Om van de eerste pagina naar de tweede pagina van het scherm Performance over te schakelen, drukt u op de knop
[PAGE R]. Hier ziet u beide namen van de parameters die zijn toegewezen aan elk van de knoppen 1 t/m 6 en hun huidige
ingestelde waarden, zoals hieronder getoond. De tweede pagina kan nuttig zijn wanneer u een aantal parameters
gelijktijdig bewerkt. U kunt op de knop [L PAGE] drukken om terug te keren naar de eerste pagina.
Scherm Performance (tweede pagina)
O ass
B
+
0.5dB
Parameters toewijzen aan knoppen 1 t/m 6
Volg de onderstaande procedure om de parameters toegewezen aan knoppen 1 t/m 6 op een eenvoudige manier te wijzigen.
1
Wanneer het scherm Performance wordt weergegeven, houdt u de knop [STORE/ASSIGN] ingedrukt (minstens één
seconde).
Er wordt gevraagd om het blok te selecteren met de parameter die u wilt toewijzen. De beschikbare opties worden
aangegeven door knipperende knoppen (d.w.z. [PIANO 1], [PIANO 2], [PRE-AMPLIFIER 1], [PRE-AMPLIFIER 2],
[MODULATION EFFECT 1], [MODULATION EFFECT 2], [POWER-AMPLIFIER/COMPRESSOR 1], [POWER-
AMPLIFIER/COMPRESSOR 2] en [REVERB]).
S lect Piano/PreAmp/Mo E
e
OPMERKING
U kunt ook rechtstreeks een blok selecteren op de parameterinstelpagina. Daarvoor houdt u de knop [STORE/ASSIGN] ingedrukt
(minstens één seconde) en gaat u verder vanaf stap 3 hieronder.
2
Druk op een van de knipperende knoppen om het gewenste blok te selecteren.
Er wordt gevraagd om aan te geven welke van de blokparameters u wilt toewijzen.
S lect Parameter!!
e
3
Druk op de overeenkomstige knop om een parameter te selecteren.
Er wordt nu gevraagd om aan te geven aan welke knop de geselecteerde parameter moet worden toegewezen.
S lect Assignable Knob
e
O
D
ecay
4
Druk op de knop die u wilt gebruiken om de geselecteerde parameter te wijzigen.
De display keert terug naar het scherm Performance, waar u kunt zien dat de geselecteerde parameter nu aan de
gewenste knop is toegewezen.
TIP
Parametertoewijzingen verwijderen
Om de toewijzing van een parameter aan een knop te verwijderen, navigeert u naar pagina 2 van het scherm Performance.
Houd dan de knop [EXIT] ingedrukt en druk vervolgens op de desbetreffende knop. De parametertoewijzing wordt geannuleerd.
Als u nu aan de knop draait, heeft dit geen invloed op het geluid van de performance.
OPMERKING
Wanneer een nieuw pianotype, modulatie-effect of vermogensversterker/compressor wordt geselecteerd voor een van de parts van de
performance binnen het overeenkomstige blok of wanneer het reverbtype wordt gewijzigd (zie pagina 33), wijzigt de groep parameters
die vormgeeft aan het geluid van de performance ook. Als in dat geval een parameter toegewezen aan een van de knoppen 1 t/m 6 van
de performance wordt verwijderd, is de desbetreffende knop niet meer toegewezen en wordt deze gemarkeerd met *** in het scherm
Performance.
Functies toegewezen aan knoppen 1 t/m 6
O id
M
O reble
T
+
0.0dB
+
1.0d
B
Huidige ingestelde waarden voor toegewezen parameters
d ffect/PowerAmp/Reverb SW!!
Decay
Relea
se
!!
O
Release
O
Da
m
pRe
s
Performances op de CP1 gebruiken
O ammer
H
O
Key-off
N
ormal
+
0
Key-off
DampReso
T
D
ecay
T
Release
O evSend
R
1
1
Hammer
TKey- ff
o
CP1 Gebruikershandleiding
29