5.5.5 Buitentemperatuurvoeler aansluiten
De buitentemperatuurvoeler voor het regelsysteem wordt op de verwar-
mingsketel aangesloten.
▶ Buitentemperatuurvoeler op de met dit symbool
gemarkeerde klemmen aansluiten.
5.5.6 Boilertemperatuurvoeler aansluiten
▶ Buderus boiler met boilertemperatuurvoeler di-
rect op de met dit symbool gemarkeerde klem-
men aansluiten.
-of-
▶ Boiler met thermostaat met boilertemperatuurvoeler 5991 387 uit-
rusten.
▶ Boilertemperatuurvoeler op de met dit symbool gemarkeerde klem-
men aansluiten.
5.5.7 Externe aanvoertemperatuurvoeler (b.v. evenwichtscollec-
tor) aansluiten
▶ Externe aanvoertemperatuurvoeler op de met dit
symbool gemarkeerde klemmen aansluiten.
5.5.8 Sanitaire circulatiepomp (230 V, max. 100 W) aansluiten
(GB072-24)
De circulatiepomp kan door de Basiscontroller BC20 of door het regel-
systeem (RC35 of Logamatic 4000) worden aangestuurd.
▶ Circulatiepomp op de met dit symbool gemarkeerde
klemmen aansluiten.
▶ Bij besturing door BC20 servicefuncties 2.CL en 2.CE
overeenkomstig instellen.
5.5.9 Boilerlaadpomp (230 V, max. 100 W)/externe 3-wegklep
(230 V, met veerretour) aansluiten (GB072-24)
Wanneer een boilerlaadpomp of een externe 3-wegklep
voor boileropwarming wordt aangesloten, is de interne
3-wegklep niet nodig.
▶ Stekker op interne 3-wegklep losmaken.
▶ Boilerlaadpomp/externe 3-wegklep (230 V, met veerretour) op de
met dit symbool gemarkeerde klemmen aansluiten.
▶ Installatieconfiguratie op basiscontroller BC20 overeenkomstig in-
stellen (servicefunctie 2.1F).
▶ Bij 3-wegklep de pompblokkeringstijd (servicefunctie 2.2A) op 20
seconden instellen.
5.5.10 Module monteren en aansluiten
Modules (b.v. zonne-, evenwichtscollector-, mengermodule) moeten ex-
tern worden gemonteerd. De aansluiting voor de communicatie met de
Basiscontroller/regelsysteem wordt via EMS-bus uitgevoerd.
▶ Communicatiekabel op de met dit symbool ge-
markeerde klemmen aansluiten.
Wanneer een extra voedingsspanning nodig is:
▶ 230 V-kabel op de met dit symbool gemarkeerde
klemmen aansluiten.
Product Name – 6720646355 (2021/01)
5.5.11 Netkabel aansluiten
Wanneer de ingebouwde netkabel moet worden vervangen, de volgende
kabeltypen gebruiken:
• In het zone 1 en 2:
– NYM-I 3 × 1,5 mm
• Buiten zones 1 en 2:
– HO5VV-F 3 x 0,75 mm
– HO5VV-F 3 x 1,0 mm
▶ Nieuwe netkabel op de met dit symbool gemarkeer-
de klemmen aansluiten.
▶ Aansluitkabel zo aansluiten dat de aardgeleider lan-
ger is dan de andere geleiders.
N
L
EMS
EMS
Elektrische aansluiting
2
2
of
2
5
25