R R E E D D U U C C T T I I E E O O V V E E R R B B R R E E N N G G I I N N G G
Bediening
reductieoverbrenging
WAARSCHUWING
Om de kans op ernstig letsel te
beperken:
•
Controleer
ALTIJD
omgeving rond de auto op de
aanwezigheid van anderen, in
het
bijzonder
kinderen,
alvorens de transmissie in
stand
D
(rijden)
(achteruit) te zetten.
•
Controleer voordat u de auto
verlaat altijd of de transmissie
in stand P (parkeren) staat,
activeer de parkeerrem en zet
de startknop in stand OFF. Als
deze voorzorgsmaatregelen
niet worden opgevolgd, kan
de auto onverwacht en abrupt
in beweging komen.
de
of
R
Selecteer
de
transmissie door de schakelknop in
te drukken.
Trap voor uw eigen veiligheid altijd
het rempedaal in voordat u de
transmissie in een andere stand zet.
Stand transmissie
OAEE056001L
standen
van
de
De schakelstandindicator in het
instrumentenpaneel geeft, als de
startknop in stand ON staat, aan in
welke stand de transmissie staat.
OAEE046103
5
5-11