MONTAGE EN AANPASSINGEN
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig
persoonlijk letsel te verminderen, zet u het
gereedschap uit en ontkoppelt u het van de
stroomvoorziening, voordat u enige aanpassing
maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/
installeert. Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar in de
OFF (UIT) positie staat. Het onbedoeld opstarten kan
letsel veroorzaken.
Zaagbladen wisselen
Het zaagblad installeren (Afb. B–E)
1. Trek met de hendel van de onderste beschermkap
de onderste zaagbladbeschermkap
zaagblad op de zaagas tegen de binnenste klemring
en let er daarbij op dat het zaagblad in de juiste richting
draait (de richting van de pijl die de rotatie aangeeft op
het zaagblad en de tanden moeten in dezelfde richting
wijzen als die van de rotatiepijl op de zaag). Ga er niet vanuit
dat de afdruk op het zaagblad altijd naar u toe is gericht
wanneer deze goed is geïnstalleerd. Wanneer u de onderste
zaagbladbeschermkap intrekt voor het installeren van het
zaagblad, controleer dan de staat en de werking van de
onderste zaagbladbeschermkap zodat u er zeker van kunt
zijn dat deze goed werkt. Controleer dat deze vrij beweegt
en niet het zaagblad of een ander onderdeel raakt, onder
alle hoeken en bij alle zaagdiepten.
2. Plaats de buitenste klemring
schuine zijde naar buiten gericht. Controleer dat de
diameter van 30 mm op de zaagbladzijde van de klem past
in het gat van 30 mm in het zaagblad, zodat het zeker is dat
het zaagblad wordt gecentreerd.
3. Draai met de hand de zaagbladklemschroef
zaagas (de schroef heeft rechtse draad en moet naar rechts
worden vastgedraaid).
4. Druk de zaagbladvergrendeling
zaagas draait met de zaagbladsleutel
de hoofdhandgreep is opgeborgen
zaagbladvergrendeling vastgrijpt en het zaagblad niet
meer draait.
5. Zet de zaagbladklemschroef stevig vast met
de zaagbladsleutel.
OPMERKING: Schakel de zaagbladvergrendeling nooit
in zolang de zaag loopt, en schakel de vergrendeling ook
nooit in in een poging het gereedschap te stoppen. Schakel
de zaag nooit in terwijl de asvergrendeling is ingeschakeld.
Dit zal leiden tot ernstige beschadiging van uw zaag.
Het zaagblad vervangen (Afb. B–E)
1. Maak de zaagbladklemschroef
zaagbladvergrendeling
de zaagas met de zaagbladsleutel
de hoofdhandgreep is opgeborgen
zaagbladvergrendeling vastgrijpt en het zaagblad niet meer
draait. Draai met de zaagbladvergrendeling ingeschakeld
de zaagbladklemschroef met de zaagbladsleutel naar
in en plaats het
12
15
op de zaagas met de
op de
11
4
in terwijl u de
die onder
16
(Afb. E), tot de
3
11
los door de
4
in te drukken en draai
16
, die onder
3
, totdat de
links (de schroef heeft rechtse draad en moet naar links
worden losgedraaid).
2. Verwijder de zaagbladklemschroef
klemring
3. Haal alle zaagsel weg die zich mogelijk heeft verzameld in
de buurt van de beschermkap en de klemring en controleer
de staat en de werking van de onderste beschermkap, zoals
eerder is uiteengezet. Breng hier geen smering aan.
4. Selecteer het juiste zaagblad voor de toepassing (zie
Zaagbladen). Gebruik altijd zaagbladen van de juiste
afmeting (diameter) met een middengat van de juiste
afmeting en vorm voor de montage op de zaagas. Zorg er
altijd voor dat de maximale aanbevolen snelheid (tpm) op
10
het zaagblad overeenkomt met of hoger is dan de snelheid
(tpm) van de zaag.
,
14
5. Volg stap 1 tot en met 5 onder Het Zaagblad installeren en
let erop dat het zaagblad in de juiste richting draait.
Onderste zaagbladbeschermkap
WAARSCHUWING: De onderste zaagbladbeschermkap
is een veiligheidsvoorziening die het risico van ernstig
persoonlijk letsel beperkt. Gebruik de zaag nooit als de
onderste beschermkap ontbreekt, beschadigd is, verkeerd
gemonteerd is of niet goed werkt. U kunt er niet op
vertrouwen dat de onderste zaagbladbeschermkap u
onder alle omstandigheden beschermt. Uw veiligheid
is afhankelijk van het opvolgen van de volgende
waarschuwingen en aanwijzingen voor een veilig gebruik
en ook van een goede werking van de zaag. Controleer
voor ieder gebruik dat de onderste zaagbladbeschermkap
goed sluit. Als de onderste zaagbladbeschermkap
ontbreekt of niet goed werkt, laat de zaag dan nazien
voordat u het gereedschap weer gebruikt. De veiligheid en
betrouwbaarheid van het product kunnen alleen worden
gewaarborgd als reparatie, onderhoud en afregeling
worden uitgevoerd door een geautoriseerd servicecentrum
of een andere gekwalificeerde service-organisatie,
waarbij altijd identieke vervangende onderdelen
moeten wordengebruikt.
De onderste beschermkap controleren
(Afb. A)
1. Zet het gereedschap uit en trek de stekker uit
het stopcontact.
2. Draai de hendel van de onderste beschermkap
(Afb. A,
12
geopende positie.
3. Laat de hendel los en zie erop toe dat de beschermkap
naar de geheel gesloten posite terugkeert.
Het gereedschap moet in een officieel erkend servicecentrum
worden nagezien, als de beschermkap:
•
niet terugkeert in de geheel gesloten positie,
•
met horten en stoten of langzaam beweegt, of
•
contact maakt met het zaagblad of met een deel van het
gereedschap onder alle hoeken en bij alle zaagdiepten.
11
. Verwijder het oude zaagblad.
15
) uit de geheel gesloten positie naar de geheel
nEDERLanDs
en de buitenste
10
87