ELEKTRISCHE AUTO:
A
Laadsnoer A
Deze kabel is specifiek voor uw auto en be-
stemd voor de verbinding met wandcontact-
dozen of publieke oplaadpunten voor stan-
daardopladen van de tractieaccu.
Gebruik bij voorkeur een laadsnoer
waarmee de tractiebatterij standaard
kan worden opgeladen.
Elke oplaadkabel wordt opgeborgen in
de bagageruimte van de auto.
opladen (3/11)
Laadsnoer B
Met dit laadsnoer kunt u de accu opladen:
– via een speciaal laadcontact (14 of 16 A)
voor de auto;
– via een gewoon stopcontact (8 of 10 A).
De gebruikte stopcontacten moeten in elk
geval zijn geïnstalleerd volgens de instruc-
ties bij het laadsnoer B.
B
B
D
Raadpleeg voor de werking altijd aandach-
tig het instructieboekje van het laadsnoerB.
Laat de snoerdoos nooit aan het snoer
hangen. Gebruik de ruimtes C om deze
te bevestigen
Indien tijdens het laden een storing op-
treedt (het rode waarschuwingslampje
van het stopcontact D gaat branden),
stop dan onmiddellijk met opladen.
Raadpleeg het instructieboekje van het
snoer.
C
1.11