Gerelateerde informatie
7.8 Taal
7.9 Analoge uitg.
7.10 Bedrijfsmodus
7.11 Max. capaciteit
7.12 SlowMode
7.13 Stop na stroomuitval
7.14 FlowControl actief
7.14.2 AutoFlowAdapt
7.14.4 Sensorkalibratie
7.14.5 ConditionCheck
7.15 Autom. ontluchting
7.16 Kalibratie
7.17 Toetsblokkering
7.18 Display
7.19 Communicatie
7.20 Tijd
7.21 Datum
7.22 Ingangen/uitgangen
7.23 Basisinstellingen
7.24 Geavanceerde instell.
7.8 Taal
Bij levering is de menutaal ingesteld op Engels. In het menu
Instellingen > Taal kunt u de gewenste taal selecteren.
Zie de paragraaf De menutaal instellen.
Gerelateerde informatie
6.3 De menutaal instellen
7.9 Analoge uitg.
De parameters van de analoge uitgang van de pomp worden
ingesteld in het menu Instellingen > Analoge uitg..
De volgende instellingen zijn mogelijk:
Instelling
Beschrijving van uitgangssignaal
Analoge terugmelding (niet voor
master-slave-toepassing)
Uitgang =
Het signaal van de analoge ingang
ingang
wordt 1:1 aan de analoge uitgang
gekoppeld.
Huidige actuele capaciteit:
0/4 mA = 0%
Actuele
20 mA = 100%
debiet
7)
Zie de paragraaf Analoog 0-20 mA,
Analoog 4-20 mA.
In de doseerkop gemeten tegendruk:
4 mA = 0 bar
Tegendruk
20 mA = max. werkdruk
Zie de paragraaf Drukbewaking.
Wordt ingeschakeld via een opdracht
Busbesturing
in Busbesturing. Zie de paragraaf
Communicatie.
7)
Het signaal heeft dezelfde analoge weging als het huidige analoge
ingangssignaal.
8)
Bij de AR-C uitvoering is het uitgangssignaal gebaseerd op
motortoerental en pompstatus (beoogde capaciteit).
In alle bedrijfsmodi, behalve in de modus Analoog 0-20
mA, heeft de analoge uitgang een bereik van 4-20 mA.
De tegendrukwaarde die op het display wordt
weergegeven of op de analoge uitgang wordt gemeten, is
altijd de waarde van de laatste persslag.
Zie de paragraaf Signaalaansluitingen voor het bedradingsschema.
Gerelateerde informatie
5.4.1 Signaalaansluitingen
7.10 Bedrijfsmodus
VOORZICHTIG
Automatische start
Gering of beperkt persoonlijk letsel
‐
Bij het wijzigen van de bedrijfsmodus kan de pomp
automatisch starten.
‐
Stel de pomp in op de bedrijfstoestand "Stop" voordat
u de regelmodus wijzigt.
Verschillende bedrijfsmodi kunnen worden ingesteld in het menu
Instellingen > Bedrijfsmodus:
•
Handm.
•
Puls
•
Analoog 0-20 mA
•
Analoog 4-20 mA
•
Batch.
Gerelateerde informatie
7.10.1 Handm.
7.10.2 Puls
7.10.3 Analoog 0-20 mA, Analoog 4-20 mA
7.10.4 Batch
Uitvoering
X
X
X
8)
X
X
X
X
23