Opslaan van standen in het
geheugen
1.Zet de transmissie in stand P
(parkeren) terwijl de startknop in
stand ON staat.
2.Stel
de
stand
van
bestuurdersstoel, de stand van de
buitenspiegels, en de helderheid
van de dashboardverlichting naar
wens in.
3.Druk op toets SET. Het systeem
geeft één piepje en de melding
"Knop indrukken voor opslaan
instellingen" verschijnt op het LCD-
display.
4.Druk binnen 4 seconden op één
van de geheugentoetsen (1 of 2).
Het systeem geeft met twee
piepjes aan dat de instellingen met
succes in het geheugen zijn
opgeslagen.
5."Instellingen voor chauffeur 1 (of 2)
opgeslagen" verschijnt op het
LCD-display.
Oproepen standen uit het
geheugen
1.Zet de transmissie in stand P
(parkeren) terwijl de startknop in
stand ON staat.
2.Druk
op
de
de
geheugentoets (1 of 2). Het
systeem geeft één piepje en de
bestuurdersstoel,
buitenspiegels
dashboardverlichting
automatisch in de opgeslagen
positie
gezet
toepassing).
3."Instellingen voor chauffeur 1 (of 2)
toegepast" verschijnt op het LCD-
display.
i
Informatie
• Als de geheugeninstellingen "1"
worden opgeroepen, wordt het
aanpassen van de in het geheugen
opgeslagen instellingen tijdelijk
gewenste
onderbroken door op toets SET of 1
te drukken. Door op toets 2 te
drukken
de
geheugeninstellingen
en
de
opgeroepen.
worden
• Als de geheugeninstellingen "2"
worden opgeroepen, wordt het
(indien
van
aanpassen van de in het geheugen
opgeslagen instellingen tijdelijk
onderbroken door op toets SET of 2
te drukken. Door op toets 1 te
drukken
geheugeninstellingen
opgeroepen.
• Als tijdens het oproepen van de
opgeslagen stand op een van de
bedieningstoetsen
bestuurdersstoel, de buitenspiegels
of de dashboardverlichting wordt
gedrukt, stopt de beweging van deze
component en beweegt hij in de
richting die met de bedieningstoets
is gekozen.
3
worden
de
"2"
worden
de
"1"
van
de
3-17