Ingebouwde hulpfunctie
is blauw en geeft aan dat er machines in de betreffende richtingen zijn die momenteel niet
worden weergegeven. De actieve pijlen worden gebruikt om deze machines in beeld te scrol-
len.
Na het toevoegen van het vereiste aantal machines aan de trein, tikt u op
om terug te
keren naar het scherm met de dimensies; gebruik vervolgens de carrousel om de machines
naar wens te configureren.
Om toegang te krijgen tot de verschillende elementen binnen de drie machinetreinen, tik u op
het corresponderende element binnen de kleinetreinweergave (1) rechtsboven op het scherm.
De gewenste machine- en koppelingstypen inclusief de machinekleur kunnen ook worden
gespecificeerd in het scherm "Train set-up" (treininstellingen). Tik op het element dat moet
worden gespecificeerd en gebruik vervolgens de betreffende carrousel voor het selecteren
van de gewenste machine of het koppelingstype. De machinecarrousel verschijnt samen met
de kleurencarrousel. Na het kiezen van het gewenste element, tikt u op
om verder te
gaan. Wanneer alle machinetrein-elementen zijn gespecificeerd, tikt u op
om terug te
keren naar het scherm met de dimensies voor het invoeren van de vereiste dimensies van de
machinetrein.
Het scherm "Train fixation" (treinbevestiging), dat tevens toegankelijk is door te tikken op de
mini-treinweergave, wordt gebruikt om paren machinevoeten of gehele machines te beves-
tigen of los te maken.
146
Versie:2.3