Download Print deze pagina

Nice RUN1500 Handleiding Voor Installatie En Gebruik pagina 14

7.2
PROGRAMMERING EERSTE NIVEAU (ON-OFF)
Alle functies van het eerste niveau zijn in de fabriek geprogrammeerd op "OFF" en kunnen op een willekeurig moment worden gewijzigd.
Raadpleeg "Tabel 6" om de verschillende functies na te gaan.
7.2.1 Procedure voor programmering op het eerste niveau
m
De programmeerprocedure geeft ongeveer 10 seconden tijd tussen het indrukken van de ene toets en de andere. Na
deze tijd wordt de procedure automatisch beëindigd en worden de tot dan toe gemaakte wijzigingen opgeslagen in het
geheugen.
Doe het volgende voor de programmering van het eerste niveau:
druk op de toets
1.
g
Laat de toets
2.
g
druk op de toets
3.
f
moet worden
druk op de toets
4.
g
– kort knipperen = OFF
– lang knipperen = ON
5.
wacht 10 seconden (maximale duur) om de programmering te verlaten.
l
Om andere functies op "ON" of "OFF" te programmeren moeten tijdens de uitvoering van de procedure de punten 2 en 3
tijdens de fase zelf worden herhaald.
FUNCTIES VAN HET EERSTE NIVEAU (ON-OFF)
Led
Functie
L1
Automatisch sluiten
L2
Terugloop na foto
L3
Altijd sluiten
L4
Stand-by
L5
Start
L6
Voorwaarschuwing
"Sluiten" wordt
L7
"Gedeeltelijk
openen"
Modus "Slave"
L8
(slaaf)
l
Tijdens de normale werking zijn de leds "L1 ... L8" aan of uit op basis van de status van de functie die ze vertegenwoordigen;
bv. "L1" brandt als "Automatische sluiting" actief is.
14 – NEDERLANDS
en houd deze ingedrukt tot de led "L1" begint te knipperen
los zodra de led "L1" begint te knipperen
of
om de knipperende led te verplaatsen naar de led die de functie vertegenwoordigt die gewijzigd
h
om de status van de functie te wijzigen:
Beschrijving
Functie ACTIEF: na een openingsmanoeuvre vindt er een pauze plaats (gelijk aan de geprogrammeerde Pauzetijd);
daarna start de besturingseenheid automatisch een sluitingsmanoeuvre. De fabriekswaarde van de Pauzetijd is gelijk
aan 30 sec.
Functie NIET ACTIEF: de werking is van het "semi-automatische" type.
Functie ACTIEF: Dit verandert al naargelang de functie "Automatische sluiting" al dan niet actief is.
Met "Automatische sluiting" niet actief: De poort gaat steeds helemaal open (ook als Foto eerder vrij komt). Bij het
vrijkomen van Foto gaat de poort automatisch weer dicht na een pauze van 5s.
Met "Automatische sluiting" actief: de openingsmanoeuvre wordt onmiddellijk na het vrijkomen van de fotocellen
onderbroken en de poort gaat automatisch weer dicht na een pauze van 5 sec.
De functie "Terugloop na foto" wordt altijd uitgeschakeld wanneer een manoeuvre met een Stop-instructie
onderbroken is.
Functie NIET ACTIEF: de pauzetijd heeft de geprogrammeerde duur of de poort gaat niet automatisch dicht als de
functie niet actief is.
Functie ACTIEF: in het geval van een stroomuitval, ook al is hij van korte duur, detecteert de besturingseenheid na
terugkeer van de elektrische stroom de open poort en start automatisch een sluitingsmanoeuvre, voorafgegaan door
5 sec. voorwaarschuwing.
Functie NIET ACTIEF: bij terugkeer van de elektrische energie blijft de poort waar hij is.
Functie ACTIEF: 1 minuut na afloop van de manoeuvre schakelt de besturingseenheid de uitgang BLUEBUS (en
dus de inrichtingen) en alle leds uit, met uitzondering van de led BLUEBUS die langzamer zal gaan knipperen.
Wanneer de besturingseenheid een instructie ontvangt, zal ze de volledige functionering herstellen.
Functie NIET ACTIEF: er is geen vermindering van het stroomverbruik.
Dit is vooral belangrijk bij werking met bufferbatterij.
Functie ACTIEF: de geleidelijke toename van snelheid bij het begin van elke manoeuvre wordt uitgeschakeld;
hiermee is het mogelijk de grootste kracht aan de start te verkrijgen. Dit is nuttig wanneer er een hoge statische
wrijving is, bijvoorbeeld in geval van sneeuw of ijs die de vleugel blokkeren.
Functie NIET ACTIEF: de manoeuvre begint met een geleidelijke toename van de snelheid.
Functie ACTIEF: er kan een pauze van 3 seconden ingelast worden tussen het aangaan van het knipperlicht en het
begin van de manoeuvre, om een gevaarlijke situatie van te voren te signaleren.
Functie NIET ACTIEF: de signalering van het knipperlicht heeft plaats op het moment dat de beweging begint.
Functie ACTIEF: de ingang "Close" van de besturingseenheid verandert zijn werking in "Gedeeltelijk openen".
Functie ACTIEF: het is mogelijk de werking van 2 motoren op tegenoverliggende vleugels te synchroniseren waarbij
één motor als Master werkt en één als Slave; zie voor meer details de paragraaf "Reductiemotor in SLAVE-modus".
Tabel 6
loading