6. Laat de machine vooruitrijden op transportsnelheid
en trap het rempedaal in; beide remmen moeten in
gelijke mate blokkeren. Indien nodig instellen.
7. Het verdient aanbeveling de remmen elk jaar te
polijsten; zie Inrijperiode.
Onderhoud
bedieningsysteem
Achterste nokkenas afstellen
Als de nokkenas verkeerd voor de kleppen staat, kunnen
de volgende storingen optreden:
• geen hogere rijsnelheid als de schakelhendel in de
Nr. 2 (transport) stand wordt gezet.
• het maaipedaal blijft niet ingedrukt (vergrendeld) als
u uw voet van het pedaal neemt.
• de maaidekken gaan traag omhoog.
• de maaidekken worden traag of niet aangedreven.
Als zich een of meerdere storingen voordoen, draait
u de montagetapbouten (Figuur 42) van de achterste
nokkenas los en verplaatst u de nokkenas totdat het
euvel is verholpen. Draai de tapbouten vast.
Belangrijk: U moet de maai/hefschakelaar
opnieuw afstellen nadat u de nokkenas hebt
afgesteld. Tevens moet u de hoogte van het hef-
en maaipedaal afstellen.
1. Montagetapbouten
Hoogte van hef- en
maaipedalen afstellen
Om ervoor te zorgen dat de plunjer de juiste slag tot de
kleppenset heeft, moet u het hef- en het maaipedaal op
gelijke hoogte afstellen. Dit doet u als volgt:
1. Zet 1, 2, en 3 plunjers in de neutraalstand (midden
van de slag) en verwijder de beschermplaat van de
overbrengingsstang van het voetpaneel (Figuur 43).
38
Figuur 42
2. Nokblokken