NL
BE
varing, die bekend is met de eisen
voor constructie en ontwerp en die
de vereiste veiligheidsniveaus kent.
Accu plaatsen en
verwijderen
WAARSCHUWING! Gevaar voor
letsel door onbedoeld aanlopen van
het apparaat. Plaats de accu pas in
het apparaat wanneer het volledig ge-
bruiksklaar is.
AANWIJZING! Beschadigingsgevaar!
Verkeerde accu kan apparaat en accu
beschadigen.
Accu plaatsen
1. Schuif de accu (29) langs de gelei-
dingsrail in de accu-houder (19).
De accu klikt hoorbaar vast.
Accu verwijderen
1. Druk op de accuontgrendeling (28)
aan de accu (29) en houd ze inge-
drukt.
2. Trek de accu uit de accu-houder
(19).
In- en uitschakelen
Inschakelen
1. Plaats de accu (29) in het appa-
raat.
2. Houd de inschakelblokkering (1)
ingedrukt.
3. Druk en houd de aan-/uitschake-
laar ingedrukt (2).
4. Wacht tot het apparaat zijn volle
toerental heeft bereikt.
Uitschakelen
1. Laat de aan-/uitschakelaar (2) los.
2. Trek het zaagblad pas uit de sne-
de, als deze tot stilstand is geko-
men.
3. Verwijder de accu (29) uit het ap-
paraat, als u het apparaat onbe-
heerd achterlaat of klaar bent met
het werk.
78
Transport
Instructies
• Schakel het apparaat uit.
• Verzeker u ervan dat alle bewegen-
de delen volledig tot stilstand zijn
gekomen.
• Neem de accu (29) uit het appa-
raat.
• Zorg ervoor dat de beschermkap
(17) het cirkelzaagblad (16) volledig
bedekt.
• Draag het apparaat altijd aan de
handgreep (3) of gebruik de mee-
geleverde opbergkoffer (12).
Reiniging, onderhoud
en opslag
WAARSCHUWING! Gevaar voor
letsel door onbedoeld aanlopen van
het apparaat. Bescherm u bij onder-
houds- en reinigingswerkzaamheden.
uit het stopcontact. Schakel het ap-
paraat uit en haal de accu (29) eruit.
Laat reparatiewerkzaamheden en on-
derhoud, die niet zijn beschreven in
deze handleiding, uitvoeren door een
gespecialiseerd service-center. Ge-
bruik uitsluitend originele onderdelen.
Reiniging
WAARSCHUWING! Elektrische
schok! Spuit het apparaat nooit
schoon met water.
AANWIJZING! Beschadigingsgevaar.
Chemische substanties kunnen de
plastieken delen van het apparaat
aantasten. Gebruik geen reinigings-
of oplosmiddelen.
• Houd ventilatiesleuven, de motor-
behuizing en grepen van het appa-
raat schoon. Gebruik daartoe een
vochtige doek of een borstel.