifugatie

    Centrifugatie Tijdens een centrifugatieloop mogen conform EN / IEC 61010-2-020, in een veiligheidsbereik van 300 mm om de centrifuge heen, zich geen personen, gevaarlijke stoffen en voorwerpen bevinden. Bij centrifuges met de optie Verwarmen / Koelen moet na een centrifugecyclus met een zeer hoge temperatuur (bijv.
  • Pagina 38: Continuloop

    21.2 Continuloop  De minuten, seconden en uren op "0" zetten of een continuloopprogramma oproepen (zie Hoofdstuk "Centrifugatieparameters invoeren" of "Programma's oproepen").  De toets indrukken. Het LED in de toets knippert totdat de rotor is ingelezen, daarna blijft het LED START START branden.
  • Pagina 39: Weergave Van De Integral Rcf Activeren Of Deactiveren

    23.2 Weergave van de Integral RCF activeren of deactiveren De weergave van de Integral RCF kan, bij stilstand van de rotor, als volgt geactiveerd of gedeactiveerd worden: Door op de toets te drukken, kan er in het menu achteruit worden gebladerd. T/°C De bewerking kan op ieder ogenblik worden afgebroken door op de toets te drukken.
  • Pagina 40: Na Het Starten Van De Eerste Centrifugatieloop Het Maximaal Toegestane Aantal Loopcycli Invoeren Of De Cyclusteller Deactiveren

    25.1 Na het starten van de eerste centrifugatieloop het maximaal toegestane aantal loopcycli invoeren of de cyclusteller deactiveren  Enter max cycles = 30000 wordt weergegeven. Met de draaiknop de op het ophangwerk aangegeven maximaal toegestane aantal loopcycli instellen. Bij rotoren en ophangingen, die niet gemarkeerd zijn met het maximaal toegestane aantal loopcycli, kan de cyclusteller worden uitgeschakeld.
  • Pagina 41: Cyclusteller Deactiveren Of Activeren

    25.3 Cyclusteller deactiveren of activeren De cyclusteller kan, bij stilstand van de rotor, als volgt worden geactiveerd of uitgeschakeld: Door op de toets te drukken, kan er in het menu achteruit worden gebladerd. T/°C De bewerking kan op ieder ogenblik worden afgebroken door op de toets te drukken.
  • Pagina 42: Remtrappen Activeren Of Deactiveren

    B-remtrappen activeren of deactiveren De B-remtrappen kunnen, bij stilstand van de rotor, als volgt geactiveerd of gedeactiveerd worden: Door op de toets te drukken, kan er in het menu achteruit worden gebladerd. T/°C De bewerking kan op ieder ogenblik worden afgebroken door op de toets te drukken.
  • Pagina 43: Akoestisch Signaal

    Akoestisch signaal Het akoestisch signaal weerklinkt:  na het optreden van een storing in 2 s-interval.  na beëindiging van de centrifugering en stilstand van de rotor in 30 s-interval. Door het openen van het deksel of het indrukken van een willekeurige toets wordt het akoestisch signaal beëindigd. Het akoestische signaal kan, bij stilstand van de rotor, als volgt worden geactiveerd of uitgeschakeld: Door op de toets te drukken, kan er in het menu achteruit worden gebladerd.
  • Pagina 44: Temperatuureenheid Instellen (Alleen Bij Centrifuge Met Koeling)

    Temperatuureenheid instellen (alleen bij centrifuge met koeling) De temperatuur kan in graden Celsius (°C) of in graden Fahrenheit (°F) worden ingegeven. Daartoe moet de temperatuureenheid, bij stilstand van de rotor, als volgt worden ingesteld: Door op de toets te drukken, kan er in het menu achteruit worden gebladerd. T/°C De bewerking kan op ieder ogenblik worden afgebroken door op de toets te drukken.
  • Pagina 45: Programmavergrendeling Instellen

    Programmavergrendeling instellen Bij stilstand van de rotor kunnen de volgende programmavergrendelingen worden ingesteld: LOCK 1 wordt in het veld " " weergegeven. LOCK 1 Programma's kunnen alleen worden opgeroepen, maar niet worden gewijzigd. LOCK 2 wordt in het veld " "...
  • Pagina 46: Pin (Persoonlijk Identificatienummer)

    PIN (persoonlijk identificatienummer) Om het wijzigen van de programmavergrendeling door ongeautoriseerde personen te verhinderen, kan er een PIN- code worden ingesteld. Vanuit de fabriek is er geen PIN-code ingesteld. 34.1 PIN instellen of wijzigen De PIN kan, bij stilstand van de rotor, als volgt worden ingesteld: De bewerking kan op ieder ogenblik worden afgebroken door op de toets te drukken.
  • Pagina 47: Adressen Van De Centrifuge

    Adressen van de centrifuge Het adres is standaard op ] = 29. adres ingesteld. De bedrijfsuren, de centrifugatielopen en de cyclusteller opvragen De bedrijfsuren zijn opgedeeld in interne en externe bedrijfsuren. Interne bedrijfsuren: Totale tijd dat het apparaat was ingeschakeld. Externe bedrijfsuren: Totale tijd van de centrifugatielopen tot nu toe.
  • Pagina 48: Weergave Van De Centrifugatiegegevens Onmiddellijk Na Het Inschakelen

    Weergave van de centrifugatiegegevens onmiddellijk na het inschakelen  De stroomschakelaar inschakelen. (positie van schakelaar ).  Bij de eerste optische wijziging van de weergave (inverse weergave) een willekeurige toets indrukken en ingedrukt houden. De centrifugatiegegevens worden onmiddellijk weergegeven. Koeling (alleen bij centrifuge met koeling) De gewenste temperatuurwaarde kan worden ingesteld van -20°C tot +40°C / -4°F tot +104°F.
  • Pagina 49: Inschakelen Van De Koeling Tijdens De Uitloop Verhinderen

    39.4 Inschakelen van de koeling tijdens de uitloop verhinderen Indien nodig kan ingesteld worden, dat aan het einde van de centrifugatieloop tijdens de uitloop, na het bereiken van een ingesteld toerental, de koeling niet meer inschakelt. Daardoor kan een eventueel opdwarrelen van het sediment in het monster voorkomen worden. Dit toerental is van 0 RPM t/m maximaal toerental van de rotor (Nmax) in stappen van 10 instelbaar.
  • Pagina 50: Relatieve Centrifugaalversnelling (Rcf)

     De toets zo vaak indrukken, tot Heater = on/off wordt weergegeven. T/°C  Met de draaiknop off of on instellen. off = Verwarming uitgeschakeld, on = Verwarming geactiveerd.  De toets indrukken om de instelling op te slaan. T/°C START De centrifugatiegegevens worden weergegeven.
  • Pagina 51: Centrifugeren Van Stoffen Of Stofmengsels, Met Een Hogere Dichtheid Dan 1,2 Kg/Dm

    Centrifugeren van stoffen of stofmengsels, met een hogere dichtheid dan 1,2 kg/dm Bij de centrifugering met maximaal toerental mag de dichtheid van de stoffen of van het stofmengsel 1,2 kg/dm niet overschrijden. Bij stoffen of stofmengsels met een hogere dichtheid moet het toerental worden gereduceerd. Het toegestane toerental kan met de volgende formule berekend worden: gereduceer toerental...
  • Pagina 52: Verzorging En Onderhoud

    Verzorging en onderhoud Het apparaat kan gecontamineerd zijn. Voor de reiniging de netstekker uittrekken. Voordat een andere als de door de fabrikant aanbevolen reinigings- of decontaminatiemethode wordt toegepast, moet de gebruiker er zich bij de fabrikant van verzekeren, dat de voorziene methode het apparaat niet beschadigt.
  • Pagina 53: Rotoren En Accessoires

    45.2 Rotoren en accessoires 45.2.1 Reiniging en onderhoud  Om corrosie en materiaalveranderingen te voorkomen moeten de rotors en de accessoires regelmatig met zeep of een mild reinigingsmiddel en een vochtige doek worden gereinigd. De reiniging wordt minstens één keer per week aanbevolen.
  • Pagina 54: Verwijderen Van Radioactieve Besmettingen

    De rotoren en de accessoires moeten onmiddellijk na het verwijderen van de radioactieve besmettingen worden gedroogd. 45.2.4 Draagpennen Bij vrijzwaaiende rotoren moeten de draagpennen regelmatig worden ingevet (Hettich-smeervet nr. 4051), om een gelijkmatig vrijzwaaien van de ophangingen te garanderen. 45.2.5 Rotoren en accessoires met beperkte gebruiksduur Het gebruik van bepaalde rotoren, ophangingen en accessoires is beperkt in de tijd.
  • Pagina 55: Storingen

    Storingen Kan de fout volgens de storingstabel niet worden opgeheven dan moet de klantenservice op de hoogte worden gesteld. Vermeld het centrifugetype en het serienummer. Beide nummers zijn terug te vinden op het typeplaatje van de centrifuge. Een SPANNINGSRESET uitvoeren: ...
  • Pagina 56 Indicatie / Storing Reden Verhelpen SENSOR-ERROR Fout / defect elektronica.  Een SPANNINGRESET uitvoeren. SENSOR-ERROR 91 - 93 Fout / defect onbalanssensor. NO ROTOR OR Geen rotor ingebouwd.  Deksel openen. ROTORCODE ERROR Tacho defekt.  Rotor inbouwen.  Toerental in het geselecteerde N >...
  • Pagina 57: Veiligheidsschakelaar Weer Inschakelen

    Voor het terugsturen van het apparaat moet de transportbeveiliging ingebouwd worden. Als het apparaat of diens accessoires aan de firma Andreas Hettich GmbH & Co. KG teruggestuurd worden, dan moeten deze, om personen, milieu en materiaal te beschermen, voor verzending ontsmet en gereinigd worden.

Deze handleiding is ook geschikt voor:

Rotanta 460 rRotanta 460 rcRotanta 460 rf

Inhoudsopgave