Zelfontbranding van materialen
Sommige materialen kunnen zelfontbrandend
worden als ze te dik wordt aangebracht. Lees de
waarschuwingen van de fabrikant en het
veiligheidsinformatieblad (MSDS) van het materiaal.
Houd componenten A en B
gescheiden
Kruisbesmetting kan leiden tot uitgehard materiaal
in materiaalleidingen, met als gevolg ernstig letsel
of schade aan apparatuur. Voorkom kruisbesmetting:
•
Verwissel nooit de bevochtigde onderdelen voor
component A en B.
•
Gebruik nooit oplosmiddel aan de ene kant als
het verontreinigd is vanaf de andere kant.
Van materiaal wisselen
Het wisselen van vloeistof die in uw apparatuur
wordt gebruikt, vereist speciale aandacht
om schade en tijdverlies te voorkomen.
•
Spoel de apparatuur meerdere keren
voorafgaand aan een vloeistofwissel, zodat
de apparatuur grondig schoon is.
•
Reinig na het spoelen altijd de filters bij
de vloeistofinlaat.
•
Vraag de fabrikant van het materiaal naar
de chemische compatibiliteit.
•
Bij het wisselen tussen epoxy en urethaan of
polyurea moeten alle vloeistofcomponenten
worden gedemonteerd en gereinigd. Vervang ook
alle slangen. Epoxyharsen hebben vaak aminen
aan de B-zijde (verharder). Polyurea's hebben
vaak amines aan de B-zijde (hars).
3A3187L
LET OP
Belangrijke informatie over isocyanaat (ISO)
Vochtgevoeligheid van
isocyanaten
Door blootstelling aan vocht (uit de lucht of andere
bronnen) zal isocyanaat ten dele uitharden, waarbij
kleine, harde, schurende kristallen ontstaan die een
suspensie vormen met de vloeistof. Na verloop van
tijd ontstaat er een laag op het oppervlak en zal de
ISO geleren, waardoor de viscositeit toeneemt.
Gedeeltelijk uitgehard ISO zal de prestaties en
levensduur van alle bevochtigde onderdelen
verminderen.
•
Gebruik altijd een afgesloten container met
een droogmiddel in het luchtgat of een
stikstofomgeving. Sla ISO nooit op in een
open container.
•
Houd het oliereservoir (waar geïnstalleerd) van
de ISO-pomp altijd gevuld met een geschikt
smeermiddel. Het smeermiddel zorgt voor een
barrière tussen ISO en de atmosfeer.
•
Gebruik alleen vochtbestendige slangen die
geschikt zijn voor isocyanaat.
•
Gebruik nooit teruggewonnen oplosmiddelen,
aangezien deze vocht kunnen bevatten. Houd
ongebruikte containers met oplosmiddel altijd
gesloten.
•
Voorzie schroefdraad altijd van een geschikt
smeermiddel wanneer apparatuur opnieuw
in elkaar wordt gezet.
OPMERKING: de dikte van de aangebrachte laag
en de kristallisatiesnelheid variëren naargelang
de samenstelling van het ISO, de vochtigheid
en de temperatuur.
Schuimharsen met 245 fa als
blaasmiddel
Sommige schuimblaasmiddelen gaan schuimen bij
temperaturen boven 33 °C (90 °F) als ze niet onder
druk staan, vooral als ze in beroering worden
gebracht. Beperk schuimvorming door de
voorverwarming in een circulatiesysteem
te minimaliseren.
LET OP
7