a Glasplaat (Kleurenscanner-E1 of
Kleurenscanner-F1)
Plaats originelen hier wanneer u boeken, dikke originelen,
dunne originelen, transparanten, enz. scant. U kunt de
glasplaat alleen voor het kopiëren of scannen van
originelen gebruiken als de optionele Kleurenscanner-E1 of
Kleurenscanner-F1 is aangesloten.
b Papiertafel
Gebruik de papiertafel om papier handmatig in te voeren en
1
voor het plaatsen van afwijkende materialen, zoals
enveloppen. (Raadpleeg "Afdrukken via de papiertafel" op
pag. 2-46.)
c Beveiligingssleutel (Optioneel)
Voor het gebruiksbeheer van de machine en het
voorkomen van onbevoegd kopiëren. (Raadpleeg
"Wettelijke beperkingen bij het gebruik van uw product en
het gebruik van afbeeldingen" op pag. xxiii.)
d Hoofdschakelaar
Zet de schakelaar in de "I"-stand om de machine in te
schakelen. (Raadpleeg "Hoofdschakelaar en schakelaar
voor bedieningspaneel" op pag. 1-16.)
1-14
Onderdelen en hun functies
e Doorvoereenheid
Trek de doorvoereenheid naar buiten om papier te
verwijderen dat aan de rechterkant van de machine is
vastgelopen. (Raadpleeg "Schermen die de locatie van het
vastgelopen papier aangeven" op pag. 8-3.)
f Rechterdeksel
Open deze deur om papier te verwijderen dat in de
machine is vastgelopen. (Raadpleeg "Schermen die de
locatie van het vastgelopen papier aangeven" op pag. 8-3.)
g Voordeur
Open deze deur om de tonercartridges en het
tonerafvalreservoir te vervangen.
h Tonerafvalreservoir
Verzamelt toner dat als afval vrijkomt.
i Tonercartridges
Wanneer de toner op is, trekt u de tonercartridge naar
buiten en vervangt u deze door een nieuwe. Vervang alle
tonercartridges en gebruik daarvoor de desbetreffende
poorten.
j Fixeereenheid
Trek de fixeereenheid naar buiten om papier te verwijderen
dat in de fixeereenheid is vastgelopen. (Raadpleeg
"Schermen die de locatie van het vastgelopen papier
aangeven" op pag. 8-3.)