Bedieningshandleiding
2.2.1.4 Standaard toetsenblok
Onder-
Naam
deel
1
Stroom aan/uit
2
Batterij-LED
3
Voedings-LED
Afleidingen toets
4
ECG toets
5
Ritme toets
6
7
Schrijver Stop
8
Pijltoetsen/Cursor besturingstoetsen
2053535-010 Revisie P
Beschrijving
Hiermee zet u het systeem aan of uit.
Geeft de verschillende statussen van de batterij aan:
• Een constant oranje brandend lampje betekent dat de batterij
wordt opgeladen.
• Een knipperend oranje lampje betekent dat de batterij bijna
leeg is.
• Geen brandend lampje betekent dat de batterij niet wordt
opgeladen en niet bijna leeg is.
Geeft aan dat het apparaat op het stopcontact is aangesloten en
van netvoeding wordt voorzien.
Hiermee doorloopt u de elektroden en kunt u de weergave-inde-
ling voor de volgorde van de afleidingen selecteren.
Hiermee verkrijgt u de waarden van een ECG via 12-afleidingen.
Hiermee drukt u in realtime een constant ritme af.
Hiermee stopt u de registratiefunctie.
Hiermee verplaatst u de aanwijzer door menu's en vensters.
Voor beschrijvingen van het gebruik van de pijltoetsen en de be-
sturingstoetsen voor de cursor, zie
ken pagina
42.
MAC 2000 ECG-analysesysteem
2.2 Productspecificaties
2.2.3.3.2 De pijltoetsen gebrui-
Vervolgd
37/208