4 leds knipperen rood:
Er is sprake van een storing
in de accu.
1 led brandt rood:
De accu is te warm of te koud.
3 leds branden rood:
De grasmaaier is te warm.
3 leds knipperen rood:
Er is sprake van een storing
in de grasmaaier.
● Storingen verhelpen. (
7.6 Led op het oplaadapparaat
De led (3) geeft de status van het
oplaadapparaat aan. Deze kan
groen branden of rood knipperen.
De led brandt groen en de leds
op de accu branden of
knipperen groen:
De accu wordt geladen.
De led knippert rood:
Er is geen elektrisch contact
tussen de accu en het
oplaadapparaat of er is sprake
van een storing in de accu of
het oplaadapparaat.
Als de led groen brandt en 1 led op de
accu rood brandt, is de accu te warm of te
koud.
● Storingen verhelpen. (
68
8. Bedieningselementen
8.1 Veiligheidsstekker
De grasmaaier kan alleen in bedrijf
worden genomen als de
veiligheidsstekker in de voet achter de
accuhouder zit.
Kans op letsel!
Vóór alle
werkzaamheden aan het
apparaat, met name vóór het
transport, onderhouds- en
reinigingswerkzaamheden en vóór
19.)
de inspectie moet de
veiligheidsstekker eruit worden
getrokken. (
De deksel van het accuvak wordt
7
door twee magneten in gesloten
positie vastgezet.
● Open de deksel van het accuvak (1) en
houd deze in geopende stand vast.
● Uittrekken:
Trek de veiligheidsstekker (2) uit
voet (3) en bewaar deze gescheiden
van de grasmaaier.
Plaatsen:
Druk de veiligheidsstekker (2) geheel in
voet (3) en sluit het accuvak.
● Sluit de deksel van het accuvak (1).
8.2 Grasopvangbox
19.)
Monteren:
● Uitwerpklep (1) openen en
vasthouden.
● Haak de grasopvangbox (2) met de
● Uitwerpklep (1) sluiten.
Demonteren:
10
● Uitwerpklep (1) openen en vasthouden.
● Grasopvangbox (2) optillen en naar
● Uitwerpklep (1) sluiten.
8.3 Inhoudsindicatie
De door het mes gecreëerde
luchtstroom tilt de
inhoudsindicatie (1) omhoog. Als de
grasopvangbox is gevuld, stopt de
4.)
luchtstroom. Als de luchtstroom te gering
is, zakt de inhoudsindicatie (1) naar de
rusttoestand terug. Dit is een indicatie dat
de grasopvangbox moet worden geledigd.
Van een onbeperkte werking van de
inhoudsindicatie is alleen bij een optimale
luchtstroom sprake. Invloeden van
buitenaf, zoals vochtig, dicht of hoog gras,
lage snijtanden, vuil en dergelijke kunnen
de luchtstroom en de werking van de
inhoudsindicatie negatief beïnvloeden.
A De grasopvangbox wordt gevuld
B De grasopvangbox is gevuld
● Ledig de volle grasopvangbox (
11
bevestigingsnokken in de
bevestigingen (3) achterop het
apparaat.
achter wegnemen.
0478 131 9941 B - NL
12
11.4).