Garmin DRIVE 53 Handleiding
- 1 Aan de slag
- 2 Functies en waarschuwingen voor bestuurdersalertheid
- 3 Een route volgen
- 4 De kaart gebruiken
- 5 Verkeer
- 6 De apps gebruiken
- 7 Instellingen
- 8 Toestelinformatie
- 9 Apparaatonderhoud
- 10 Probleemoplossing
- 11 Een geheugenkaart plaatsen voor kaarten en gegevens
- 12 Gegevensbeheer
- 13 Over geheugenkaarten
- 14 Het toestel aansluiten op uw computer
- 15 Gegevens overbrengen van uw computer
- 16 De USB-kabel loskoppelen
- 17 GPS-signaalstatus weergeven
- 18 Aanvullende kaarten kopen
- 19 Accessoires kopen
- 20 Referenties
- 21 Download handleiding
- 22 In andere talen
Aan de slag
Zie de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de productverpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke informatie.
- Werk de kaarten en software op uw toestel bij (Kaart- en software-updates).
- Bevestig het toestel in uw voertuig en sluit het aan op de stroom (Bevestigingsoverwegingen).
- Verkrijg GPS-signalen (GPS-signalen ontvangen).
- Pas het volume aan (Het volume aanpassen) en de helderheid van het scherm (De helderheid van het scherm aanpassen).
- Navigeer naar uw bestemming (Een route starten).
Garmin Drive 53 toestel - Overzicht

| Aan/uit-knop |
| USB-poort voor stroom en gegevens |
| Geheugenkaartsleuf voor kaarten en gegevens |
Bevestigingsoverwegingen
- Bevestig het toestel niet op een plaats waar het zicht van de bestuurder op de weg wordt belemmerd.
Het is uw verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat de bevestigingslocatie voldoet aan alle toepasselijke wet- en regelgeving, en uw zicht op de weg niet belemmert tijdens het veilig besturen van uw voertuig. - Kies een locatie waar u de stroomkabel veilig kunt leggen.
Installeer het toestel en de stroomkabel stevig in een voertuig, zodat deze de bedieningselementen van het voertuig niet hinderen. Verstoring van de bedieningselementen van het voertuig kan leiden tot een aanrijding, met mogelijk letsel of de dood tot gevolg. - Kies een locatie die gemakkelijk bereikbaar is.
- Maak de voorruit grondig schoon voordat u de steun installeert.
Het Garmin Drive toestel in uw voertuig bevestigen en van stroom voorzien
Dit product bevat een lithium-ion batterij. Om de mogelijkheid van persoonlijk letsel of schade aan het product veroorzaakt door blootstelling van de batterij aan extreme hitte te voorkomen, dient u het toestel uit de buurt van direct zonlicht te bewaren.
Voordat u uw toestel met de batterij gebruikt, moet u deze opladen.
- Druk de zuignap tegen de voorruit en klap de hendel
terug naar de voorruit.
![Garmin - DRIVE 53 - Bevestigen en van stroom voorzien - Stap 1 Bevestigen en van stroom voorzien - Stap 1]()
- Druk de steun
op de kogel van de zuignap
totdat deze vastklikt. - Sluit de stroomkabel van het voertuig aan op de USB-poort
op het toestel.
![Garmin - DRIVE 53 - Bevestigen en van stroom voorzien - Stap 2 Bevestigen en van stroom voorzien - Stap 2]()
- Steek het andere uiteinde van de stroomkabel van het voertuig
in een stopcontact in uw voertuig. - Plaats het lipje aan de bovenkant van de steun in de sleuf aan de achterkant van het toestel en druk de onderkant van de steun in het toestel totdat deze vastklikt.
![Garmin - DRIVE 53 - Bevestigen en van stroom voorzien - Stap 3 Bevestigen en van stroom voorzien - Stap 3]()
Het toestel in- of uitschakelen
- Om het toestel in te schakelen, drukt u op de aan/uit-knop
, of sluit u het toestel aan op de stroom.
![Garmin - DRIVE 53 - Het toestel in- of uitschakelen Het toestel in- of uitschakelen]()
- Om het toestel in de energiebesparingsmodus te zetten, drukt u op de aan/uit-knop terwijl het toestel is ingeschakeld.
In de energiebesparingsmodus is het scherm uitgeschakeld en verbruikt het toestel zeer weinig stroom, maar kan het direct worden geactiveerd voor gebruik.
TIP: U kunt uw toestel sneller opladen door het in de energiebesparingsmodus te zetten terwijl de batterij wordt opgeladen. - Om het toestel volledig uit te schakelen, houdt u de aan/uit-knop ingedrukt totdat er een aanwijzing op het scherm verschijnt en selecteert u Uitschakelen.
De aanwijzing verschijnt na vijf seconden. Als u de aan/uit-knop loslaat voordat de aanwijzing verschijnt, gaat het toestel naar de energiebesparingsmodus.
GPS-signalen ontvangen
Wanneer u uw navigatietoestel inschakelt, moet de GPS-ontvanger satellietgegevens verzamelen en de huidige locatie bepalen. De tijd die nodig is om satellietsignalen te ontvangen, is afhankelijk van verschillende factoren, waaronder de afstand tot de locatie waar u uw navigatietoestel het laatst hebt gebruikt, of u vrij zicht op de hemel hebt en hoe lang het geleden is dat u uw navigatietoestel voor het laatst hebt gebruikt. De eerste keer dat u uw navigatietoestel inschakelt, kan het enkele minuten duren voordat het satellietsignalen ontvangt.
- Schakel het toestel in.
- Wacht terwijl het toestel satellieten zoekt.
- Ga indien nodig naar een open ruimte, uit de buurt van hoge gebouwen en bomen.
in de statusbalk geeft de sterkte van het satellietsignaal aan. Wanneer ten minste de helft van de balken is gevuld, is het toestel klaar voor navigatie.
Statusbalkpictogrammen
De statusbalk bevindt zich boven aan het hoofdmenu. De statusbalkpictogrammen geven informatie weer over functies op het toestel. U kunt sommige pictogrammen selecteren om instellingen te wijzigen of aanvullende informatie te bekijken.
| GPS-signaalstatus. Houd vast om de GPS-nauwkeurigheid en verkregen satellietinformatie weer te geven (GPS-signaalstatus weergeven). |
| Huidige tijd. Selecteer om de tijd in te stellen (De tijd instellen). |
| Batterijlading. |
De knoppen op het scherm gebruiken
Met de knoppen op het scherm kunt u door de pagina's, menu's en menu-opties op uw toestel navigeren.
- Selecteer
om terug te keren naar het vorige menuscherm. - Houd
vast om snel terug te keren naar het hoofdmenu. - Selecteer
of
om door lijsten of menu's te bladeren. - Houd
of
ingedrukt om sneller te bladeren. - Selecteer
om een contextafhankelijk menu met opties voor het huidige scherm te bekijken.
Het volume aanpassen
- Selecteer Volume.
- Selecteer een optie:
- Gebruik de schuifbalk om het volume aan te passen.
- Selecteer
om het geluid van het toestel uit te schakelen. - Selecteer een selectievakje om extra geluidsopties in of uit te schakelen.
De audiomixer gebruiken
U kunt de audiomixer gebruiken om de volumeniveaus voor verschillende audiotypen in te stellen, zoals navigatieaanwijzingen of telefoongesprekken. Het niveau voor elk audiotype is een percentage van het hoofdvolume.
- Selecteer Volume.
- Selecteer Mixer.
- Gebruik de schuifregelaars om het volume voor elk audiotype aan te passen.
- Aan de slag
Geluiden en audiobronnen in- of uitschakelen
U kunt specifieke audiobronnen en systeemgeluiden in- of uitschakelen zonder andere audiobronnen te beïnvloeden.
- Selecteer Volume.
- Selecteer in de sectie Geluiden een optie:
- Als u wilt dat het toestel navigatieaanwijzingen en aanwijzingen uitspreekt, schakelt u het selectievakje Gesproken navigatie in.
- Als u wilt dat het toestel verkeerswaarschuwingen en aanwijzingen uitspreekt, schakelt u het selectievakje Gesproken verkeerswaarschuwingen in.
- Als u wilt dat het toestel een geluid afspeelt wanneer een waarschuwing voor de bestuurder wordt geactiveerd, schakelt u het selectievakje Waarschuwingen en tonen in.
- Als u wilt dat het toestel een geluid afspeelt wanneer u op knoppen op het scherm tikt, schakelt u het selectievakje Drukken op knoppen in.
De helderheid van het scherm aanpassen
- Selecteer Instellingen > Display > Helderheid.
- Gebruik de schuifbalk om de helderheid aan te passen.
Functies en waarschuwingen voor bestuurdersalertheid
De bestuurderswaarschuwingen en snelheidslimietfuncties zijn uitsluitend bedoeld ter informatie en ontslaan u niet van uw verantwoordelijkheid om alle aangegeven snelheidslimieten na te leven en te allen tijde veilig te rijden. Garmin® is niet verantwoordelijk voor eventuele verkeersboetes of -overtredingen die u ontvangt omdat u de geldende verkeerswetten en borden niet naleeft.
Uw toestel biedt functies die u kunnen helpen veiliger te rijden en de efficiëntie te verhogen, zelfs wanneer u in een bekende omgeving rijdt. Het toestel speelt een geluidstoon of -bericht af en geeft informatie weer voor elke waarschuwing. U kunt de geluidstoon voor bepaalde typen bestuurderswaarschuwingen in- of uitschakelen. Niet alle waarschuwingen zijn in alle gebieden beschikbaar.
Scholen: Het toestel speelt een geluidstoon af en geeft de snelheidslimiet (indien beschikbaar) weer voor een naderende school of schoolzone.
Snelheidslimiet overschreden: Het toestel geeft een rode rand weer op het pictogram van de snelheidslimiet wanneer u de aangegeven snelheidslimiet voor de huidige weg overschrijdt.
Verlaging snelheidslimiet: Het toestel speelt een geluidstoon af en geeft de naderende snelheidslimiet weer, zodat u zich kunt voorbereiden om uw snelheid aan te passen.
Verkeerde richting op eenrichtingsweg: Het toestel speelt een bericht af en geeft een waarschuwing op volledig scherm weer als u de verkeerde richting op een eenrichtingsweg rijdt. De randen van het scherm worden rood weergegeven en er blijft een waarschuwing boven aan het scherm staan totdat u de eenrichtingsweg verlaat of uw rijrichting corrigeert.
Spoorwegovergang: Het toestel geeft de afstand tot een naderende spoorwegovergang weer.
Overstekende dieren: Het toestel speelt een geluidstoon af om een naderend gebied waar dieren oversteken aan te geven.
Bochten: Het toestel speelt een geluidstoon af om een bocht in de weg aan te geven.
Langzamer verkeer: Het toestel speelt een geluidstoon af om langzamer verkeer aan te geven wanneer u langzamer verkeer nadert met een hogere snelheid. Uw toestel moet verkeersinformatie ontvangen om deze functie te kunnen gebruiken (Verkeer).
Wegwerkzaamheden: Het toestel speelt een geluidstoon af en geeft een bericht weer wanneer u een wegwerkgebied nadert.
Afgesloten rijstrook: Het toestel speelt een geluidstoon af en geeft een bericht weer wanneer u een afgesloten rijstrook nadert.
Pauzeplanning: Het toestel speelt een geluidstoon af en stelt naderende rustplaatsen voor nadat u lange tijd hebt gereden.
Bestuurderswaarschuwingen in- of uitschakelen
U kunt verschillende typen bestuurderswaarschuwingen in- of uitschakelen.
- Selecteer Instellingen > Bestuurdersassistentie > Bestuurderswaarschuwingen.
- Schakel het selectievakje naast elke waarschuwing in of uit.
Locaties zoeken en opslaan
De kaarten die op uw toestel zijn geladen, bevatten locaties, zoals restaurants, hotels, autoservices en gedetailleerde straatinformatie. Met het menu Waarheen? kunt u uw bestemming vinden door deze informatie op verschillende manieren te bekijken, te zoeken en op te slaan.
Selecteer Waarheen? in het hoofdmenu.
- Als u snel alle locaties op uw toestel wilt zoeken, selecteert u
Zoeken (Een locatie zoeken met de zoekbalk). - Als u een adres wilt zoeken, selecteert u Adres (Een adres zoeken).
- Als u vooraf geladen nuttige punten op categorie wilt zoeken of bekijken, selecteert u Categorieën (Een locatie zoeken op categorie).
- Als u in de buurt van een andere stad of gebied wilt zoeken, selecteert u
naast het huidige zoekgebied (Het zoekgebied wijzigen). - Als u uw opgeslagen locaties wilt bekijken en bewerken, selecteert u Opgeslagen (Locaties opslaan).
- Als u locaties wilt bekijken die u onlangs hebt geselecteerd in de zoekresultaten, selecteert u Recent (Recent gevonden locaties weergeven).
- Als u nuttige punten van Foursquare® wilt bekijken en zoeken, selecteert u Foursquare® (Nuttige punten van Foursquare zoeken).
- Als u beoordelingen van Tripadvisor®-reizigers wilt bekijken en zoeken, selecteert u Tripadvisor (Tripadvisor).
- Als u nationale parken wilt zoeken en parkplattegronden wilt verkennen, selecteert u Nationale parken (Nationale parken zoeken).
- Als u naar specifieke geografische coördinaten wilt navigeren, selecteert u Coördinaten (Een locatie zoeken met coördinaten).
Een locatie zoeken met de zoekbalk
U kunt de zoekbalk gebruiken om naar locaties te zoeken door een categorie, merknaam, adres of plaatsnaam in te voeren.
- Selecteer Waarheen?.
- Selecteer Zoeken in de zoekbalk.
- Voer de volledige of een gedeelte van de zoekterm in.
Voorgestelde zoektermen worden onder de zoekbalk weergegeven. - Selecteer een optie:
- Als u naar een type bedrijf wilt zoeken, voert u een categorienaam in (bijvoorbeeld 'bioscopen').
- Als u naar een bedrijfsnaam wilt zoeken, voert u de volledige naam of een gedeelte van de naam in.
- Als u naar een adres in uw buurt wilt zoeken, voert u het huisnummer en de straatnaam in.
- Als u naar een adres in een andere plaats wilt zoeken, voert u het huisnummer, de straatnaam, de plaats en de provincie in.
- Als u naar een plaats wilt zoeken, voert u de plaats en de provincie in.
- Als u naar coördinaten wilt zoeken, voert u de coördinaten van de lengte- en breedtegraad in.
- Selecteer een optie:
- Als u wilt zoeken met behulp van een voorgestelde zoekterm, selecteert u de term.
- Als u wilt zoeken met de tekst die u hebt ingevoerd, selecteert u
.
- Selecteer indien nodig een locatie.
Een adres zoeken
OPMERKING: De volgorde van de stappen kan veranderen, afhankelijk van de kaartgegevens die op uw toestel zijn geladen.
- Selecteer Waarheen?.
- Selecteer indien nodig
om in de buurt van een andere plaats of gebied te zoeken. - Selecteer Adres.
- Volg de aanwijzingen op het scherm om adresgegevens in te voeren.
- Selecteer het adres.
Zoekresultaten voor locaties
De zoekresultaten voor locaties worden standaard in een lijst weergegeven, met de dichtstbijzijnde locatie bovenaan. U kunt omlaag scrollen om meer resultaten te bekijken.

| Selecteer een locatie om het optiemenu weer te geven. |
| Selecteer deze optie om gedetailleerde informatie over de geselecteerde locatie weer te geven. |
| Selecteer deze optie om parkeerplaatsen in de buurt van de locatie te zoeken. |
| Selecteer deze optie om alternatieve routes naar de locaties weer te geven. |
Go! | Selecteer deze optie om de navigatie naar de locatie te starten met behulp van de aanbevolen route. |
| Selecteer deze optie om de zoekresultaten op de kaart weer te geven. |
Het zoekgebied wijzigen
Het toestel zoekt standaard naar locaties in de buurt van uw huidige locatie. U kunt ook andere gebieden zoeken, zoals in de buurt van uw bestemming, in de buurt van een andere plaats of langs uw actieve route.
- Selecteer Waarheen?.
- Selecteer
naast het huidige zoekgebied
.
![Garmin - DRIVE 53 - Het zoekgebied wijzigen Het zoekgebied wijzigen]()
- Selecteer een zoekgebied.
- Volg indien nodig de aanwijzingen op het scherm om een specifieke locatie te selecteren.
Het geselecteerde zoekgebied wordt weergegeven naast
. Wanneer u naar een locatie zoekt met behulp van een van de opties in het menu Waarheen?, stelt het toestel eerst locaties in de buurt van dit gebied voor.
Nuttige punten
LET OP
U bent zelf verantwoordelijk voor het begrijpen en naleven van alle toepasselijke regels, wetten of voorschriften die aan nuttige punten zijn verbonden.
Een nuttig punt is een plaats die u wellicht handig of interessant vindt. Nuttige punten zijn ingedeeld per categorie en kunnen populaire reisbestemmingen omvatten, zoals tankstations, restaurants, hotels en uitgaansgelegenheden.
Een locatie zoeken op categorie
- Selecteer Waarheen?.
- Selecteer een categorie of selecteer Categorieën.
- Selecteer indien nodig een subcategorie.
- Selecteer een locatie.
Binnen een categorie zoeken
Nadat u een zoekopdracht voor een nuttig punt hebt uitgevoerd, kunnen bepaalde categorieën een lijst met snelle zoekopdrachten weergeven met de laatste vier bestemmingen die u hebt geselecteerd.
- Selecteer Waarheen? > Categorieën.
- Selecteer een categorie.
- Selecteer een optie:
- Selecteer een bestemming in de lijst met snelle zoekopdrachten aan de rechterkant van het scherm.
De lijst met snelle zoekopdrachten biedt een lijst met recent gevonden locaties in de geselecteerde categorie. - Selecteer indien nodig een subcategorie en selecteer een bestemming.
- Selecteer een bestemming in de lijst met snelle zoekopdrachten aan de rechterkant van het scherm.
Nationale parken zoeken
Toestelmodellen met kaarten voor Noord-Amerika of de Verenigde Staten bevatten ook gedetailleerde informatie voor nationale parken in de Verenigde Staten. U kunt naar een nationaal park of een locatie binnen een nationaal park navigeren.
LET OP
U bent zelf verantwoordelijk voor het begrijpen en naleven van alle toepasselijke regels, wetten of voorschriften die aan nationale parken zijn verbonden.
- Selecteer Waarheen? > Nationale parken.
Er verschijnt een lijst met nationale parken, met het dichtstbijzijnde park bovenaan. - Selecteer Zoeken en voer de volledige of een gedeelte van de parknaam in om de resultaten te verfijnen (optioneel).
- Selecteer een nationaal park.
Er verschijnt een lijst met categorieën voor locaties van functies en voorzieningen in het park onder de parknaam. - Selecteer een optie:
- Als u de navigatie naar het park wilt starten, selecteert u Go!.
- Als u meer parkinformatie wilt weergeven of de parkfuncties en -voorzieningen wilt verkennen, selecteert u
. - Als u snel een locatie in het park wilt zoeken, selecteert u een categorie in de lijst onder de parknaam en selecteert u een locatie.
Foursquare
LET OP
Garmin is niet verantwoordelijk voor de nauwkeurigheid of actualiteit van informatie die door Foursquare wordt verstrekt.
U bent zelf verantwoordelijk voor het begrijpen en naleven van toepasselijke regels, wetten of voorschriften met betrekking tot nuttige plaatsen.
Foursquare is een locatiegebaseerd sociaal netwerk. Uw toestel bevat miljoenen vooraf geladen Foursquare nuttige plaatsen, die worden aangegeven met het Foursquare-logo in uw zoekresultaten.
Foursquare nuttige plaatsen zoeken
U kunt zoeken naar Foursquare nuttige plaatsen die op uw toestel zijn geladen.
Selecteer Waarheen? > Foursquare®.
Foursquare locatiegegevens weergeven
U kunt Foursquare locatie-informatie en gebruikersbeoordelingen weergeven.
- Selecteer een Foursquare nuttige plaats in de zoekresultaten.
- Selecteer
.
Tripadvisor
LET OP
Garmin is niet verantwoordelijk voor de nauwkeurigheid of actualiteit van de Tripadvisor informatie.
U bent zelf verantwoordelijk voor het begrijpen en naleven van toepasselijke regels, wetten of voorschriften met betrekking tot nuttige plaatsen.
Uw toestel bevat Tripadvisor reizigersbeoordelingen. Tripadvisor beoordelingen worden automatisch weergegeven in de zoekresultaten voor restaurants, hotels en attracties. U kunt ook zoeken naar nabijgelegen Tripadvisor nuttige plaatsen en sorteren op afstand of populariteit.
Tripadvisor nuttige plaatsen zoeken
- Selecteer Waarheen? > Tripadvisor.
- Selecteer een categorie.
- Selecteer indien nodig een subcategorie.
Er wordt een lijst weergegeven met nabijgelegen Tripadvisor nuttige plaatsen voor de categorie. - Selecteer Resultaten sorteren om de weergegeven nuttige plaatsen te filteren op afstand of populariteit (optioneel).
- Selecteer
, en voer een zoekterm in (optioneel).
Naar nuttige plaatsen binnen een gelegenheid navigeren
OPMERKING: Deze functie is mogelijk niet beschikbaar in alle gebieden of voor alle productmodellen.
U kunt een route maken naar een nuttige plaats (POI) binnen een grotere gelegenheid, zoals een winkel in een winkelcentrum of een specifieke terminal op een luchthaven.
- Selecteer Waarheen? > Zoeken.
- Voer de naam van de gelegenheid in en selecteer
. - Selecteer de gelegenheid.
Er wordt een lijst weergegeven met categorieën voor nuttige plaatsen binnen de gelegenheid. - Selecteer een categorie, selecteer een locatie en selecteer Start!.
Het toestel maakt een route naar de parkeerplaats of de ingang van de gelegenheid die het dichtst bij de nuttige plaats ligt. Wanneer u op de bestemming aankomt, geeft een geblokte vlag de aanbevolen parkeerplaats aan. Een gelabeld punt geeft de locatie van de nuttige plaats binnen de gelegenheid aan.
Zoekhulpmiddelen
Met zoekhulpmiddelen kunt u zoeken naar specifieke typen locaties door te reageren op aanwijzingen op het scherm.
Een kruising zoeken
U kunt zoeken naar een kruising tussen twee straten, snelwegen of andere wegen.
- Selecteer Waarheen? > Kruispunten.
- Volg de aanwijzingen op het scherm om straatinformatie in te voeren.
- Selecteer de kruising.
Een locatie zoeken met behulp van coördinaten
U kunt een locatie zoeken met behulp van coördinaten van de breedte- en lengtegraad.
- Selecteer Waarheen? > Coördinaten.
- Selecteer indien nodig
en wijzig de coördinaatindeling of het datum. - Voer de coördinaten van de breedte- en lengtegraad in.
- Selecteer een optie:
- Als u de coördinaten als een locatie wilt opslaan, selecteert u Opslaan.
- Als u een route naar de coördinaten wilt starten, selecteert u Start!.
Parkeren
Parkeerplaatsen zoeken in de buurt van uw huidige locatie
- Selecteer Waarheen? > Categorieën > Parkeren.
- Selecteer een parkeerlocatie.
- Selecteer Start!.
Parkeerplaatsen zoeken in de buurt van een opgegeven locatie
- Selecteer Waarheen?.
- Zoek naar een locatie.
- Selecteer een locatie in de zoekresultaten.
- Selecteer
.
Er wordt een lijst weergegeven met parkeerplaatsen in de buurt van de geselecteerde locatie. - Selecteer een parkeerlocatie.
- Selecteer Start!.
Recent gevonden locaties weergeven
Uw toestel slaat een geschiedenis op van de laatste 50 locaties die u hebt gevonden.
Selecteer Waarheen? > Recent.
De lijst met recent gevonden locaties wissen
Selecteer Waarheen? > Recent >
> Wissen > Ja.
Informatie over huidige locatie weergeven
U kunt de pagina Waar ben ik? gebruiken om informatie over uw huidige locatie weer te geven. Deze functie is handig als u uw locatie moet doorgeven aan hulpdiensten.
Selecteer het voertuig op de kaart.
Hulpdiensten en tankstations zoeken
U kunt de pagina Waar ben ik? gebruiken om de dichtstbijzijnde ziekenhuizen, politiebureaus en tankstations te zoeken.
- Selecteer het voertuig op de kaart.
- Selecteer Ziekenhuizen, Politiebureaus of Brandstof.
OPMERKING: Sommige servicecategorieën zijn niet in alle gebieden beschikbaar.
Er wordt een lijst met locaties voor de geselecteerde service weergegeven met de dichtstbijzijnde locaties bovenaan. - Selecteer een locatie.
- Selecteer een optie:
- Als u naar de locatie wilt navigeren, selecteert uStart!.
- Als u het telefoonnummer en andere locatiegegevens wilt weergeven, selecteert u
.
Een routebeschrijving naar uw huidige locatie opvragen
Als u iemand anders moet vertellen hoe hij of zij naar uw huidige locatie kan komen, kan uw toestel u een lijst met aanwijzingen geven.
- Selecteer het voertuig op de kaart.
- Selecteer
> Routebeschrijving naar mij. - Selecteer een beginlocatie.
- Selecteer Selecteer.
Een snelkoppeling toevoegen
U kunt snelkoppelingen toevoegen aan het menu Waarheen?. Een snelkoppeling kan verwijzen naar een locatie, een categorie of een zoekhulpmiddel.
Het menu Waarheen? kan maximaal 36 snelkoppelingspictogrammen bevatten.
- Selecteer Waarheen? > Snelkoppeling toevoegen.
- Selecteer een item.
Een snelkoppeling verwijderen
- Selecteer Waarheen? >
> Snelkoppeling(en) verwijderen. - Selecteer een snelkoppeling om te verwijderen.
- Selecteer de snelkoppeling nogmaals om te bevestigen.
- Selecteer Gereed.
Locaties opslaan
Een locatie opslaan
- Zoek naar een locatie (Een locatie zoeken op categorie).
- Selecteer een locatie in de zoekresultaten.
- Selecteer
> Opslaan. - Voer indien nodig een naam in en selecteer Gereed.
- Selecteer Opslaan.
Uw huidige locatie opslaan
- Selecteer het voertuigpictogram op de kaart.
- Selecteer Opslaan.
- Voer een naam in en selecteer Gereed.
Een opgeslagen locatie bewerken
- Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
- Selecteer indien nodig een categorie.
- Selecteer een locatie.
- Selecteer
. - Selecteer
> Bewerken. - Selecteer een optie:
- SelecteerNaam.
- SelecteerTelefoonnummer.
- SelecteerCategorieën om categorieën toe te wijzen aan de opgeslagen locatie.
- SelecteerKaartsymbool om het symbool te wijzigen dat wordt gebruikt om de opgeslagen locatie op een kaart te markeren.
- Bewerk de informatie.
- Selecteer Gereed.
Categorieën toewijzen aan een opgeslagen locatie
U kunt aangepaste categorieën toevoegen om uw opgeslagen locaties te ordenen.
OPMERKING: Categorieën worden weergegeven in het menu met opgeslagen locaties nadat u ten minste 12 locaties hebt opgeslagen.
- Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
- Selecteer een locatie.
- Selecteer
. - Selecteer
> Bewerken > Categorieën. - Voer een of meer categorienamen in, gescheiden door komma's.
- Selecteer indien nodig een voorgestelde categorie.
- Selecteer Gereed.
Een opgeslagen locatie verwijderen
LET OP: Verwijderde locaties kunnen niet worden hersteld.
- Selecteer Waarheen? > Opgeslagen.
- Selecteer
> Verwijderen. - Selecteer het vakje naast de opgeslagen locaties die u wilt verwijderen en selecteer Verwijderen > Ja.
Een route volgen
Routes
Een route is een pad vanaf uw huidige locatie naar een of meer bestemmingen.
- Het toestel berekent een aanbevolen route naar uw bestemming op basis van de voorkeuren die u instelt, waaronder de routeberekeningsmodus (De routeberekeningsmodus wijzigen, pagina 16) en vermijdingen (Vertragingen, tolwegen en gebieden vermijden).
- U kunt snel beginnen met navigeren naar uw bestemming via de aanbevolen route, of u kunt een alternatieve route selecteren (Een route starten).
- Als er specifieke wegen zijn die u wilt gebruiken of vermijden, kunt u de route aanpassen.
- U kunt meerdere bestemmingen toevoegen aan een route (Een locatie toevoegen aan uw route).
Een route starten
- Selecteer Waarheen? en zoek een locatie (Locaties zoeken en opslaan).
- Selecteer een locatie.
- Selecteer een optie:
- Als u de navigatie wilt starten met de aanbevolen route, selecteert u Start!.
- Als u een alternatieve route wilt kiezen, selecteert u
, en selecteert u een route.
Alternatieve routes verschijnen aan de rechterkant van de kaart.
Het toestel berekent een route naar de locatie en begeleidt u met behulp van gesproken aanwijzingen en informatie op de kaart (Uw route op de kaart). Een voorbeeld van de belangrijkste wegen in uw route verschijnt enkele seconden aan de rand van de kaart.
Als u bijkomende bestemmingen wilt toevoegen, kunt u de locaties toevoegen aan uw route (Een locatie toevoegen aan uw route).
Een route starten via de kaart
U kunt een route starten door een locatie op de kaart te selecteren.
- Selecteer Kaart weergeven.
- Sleep en zoom op de kaart om het zoekgebied weer te geven.
- Selecteer een optie:
- Selecteer een locatiemarkering.
- Selecteer een punt, zoals een straat, kruising of adreslocatie.
- Selecteer Start!.
Naar huis gaan
De eerste keer dat u een route naar huis start, vraagt het toestel u om uw thuislocatie in te voeren.
- Selecteer Waarheen? > Naar huis.
- Voer indien nodig uw thuislocatie in.
Uw thuislocatie bewerken
- Selecteer Waarheen? >
> Thuislocatie instellen. - Voer uw thuislocatie in.
Uw route op de kaart
Tijdens uw reis begeleidt het toestel u naar uw bestemming met behulp van gesproken aanwijzingen en informatie op de kaart.
Instructies voor uw volgende afslag, afrit of andere acties verschijnen boven aan de kaart.

| Volgende actie in de route. Geeft de volgende afslag, afrit of andere actie aan en de rijbaan waarin u moet rijden, indien beschikbaar. |
| Afstand tot de volgende actie. |
| Naam van de straat of afrit die aan de volgende actie is gekoppeld. |
| Route gemarkeerd op de kaart. |
| Volgende actie in de route. Pijlen op de kaart geven de locatie van komende acties aan. |
| Voertuigsnelheid. |
| Naam van de weg waarop u rijdt. |
| Geschatte aankomsttijd. TIP: U kunt dit veld aanraken om de informatie te wijzigen die wordt weergegeven (Het kaartgegevensveld wijzigen). |
| Kaarttools. Biedt tools om u meer informatie te tonen over uw route en omgeving. |
Afslaan en aanwijzingen weergeven
Tijdens het navigeren over een route kunt u komende afslagen, rijbaanwisselingen of andere aanwijzingen voor uw route bekijken.
- Selecteer vanuit de kaart een optie:
- Als u komende afslagen en aanwijzingen wilt bekijken tijdens het navigeren, selecteert u
> Afslagen.
De kaarttool geeft de volgende afslagen of aanwijzingen naast de kaart weer. De lijst wordt automatisch bijgewerkt tijdens het navigeren over de route. - Als u de volledige lijst met afslagen en aanwijzingen voor de hele route wilt bekijken, selecteert u de tekstbalk boven aan de kaart.
- Als u komende afslagen en aanwijzingen wilt bekijken tijdens het navigeren, selecteert u
- Selecteer een afslag of aanwijzing (optioneel).
Gedetailleerde informatie wordt weergegeven. Er kan een afbeelding van het knooppunt worden weergegeven voor knooppunten op grotere wegen, indien beschikbaar.
De volledige route op de kaart weergeven
- Selecteer tijdens het navigeren over een route een willekeurige plaats op de kaart.
- Selecteer
.
Aankomen op uw bestemming
Wanneer u uw bestemming nadert, geeft het toestel informatie om u te helpen uw route te voltooien.
geeft de locatie van uw bestemming op de kaart aan en een gesproken aanwijzing meldt dat u uw bestemming nadert.- Wanneer u stopt op uw bestemming, beëindigt het toestel automatisch de route. Als het toestel uw aankomst niet automatisch detecteert, kunt u
> Stop selecteren om uw route te beëindigen.
Parkeren in de buurt van uw bestemming
Uw toestel kan u helpen een parkeerplaats te vinden in de buurt van uw bestemming. Wanneer u bepaalde bestemmingen nadert, stelt het toestel automatisch parkeerterreinen voor.
- Selecteer een optie:
- Wanneer het toestel parkeerplaatsen voorstelt, selecteert u Meer om alle voorgestelde parkeerterreinen te bekijken.
OPMERKING: Wanneer u een voorgestelde parkeerplaats selecteert, werkt het toestel automatisch uw route bij. - Als het toestel geen parkeerlocaties voorstelt, selecteert u Waarheen? > Categoriën > Parkeren en selecteert u
> Mijn bestemming.
- Wanneer het toestel parkeerplaatsen voorstelt, selecteert u Meer om alle voorgestelde parkeerterreinen te bekijken.
- Selecteer een parkeerlocatie en selecteer Start!.
Het toestel begeleidt u naar de parkeerplaats.
Uw actieve route wijzigen
Een locatie toevoegen aan uw route
Voordat u een locatie aan uw route kunt toevoegen, moet u een route navigeren (Een route starten).
U kunt locaties toevoegen aan het midden of het einde van uw route. U kunt bijvoorbeeld een tankstation toevoegen als de volgende bestemming op uw route.
TIP: Om complexe routes met meerdere bestemmingen of geplande stops te maken, kunt u de routeplanner gebruiken om een route te plannen, in te plannen en op te slaan (Een route plannen).
- Selecteer op de kaart
> Waarheen?. - Zoek naar een locatie (Locaties zoeken en opslaan).
- Selecteer een locatie.
- Selecteer Start!.
- Selecteer een optie:
- Als u de locatie wilt toevoegen als de volgende bestemming op uw route, selecteert u Toevoegen als volgende stop.
- Als u de locatie wilt toevoegen aan het einde van uw route, selecteert u Toevoegen als laatste stop.
- Als u de locatie wilt toevoegen en de volgorde van de bestemmingen op uw route wilt bewerken, selecteert u Toevoegen aan actieve route.
Het toestel herberekent de route, voegt de toegevoegde locatie toe en leidt u in de juiste volgorde naar de bestemmingen.
Uw route aanpassen
Voordat u uw route kunt aanpassen, moet u een route starten (Een route starten).
U kunt uw route handmatig aanpassen om de koers ervan te wijzigen. Hierdoor kunt u de route over een bepaalde weg leiden of door een bepaald gebied laten lopen zonder een bestemming aan de route toe te voegen.
- Raak een willekeurige plek op de kaart aan.
- Selecteer Route aanpassen.
TIP: U kunt
selecteren om in te zoomen op de kaart en een nauwkeurigere locatie te selecteren.
Het toestel gaat naar de routeaanpassingsmodus en herberekent de route om via de geselecteerde locatie te lopen. - Selecteer Start!.
- Selecteer indien nodig een optie:
- Als u meer aanpassingspunten aan de route wilt toevoegen, selecteert u meer locaties op de kaart.
- Als u een aanpassingspunt wilt verwijderen, selecteert u het aanpassingspunt en selecteert u Verwijderen.
Een omleiding nemen
U kunt een omleiding nemen over een bepaalde afstand langs uw route of een omleiding nemen rond bepaalde wegen. Dit is handig als u bouwzones, afgesloten wegen of slechte wegomstandigheden tegenkomt.
- Selecteer op de kaart
> Bewerk route. - Selecteer een optie:
- Als u uw route over een bepaalde afstand wilt omleiden, selecteert u Omleiding op afstand.
- Als u een omleiding wilt nemen rond een bepaalde weg op de route, selecteert u Omleiding op weg.
De routeberekeningsmodus wijzigen
- Selecteer Instellingen > Navigatie > Berekeningsmodus.
- Selecteer een optie:
- Selecteer Snellere tijd om routes te berekenen die sneller te rijden zijn, maar qua afstand langer kunnen zijn.
- Selecteer Rechte lijn om rechtstreekse routes te berekenen (zonder wegen).
De route stoppen
Selecteer op de kaart
> Stop.
Vertragingen, tolgelden en gebieden vermijden
Verkeersvertragingen op uw route vermijden
Voordat u verkeersvertragingen kunt vermijden, moet u verkeersinformatie ontvangen (Verkeersgegevens ontvangen met een verkeersinformatieontvanger).
Standaard optimaliseert het toestel uw route om verkeersvertragingen automatisch te vermijden. Als u deze optie hebt uitgeschakeld in de verkeersinstellingen (Verkeersinstellingen), kunt u verkeersvertragingen handmatig bekijken en vermijden.
- Selecteer tijdens het navigeren van een route
> Verkeer. - Selecteer Alternatieve route, indien beschikbaar.
- Selecteer Start!.
Tolwegen vermijden
Uw toestel kan voorkomen dat u door gebieden wordt geleid waarvoor tolgelden gelden, zoals tolwegen, tolbruggen of gebieden met congestieheffing. Het toestel kan nog steeds een tolgebied in uw route opnemen als er geen andere redelijke routes beschikbaar zijn.
- Selecteer Instellingen > Navigatie > Vermijdingen > Tol en heffingen.
- Selecteer Opslaan.
Wegkenmerken vermijden
- Selecteer Instellingen > Navigatie > Vermijdingen.
- Selecteer de wegkenmerken die u wilt vermijden op uw routes en selecteer Opslaan.
Aangepaste vermijdingen
Met aangepaste vermijdingen kunt u specifieke gebieden of weggedeelten selecteren die u wilt vermijden. Wanneer het toestel een route berekent, worden deze gebieden en wegen vermeden, tenzij er geen andere redelijke route beschikbaar is.
Een weg vermijden
- Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepaste vermijdingen.
- Selecteer indien nodig Vermijding toevoegen.
- Selecteer Weg vermijden toevoegen.
- Selecteer het beginpunt van het te vermijden weggedeelte en selecteer Volgende.
- Selecteer het eindpunt van het weggedeelte en selecteer Volgende.
- Selecteer Gereed.
Een gebied vermijden
- Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepaste vermijdingen.
- Selecteer indien nodig Vermijding toevoegen.
- Selecteer Gebied vermijden toevoegen.
- Selecteer de linkerbovenhoek van het te vermijden gebied en selecteer Volgende.
- Selecteer de rechteronderhoek van het te vermijden gebied en selecteer Volgende.
Het geselecteerde gebied wordt gearceerd weergegeven op de kaart. - Selecteer Gereed.
Een aangepaste vermijding uitschakelen
U kunt een aangepaste vermijding uitschakelen zonder deze te verwijderen.
- Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepaste vermijdingen.
- Selecteer een vermijding.
- Selecteer
> Uitschakelen.
Aangepaste vermijdingen verwijderen
- Selecteer Instellingen > Navigatie > Aangepaste vermijdingen >
. - Selecteer een optie:
- Als u alle aangepaste vermijdingen wilt verwijderen, selecteert u Alles selecteren > Verwijderen.
- Als u één aangepaste vermijding wilt verwijderen, selecteert u de vermijding en selecteert u Verwijderen.
De kaart gebruiken
U kunt de kaart gebruiken om een route te navigeren (Uw route op de kaart) of om een kaart van uw omgeving te bekijken wanneer er geen route actief is.
- Selecteer Kaart weergeven.
- Raak een willekeurige plek op de kaart aan.
- Selecteer een optie:
- Sleep de kaart om naar links, rechts, omhoog of omlaag te pannen.
- Als u wilt in- of uitzoomen, selecteert u
of. - Als u wilt schakelen tussen de weergaven Noord boven, 2D en 3D, selecteert u
. - Als u de routeplanner wilt openen, selecteert u
(Routeplanner). - Als u een route wilt starten, selecteert u een locatie op de kaart en selecteert u Start! (Een route starten met behulp van de kaart).
Kaarttools
Kaarttools bieden snelle toegang tot informatie en apparaatfuncties terwijl u de kaart bekijkt. Wanneer u een kaarttool activeert, wordt deze weergegeven in een paneel aan de rand van de kaart.
Stop: stopt de navigatie van de actieve route.
Bewerk route: hiermee kunt u een omleiding nemen of locaties in uw route overslaan.
Navigatie dempen: dempt het apparaatgeluid.
Steden verderop: toont de komende steden en diensten langs uw actieve route of langs een snelweg (Steden verderop).
Verderop: toont de komende locaties langs de route of de weg waarop u rijdt (Verderop).
Verkeer: geeft de verkeerssituatie langs uw route of in uw omgeving weer (Komend verkeer bekijken). Deze functie is niet beschikbaar in alle regio's of voor alle apparaatmodellen.
Reisgegevens: geeft aanpasbare reisgegevens weer, zoals snelheid of afstand (Reisgegevens bekijken vanaf de kaart).
Afslaan: toont een lijst met komende afslagen in uw route (Afslaan en aanwijzingen bekijken).
Een kaarttool bekijken
- Selecteer op de kaart
. - Selecteer een kaarttool.
De kaarttool wordt weergegeven in een paneel aan de rand van de kaart. - Wanneer u klaar bent met het gebruik van de kaarttool, selecteert u
.
Verderop
De tool Verderop biedt informatie over komende locaties langs uw route of de weg waarop u rijdt. U kunt komende nuttige punten per categorie bekijken, zoals restaurants, tankstations of rustplaatsen.
U kunt de categorieën aanpassen die worden weergegeven in de tool Verderop.
Komende locaties bekijken
- Selecteer op de kaart
> Verderop.
Tijdens het reizen toont de kaarttool de volgende locatie langs uw weg of route. - Selecteer een optie:
- Als de kaarttool categorieën toont, selecteert u een categorie om een lijst met nabijgelegen locaties in die categorie weer te geven.
- Als de kaarttool komende locaties toont, selecteert u een locatie om locatiegegevens te bekijken of een route naar de locatie te starten.
De categorieën van Verderop aanpassen
U kunt de locatiecategorieën wijzigen die in de tool Verderop worden weergegeven.
- Selecteer op de kaart
> Verderop. - Selecteer een categorie.
- Selecteer
. - Selecteer een optie:
- Als u een categorie omhoog of omlaag in de lijst wilt verplaatsen, selecteert u de pijl naast de categorienaam en sleept u deze.
- Als u een categorie wilt wijzigen, selecteert u de categorie.
- Als u een aangepaste categorie wilt maken, selecteert u een categorie, selecteert u Aangepaste zoekopdracht en voert u de naam van een bedrijf of categorie in.
- Selecteer Opslaan.
Steden verderop
Wanneer u op een snelweg rijdt of een route navigeert die een snelweg omvat, biedt de tool Steden verderop informatie over komende steden langs de snelweg. Voor elke stad toont de kaarttool de afstand tot de afrit van de snelweg en de beschikbare voorzieningen, vergelijkbaar met de informatie op verkeersborden langs de snelweg.
Komende steden en afritvoorzieningen bekijken
- Selecteer op de kaart
> Steden verderop.
Terwijl u langs een snelweg of een actieve route reist, toont de kaarttool informatie over komende steden en afritten. - Selecteer een stad.
Het toestel toont een lijst met nuttige punten op de geselecteerde afrit van de stad, zoals tankstations, accommodaties of restaurants. - Selecteer een locatie en selecteer Start! om te beginnen met navigeren.
Reisinformatie
Reisgegevens bekijken vanaf de kaart
Selecteer op de kaart
> Reisgegevens.
De velden met reisgegevens aanpassen
- Selecteer op de kaart
> Reisgegevens. - Selecteer een veld met reisgegevens.
- Selecteer een optie.
Het nieuwe veld met reisgegevens wordt weergegeven in de kaarttool met reisgegevens.
Reisgegevens bekijken
De tool met reisgegevens geeft uw snelheid weer en biedt statistieken over uw reis.
Selecteer op de kaart Snelheid.
Uw reisgeschiedenis bekijken
Uw toestel houdt een overzicht bij van de route die u hebt afgelegd.
- Selecteer Instellingen > Kaartweergave > Kaartlagen.
- Schakel het selectievakje Reisgeschiedenis in.
Reisinformatie resetten
- Selecteer op de kaart Snelheid.
- Selecteer
> Veld(en) resetten. - Selecteer een optie:
- Wanneer u geen route navigeert, selecteert u Alles selecteren om alle gegevensvelden te resetten, behalve de snelheidsmeter, op de eerste pagina.
- Selecteer Totale gegevens resetten om Reis A en de totale gegevens te resetten.
- Selecteer Reis B resetten om de kilometerteller te resetten.
- Selecteer Max. snelheid resetten om de maximumsnelheid te resetten.
Komend verkeer bekijken
LET OP
Garmin is niet verantwoordelijk voor de nauwkeurigheid of tijdigheid van de verkeersinformatie.
Voordat u deze functie kunt gebruiken, moet uw toestel verkeersgegevens ontvangen (Verkeer).
U kunt verkeersincidenten bekijken die zich voordoen langs uw route of langs de weg waarop u rijdt.
- Selecteer tijdens het navigeren van een route
> Verkeer.
Het dichtstbijzijnde komende verkeersincident wordt weergegeven in een paneel aan de rechterkant van de kaart. - Selecteer het verkeersincident om meer details te bekijken.
Verkeer op de kaart bekijken
De verkeerskaart toont de verkeersdoorstroming en vertragingen op nabijgelegen wegen met kleurcodes.
- Selecteer in het hoofdmenu Apps > Verkeer.
- Selecteer indien nodig
> Legenda om de legenda voor de verkeerskaart te bekijken.
Zoeken naar verkeersincidenten
- Selecteer in het hoofdmenu Apps > Verkeer.
- Selecteer
> Incidenten. - Selecteer een item in de lijst.
- Als er meer dan één incident is, gebruikt u de pijlen om extra incidenten te bekijken.
De kaart aanpassen
De kaartlagen aanpassen
U kunt aanpassen welke gegevens op de kaart worden weergegeven, zoals topografische kaarten en BirdsEye beelden.
- Selecteer Instellingen > Kaartweergave > Kaartlagen.
- Schakel het selectievakje in naast elke laag die u op de kaart wilt weergeven.
Het kaartgegevensveld wijzigen
- Selecteer op de kaart een gegevensveld.
OPMERKING: U kunt de snelheid niet aanpassen. - Selecteer een type gegevens om weer te geven.
Het kaartperspectief wijzigen
- Selecteer Instellingen > Kaartweergave > Rijdende kaartweergave.
- Selecteer een optie:
- Selecteer Rijrichting boven om de kaart in twee dimensies (2D) weer te geven, met uw reisrichting bovenaan.
- Selecteer Noord boven om de kaart in 2D weer te geven met het noorden bovenaan.
- Selecteer 3D om de kaart in drie dimensies weer te geven.
Verkeer
LET OP
Garmin is niet verantwoordelijk voor de nauwkeurigheid of tijdigheid van de verkeersinformatie.
Uw toestel kan informatie geven over het verkeer op de weg voor u of op uw route. U kunt uw toestel zo instellen dat verkeer wordt vermeden bij het berekenen van routes, en dat er een nieuwe route naar uw bestemming wordt gezocht als er een grote verkeersvertraging optreedt op uw actieve route (Verkeersinstellingen). Op de verkeerskaart kunt u de kaart doorbladeren op verkeersvertragingen in uw omgeving.
Om verkeersinformatie te kunnen verstrekken, moet uw toestel verkeersgegevens ontvangen.
- Alle productmodellen kunnen verkeersgegevens ontvangen met behulp van een draadloze verkeersontvangeraccessoire. Ga naar de productpagina op garmin.com om een compatibele verkeersontvangeraccessoire te vinden en te kopen.
Verkeersgegevens zijn niet overal beschikbaar. Ga voor informatie over de dekkingsgebieden voor verkeer naar garmin.com/traffic.
Verkeersgegevens ontvangen met een verkeersontvanger
LET OP
Verwarmde (gemetalliseerde) voorruiten kunnen de prestaties van de verkeersontvanger verminderen.
Een verkeersontvanger ontvangt verkeersgegevens van een draadloos uitzendsignaal, waar beschikbaar. Om draadloze verkeersgegevens te ontvangen, moet het toestel met behulp van een verkeerscompatibele voedingskabel op de stroomvoorziening van het voertuig zijn aangesloten. Een verkeersontvanger is inbegrepen bij sommige productmodellen (Verkeer). Als uw productmodel geen verkeersontvanger bevat, kunt u naar de productpagina op garmin.com gaan om een compatibele verkeersontvangerkabel als accessoire te vinden en te kopen.
Verkeersgegevens zijn niet overal beschikbaar. Ga voor informatie over de dekkingsgebieden voor verkeer naar garmin.com/traffic.
Sluit het toestel met behulp van de verkeerscompatibele voedingskabel aan op de stroomvoorziening van het voertuig (Montage-overwegingen).
Als uw productmodel verkeersgegevens bevat, is de voedingskabel voor het voertuig die bij uw toestel is meegeleverd, verkeerscompatibel. Als u een verkeersontvangerkabel als accessoire hebt gekocht, dient u de accessoirekabel te gebruiken om het toestel aan te sluiten op de stroomvoorziening van het voertuig.
Wanneer u zich in een dekkingsgebied voor verkeer bevindt, kan uw toestel verkeersinformatie weergeven en u helpen verkeersvertragingen te vermijden.
Verkeer inschakelen
Voordat u verkeer kunt inschakelen, moet u uw toestel aansluiten op een compatibele verkeersontvangerkabel (Verkeersgegevens ontvangen met een verkeersontvanger).
U kunt verkeersgegevens in- of uitschakelen.
- Selecteer Instellingen > Verkeer.
- Selecteer het selectievakje Verkeer.
Verkeer weergeven op de kaart
De verkeerskaart geeft verkeersstromen en vertragingen op nabijgelegen wegen in kleur weer.
- Selecteer in het hoofdmenu Apps > Verkeer.
- Selecteer indien nodig
> Legenda om de legenda voor de verkeerskaart te bekijken.
Zoeken naar verkeersincidenten
- Selecteer in het hoofdmenu Apps > Verkeer.
- Selecteer
> Incidenten. - Selecteer een item in de lijst.
- Als er meer dan één incident is, gebruikt u de pijlen om extra incidenten weer te geven.
De apps gebruiken
De gebruikershandleiding weergeven op uw toestel
U kunt de volledige gebruikershandleiding in veel talen op het scherm van het toestel weergeven.
- Selecteer Apps > Gebruikershandleiding.
De gebruikershandleiding wordt weergegeven in dezelfde taal als de softwaretekst (Taal- en toetsenbordinstellingen). - Selecteer
om in de gebruikershandleiding te zoeken (optioneel).
Routeplanner
U kunt de routeplanner gebruiken om een route te maken en op te slaan die u later kunt navigeren. Dit kan handig zijn voor het plannen van een bezorgroute, een vakantie of een roadtrip. U kunt een opgeslagen route bewerken om deze verder aan te passen, inclusief het opnieuw ordenen van locaties, het toevoegen van voorgestelde attracties en het toevoegen van vormgevingspunten.
U kunt de routeplanner ook gebruiken om uw actieve route te bewerken en op te slaan.
Een route plannen
Een route kan veel locaties bevatten en moet minstens een startlocatie en één bestemming bevatten. De startlocatie is de locatie vanwaar u van plan bent uw route te starten. Als u de route vanaf een andere locatie start, geeft het toestel u de optie om eerst naar uw startlocatie te navigeren. Voor een rondreis kunnen de startlocatie en de uiteindelijke bestemming hetzelfde zijn.
- Selecteer Apps > Routeplanner > Route maken.
- Selecteer indien nodig een berekeningsmodus.
OPMERKING: De modus Snellere tijd is standaard geselecteerd. - Selecteer een optie om een locatie voor uw startpunt te kiezen:
- Selecteer een locatie op de kaart.
- Selecteer
, en zoek naar een locatie (Een locatie zoeken met de zoekbalk).
- Herhaal stap 2 om meer locaties toe te voegen.
OPMERKING: De laatste locatie die u toevoegt, is de bestemming. - Nadat u alle benodigde locaties hebt toegevoegd, selecteert u
.
Locaties in een route bewerken en opnieuw ordenen
- Selecteer Apps > Routeplanner.
- Selecteer een opgeslagen route.
- Selecteer Lijst.
- Selecteer een locatie.
- Selecteer een optie:
- Als u de locatie omhoog of omlaag wilt verplaatsen, selecteert u
en sleept u de locatie naar een nieuwe positie in de route. - Als u na de geselecteerde locatie een nieuwe locatie wilt toevoegen, selecteert u
. - Als u de locatie wilt verwijderen, selecteert u
.
- Als u de locatie omhoog of omlaag wilt verplaatsen, selecteert u
Routeringsopties voor een route wijzigen
U kunt aanpassen hoe het toestel uw route berekent.
- Selecteer Apps > Routeplanner.
- Selecteer een opgeslagen route.
- Selecteer
. - Selecteer een optie:
- Als u vormgevingspunten aan uw route wilt toevoegen, selecteert u Vormgeving en selecteert u ten minste één locatie.
- Als u de berekeningsmodus voor de route wilt wijzigen, raakt u een routesegment aan en selecteert u een berekeningsmodus.
Naar een opgeslagen route navigeren
- Selecteer Apps > Routeplanner.
- Selecteer een opgeslagen route.
- Selecteer Start!.
- Selecteer de eerste locatie waarnaar u wilt navigeren en selecteer OK.
- Selecteer Start.
Het toestel berekent een route van uw huidige locatie naar de geselecteerde locatie en leidt u vervolgens in volgorde naar de overige routebestemmingen.
Uw actieve route bewerken en opslaan
Als een route actief is, kunt u de routeplanner gebruiken om deze te bewerken en op te slaan.
- Selecteer Apps > Routeplanner > Mijn actieve route.
- Bewerk uw route met behulp van een van de functies van de routeplanner.
De route wordt telkens opnieuw berekend wanneer u een wijziging aanbrengt. - Selecteer Opslaan om uw route op te slaan, zodat u er later opnieuw naartoe kunt navigeren (optioneel).
Eerdere routes en bestemmingen weergeven
Voordat u deze functie kunt gebruiken, moet u de functie voor reisgeschiedenis inschakelen (Toestel- en privacyinstellingen).
U kunt uw eerdere routes en plaatsen waar u bent gestopt op de kaart bekijken.
Selecteer Apps > Reisgeschiedenis.
Instellingen
Kaart- en voertuiginstellingen
Selecteer Settings (Instellingen) > Map Display (Kaartweergave).
Map Vehicle Icon (Voertuigpictogram op kaart): Stelt het voertuigpictogram in dat uw positie op de kaart aangeeft.
Driving Map View (Kaartweergave tijdens het rijden): Stelt het perspectief op de kaart in.
Map Detail (Kaartdetail): Stelt het detailniveau op de kaart in. Meer details kunnen ervoor zorgen dat de kaart langzamer wordt getekend.
Map Theme (Kaartthema): Wijzigt de kleur van de kaartgegevens.
Map Layers (Kaartlagen): Stelt de gegevens in die op de kaartpagina worden weergegeven (Kaartlagen aanpassen).
myMaps: Stelt in welke geïnstalleerde kaarten het toestel gebruikt.
Kaarten inschakelen
U kunt kaartproducten inschakelen die op uw toestel zijn geïnstalleerd.
TIP: Als u extra kaartproducten wilt aanschaffen, gaat u naar buy.garmin.com.
- Selecteer Settings (Instellingen) > Map Display (Kaartweergave) > myMaps.
- Selecteer een kaart.
Navigatie-instellingen
Selecteer Settings (Instellingen) > Navigation (Navigatie).
Calculation Mode (Berekeningsmodus): Stelt de methode voor routeberekening in.
Avoidances (Vermijdingen): Stelt in welke wegkenmerken moeten worden vermeden op een route.
Custom Avoidances (Aangepaste vermijdingen): Hiermee kunt u specifieke wegen of gebieden vermijden.
Restricted Mode (Beperkte modus): Schakelt alle functies uit die de aandacht van de bestuurder vereisen.
GPS Simulator (GPS-simulator): Voorkomt dat het toestel een GPS-signaal ontvangt en spaart batterijvermogen.
Instellingen voor de berekeningsmodus
Selecteer Settings (Instellingen) > Navigation (Navigatie) > Calculation Mode (Berekeningsmodus).
De routeberekening is gebaseerd op wegsnelheden en voertuigversnellingsgegevens voor een bepaalde route.
Faster Time (Snellere tijd): Berekent routes die sneller te rijden zijn, maar een langere afstand kunnen hebben.
Straight Line (Rechte lijn): Berekent een directe lijn van uw locatie naar uw bestemming.
Een gesimuleerde locatie instellen
Als u zich binnenshuis bevindt of geen satellietontvangst hebt, kunt u de GPS-simulator gebruiken om routes te plannen vanaf een gesimuleerde locatie.
- Selecteer Settings (Instellingen) > Navigation (Navigatie) > GPS Simulator (GPS-simulator).
- Selecteer in het hoofdmenu View Map (Kaart bekijken).
- Tik twee keer op de kaart om een gebied te selecteren.
Het adres van de locatie verschijnt onder aan het scherm. - Selecteer de locatiebeschrijving.
- Selecteer Set Location (Locatie instellen).
Instellingen voor rijhulp
Selecteer Settings (Instellingen) > Driver Assistance (Rijhulp).
Driver Alerts (Bestuurderswaarschuwingen): Hiermee kunt u waarschuwingen voor aankomende zones of wegomstandigheden in- of uitschakelen (Functies en waarschuwingen voor bestuurdersalertheid).
Speeding Alert (Snelheidswaarschuwing): Waarschuwt u wanneer u de maximumsnelheid overschrijdt.
Reduced Speed Tone (Toon bij lagere snelheid): Waarschuwt u wanneer de maximumsnelheid afneemt.
Route Preview (Routevoorbeeld): Toont een voorbeeld van de belangrijkste wegen in uw route wanneer u de navigatie start.
Proximity Alerts (Naderingswaarschuwingen): Waarschuwt u wanneer u flitspalen of roodlichtcamera's nadert.
Instellingen voor naderingswaarschuwingen
OPMERKING: U moet aangepaste nuttige punten (POI's) hebben geladen om naderingswaarschuwingen te kunnen weergeven.
OPMERKING: Deze functie is niet in alle gebieden beschikbaar.
Selecteer Settings (Instellingen) > Driver Assistance (Rijhulp) > Proximity Alerts (Naderingswaarschuwingen).
Audio: Stelt de stijl van de waarschuwing in die wordt afgespeeld wanneer u naderingspunten nadert.
Alerts (Waarschuwingen): Stelt het type naderingspunten in waarvoor waarschuwingen worden afgespeeld.
Weergave-instellingen
Selecteer Settings (Instellingen) > Display (Weergave).
Color Mode (Kleurmodus): Hiermee kunt u de kleurmodus voor dag of nacht selecteren. Als u de optie Auto selecteert, schakelt het toestel automatisch over naar dag- of nachtkleuren, afhankelijk van het tijdstip.
Brightness (Helderheid): Hiermee kunt u de helderheid van het scherm aanpassen.
Display Timeout (Time-out scherm): Hiermee kunt u de hoeveelheid inactiviteit instellen waarna het toestel in de slaapstand gaat bij gebruik van batterijvermogen.
Screenshot (Schermafbeelding): Hiermee kunt u een foto van het scherm van het toestel maken. Schermafbeeldingen worden opgeslagen in de map Screenshot van de opslag van het toestel.
Verkeersinstellingen
Selecteer in het hoofdmenu Settings (Instellingen) > Traffic (Verkeer).
Traffic (Verkeer): Schakelt de verkeersfunctie in.
Instellingen voor eenheden en tijd
Als u de pagina met instellingen voor eenheden en tijd wilt openen, selecteert u in het hoofdmenu Settings (Instellingen) > Units & Time (Eenheden en tijd).
Current Time (Huidige tijd): Stelt de tijd op het toestel in.
Time Format (Tijdnotatie): Hiermee kunt u een weergavetijd van 12 uur, 24 uur of UTC selecteren.
Units (Eenheden): Stelt de meeteenheid in die wordt gebruikt voor afstanden.
Position Format (Positie-indeling): Stelt de coördinaatindeling en het datum in die worden gebruikt voor geografische coördinaten.
De tijd instellen
- Selecteer in het hoofdmenu de tijd.
- Selecteer een optie:
- Als u de tijd automatisch wilt instellen met behulp van GPS-gegevens, selecteert u Automatic (Automatisch).
- Als u de tijd handmatig wilt instellen, sleept u de cijfers omhoog of omlaag.
Taal- en toetsenbordinstellingen
Als u de taal- en toetsenbordinstellingen wilt openen, selecteert u in het hoofdmenu Settings (Instellingen) > Language & Keyboard (Taal en toetsenbord).
Voice Language (Spreektaal): Stelt de taal in voor gesproken aanwijzingen.
Text Language (Teksttaal): Stelt alle tekst op het scherm in op de geselecteerde taal.
OPMERKING: Als u de teksttaal wijzigt, wordt de taal van door de gebruiker ingevoerde gegevens of kaartgegevens, zoals straatnamen, niet gewijzigd.
Keyboard Language (Toetsenbordtaal): Schakelt toetsenbordtalen in.
Toestel- en privacyinstellingen
Selecteer Settings (Instellingen) > Device (Toestel).
About (Over): Geeft het softwareversienummer, het toestel-ID-nummer en informatie over diverse andere softwarefuncties weer.
Regulatory (Regelgeving): Geeft markeringen en informatie over regelgeving weer.
EULAs: Geeft de licentieovereenkomsten voor eindgebruikers weer.
OPMERKING: U hebt deze informatie nodig wanneer u de systeemsoftware bijwerkt of extra kaartgegevens aanschaft.
Software Licenses (Softwarelicenties): Geeft informatie over softwarelicenties weer.
Travel History (Reisgeschiedenis): Staat het toestel toe een overzicht bij te houden van de plaatsen die u bezoekt. Zo kunt u het reislogboek bekijken, de functie Reisgeschiedenis gebruiken en voorgestelde myTrends™ routes gebruiken.
Reset (Resetten): Hiermee kunt u uw reisgeschiedenis wissen, instellingen resetten of alle gebruikersgegevens verwijderen.
Gegevens en instellingen resetten
Het toestel biedt diverse opties om uw gebruikersgegevens te verwijderen en alle instellingen terug te zetten naar de standaard fabrieksinstellingen.
- Selecteer Settings (Instellingen) > Device (Toestel) > Reset (Resetten).
- Selecteer een optie:
- Als u uw reisgeschiedenis wilt wissen, selecteert u Clear Travel History (Reisgeschiedenis wissen).
Met deze optie worden alle gegevens over de plaatsen die u hebt bezocht, verwijderd. Opgeslagen locaties of geïnstalleerde kaarten worden niet verwijderd. - Als u alle instellingen wilt terugzetten naar de standaard fabrieksinstellingen, selecteert u Reset Default Settings (Standaardinstellingen herstellen).
Met deze optie worden geen gebruikersgegevens verwijderd. - Als u alle gebruikersgegevens wilt verwijderen en alle instellingen wilt terugzetten naar de standaard fabrieksinstellingen, selecteert u Delete Data and Reset Settings (Gegevens verwijderen en instellingen herstellen).
Met deze optie worden alle gebruikersgegevens verwijderd, inclusief uw opgeslagen locaties, recent gevonden locaties en reisgeschiedenis. Geïnstalleerde kaarten worden niet verwijderd.
- Als u uw reisgeschiedenis wilt wissen, selecteert u Clear Travel History (Reisgeschiedenis wissen).
Toestelinformatie
E-labelinformatie over regelgeving en naleving weergeven
- Veeg in het instellingenmenu naar de onderkant van het menu.
- Selecteer Device (Toestel) > Regulatory (Regelgeving).
Specificaties
| Bedrijfstemperatuurbereik | Van -20 °C tot 55 °C (van -4 °F tot 131 °F) |
| Oplaadtemperatuurbereik | Van 0 °C tot 45 °C (van 32 °F tot 113 °F) |
| Draadloze frequentie en zendvermogen | 2,4 GHz @ maximaal 18,4 dBm |
| EU SAR | 0,13 W/kg romp, 0,35 W/kg ledemaat |
| Stroominvoer | Voertuigvoeding via de meegeleverde voedingskabel voor het voertuig. Netvoeding met behulp van een optioneel accessoire (uitsluitend voor gebruik thuis en op kantoor). |
| Batterijtype | Oplaadbare lithium-ion |
Het toestel opladen
OPMERKING: Dit product van klasse III moet worden gevoed door een LPS-voeding.
U kunt de batterij op een van deze manieren opladen.
- Sluit het toestel aan op de stroomvoorziening van het voertuig.
- Sluit het toestel aan op een optionele stroomadapter, zoals een netvoedingsadapter.
U kunt een goedgekeurde Garmin AC-DC-adapter voor thuis- of kantoorgebruik aanschaffen bij een Garmin dealer of op www.garmin.com. Het toestel laadt mogelijk langzaam op wanneer het is aangesloten op een adapter van derden.
Apparaatonderhoud
Garmin Support Center
Ga naar support.garmin.com voor hulp en informatie, zoals producthandleidingen, veelgestelde vragen, video's en klantenservice.
Kaart- en software-updates
Voor de beste navigatie-ervaring moet u de kaarten en software op uw toestel up-to-date houden.
Kaartupdates bieden de nieuwste beschikbare wijzigingen aan wegen en locaties in de kaarten die door uw toestel worden gebruikt.
Door de kaarten up-to-date te houden, kan uw toestel recent toegevoegde locaties vinden en nauwkeurigere routes berekenen. Kaartupdates zijn groot en kunnen enkele uren duren om te voltooien.
Software-updates bieden wijzigingen en verbeteringen aan de functies en werking van het toestel.
Kaarten en software bijwerken met Garmin Express™
U kunt de Garmin Express applicatie gebruiken om de nieuwste kaart- en software-updates voor uw toestel te downloaden en te installeren.
- Als u de Garmin Express applicatie niet op uw computer hebt geïnstalleerd, gaat u naar garmin.com/express en volgt u de instructies op het scherm om deze te installeren (Garmin Express installeren).
- Open de
Garmin Express applicatie. - Verbind uw toestel met uw computer met behulp van een USB-kabel.
Het kleine uiteinde van de kabel wordt aangesloten op de USB-poort
op uw Garmin Drive toestel en het grote uiteinde wordt aangesloten op een beschikbare USB-poort op uw computer.
![Garmin - DRIVE 53 - Kaarten en software bijwerken - Deel 1 Kaarten en software bijwerken - Deel 1]()
- Selecteer op uw Garmin Drive toestel Tik om verbinding te maken met computer.
- Als uw Garmin Drive toestel u vraagt om de modus voor bestandsoverdracht te openen, selecteert u Doorgaan.
- Klik in de Garmin Express applicatie op Toestel toevoegen.
De Garmin Express applicatie zoekt naar uw toestel en geeft de naam en het serienummer van het toestel weer. - Klik op Toestel toevoegen en volg de instructies op het scherm om uw toestel toe te voegen aan de Garmin Express applicatie.
Wanneer de installatie is voltooid, toont de Garmin Express applicatie de beschikbare updates voor uw toestel.
![Garmin - DRIVE 53 - Kaarten en software bijwerken - Deel 2 Kaarten en software bijwerken - Deel 2]()
- Selecteer een optie:
- Als u alle beschikbare updates wilt installeren, klikt u op Alles installeren.
- Als u een specifieke update wilt installeren, klikt u op Details bekijken en klikt u op Installeren naast de update die u wilt.
De Garmin Express applicatie downloadt en installeert de updates op uw toestel. Kaartupdates zijn erg groot en dit proces kan lang duren bij tragere internetverbindingen.
LET OP: Als een kaartupdate te groot is voor de interne opslag van het toestel, kan de software u vragen om een microSD® kaart in uw toestel te plaatsen om opslagruimte toe te voegen (Een geheugenkaart plaatsen voor kaarten en gegevens).
- Volg de instructies op het scherm tijdens het updateproces om de installatie van de updates te voltooien.
Tijdens het updateproces kan de Garmin Express applicatie u bijvoorbeeld vragen om de verbinding met uw toestel te verbreken en opnieuw te verbinden.
Garmin Express installeren
De Garmin Express applicatie is beschikbaar voor Windows® en Mac® computers.
- Ga op uw computer naar garmin.com/express.
- Selecteer een optie:
- Als u de systeemvereisten wilt bekijken en wilt controleren of de Garmin Express applicatie compatibel is met uw computer, selecteert u Systeemvereisten.
- Als u wilt installeren op een Windows computer, selecteert u Download voor Windows.
- Als u wilt installeren op een Mac computer, selecteert u Download voor Mac.
- Open het gedownloade bestand en volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien.
Apparaatonderhoud
LET OP
Laat uw toestel niet vallen.
Bewaar het toestel niet op een plek waar het langdurig kan worden blootgesteld aan extreme temperaturen, omdat dit permanente schade kan veroorzaken.
Gebruik nooit een hard of scherp voorwerp om het touchscreen te bedienen, omdat dit schade kan veroorzaken.
Stel het toestel niet bloot aan water.
De buitenkant reinigen
LET OP
Vermijd chemische reinigingsmiddelen en oplosmiddelen die plastic onderdelen kunnen beschadigen.
- Reinig de buitenkant van het toestel (niet het touchscreen) met een doek die is bevochtigd met een milde reinigingsmiddeloplossing.
- Veeg het toestel droog.
Het touchscreen reinigen
- Gebruik een zachte, schone, pluisvrije doek.
- Maak de doek indien nodig licht vochtig met water.
- Als u een vochtige doek gebruikt, schakelt u het toestel uit en koppelt u het los van de stroomvoorziening.
- Veeg voorzichtig over het scherm met de doek.
Diefstal voorkomen
- Verwijder het toestel en de steun uit het zicht wanneer u deze niet gebruikt.
- Verwijder de resten die door de zuignap op de voorruit zijn achtergebleven.
- Bewaar uw toestel niet in het dashboardkastje.
- Registreer uw toestel met behulp van de Garmin Express software (garmin.com/express).
Het toestel opnieuw opstarten
U kunt uw toestel opnieuw opstarten als het niet meer functioneert.
Houd de aan/uit-knop 12 seconden ingedrukt.
Het toestel, de steun en de zuignap verwijderen
Het toestel van de steun verwijderen
- Druk op het ontgrendellipje of de knop op de steun.
- Kantel de onderkant van het toestel omhoog en til het toestel van de steun.
De steun van de zuignap verwijderen
- Draai zo nodig de moer los waarmee de steun aan de kogel van de zuignap is bevestigd.
- Draai de toestelsteun naar rechts of links.
- Oefen druk uit totdat de aansluiting op de steun de kogel op de zuignap loslaat.
De zuignap van de voorruit verwijderen
- Klap de hendel op de zuignap naar u toe.
- Trek het lipje op de zuignap naar u toe.
Probleemoplossing
Ik kan de helderheid van het scherm op mijn toestel niet aanpassen
Als uw Garmin Drive toestel niet van voldoende stroom wordt voorzien, wordt het scherm niet op volle helderheid weergegeven.
- Controleer of uw auto is ingeschakeld en stroom levert aan het stopcontact.
- Controleer of het Garmin Drive toestel is aangesloten op de stroomvoorziening van de auto met behulp van de meegeleverde stroomkabel voor in de auto en de meegeleverde stroomadapter voor in de auto (Montageoverwegingen).
De zuignap blijft niet op mijn voorruit zitten
- Reinig de zuignap en de voorruit met ontsmettingsalcohol.
- Droog met een schone, droge doek.
- Monteer de zuignap (Montageoverwegingen).
Mijn toestel ontvangt geen satelliet signalen
- Controleer of de GPS-simulator is uitgeschakeld (Navigatie-instellingen).
- Neem uw toestel mee uit parkeergarages en uit de buurt van hoge gebouwen en bomen.
- Blijf enkele minuten stilstaan.
Mijn batterij blijft niet lang opgeladen
- Verlaag de helderheid van het scherm (Weergave-instellingen).
- Verkort de time-out van het scherm (Weergave-instellingen).
- Verlaag het volume (Het volume aanpassen).
- Zet het toestel in de energiebesparende modus wanneer u het niet gebruikt (Het toestel in- of uitschakelen).
- Houd uw toestel uit de buurt van extreme temperaturen.
- Laat uw toestel niet in direct zonlicht liggen.
Een geheugenkaart plaatsen voor kaarten en gegevens
U kunt een geheugenkaart plaatsen om de opslagruimte voor kaarten en andere gegevens op uw toestel te vergroten. U kunt geheugenkaarten kopen bij een leverancier van elektronica. Het toestel ondersteunt microSD geheugenkaarten van 4 tot 256 GB. Geheugenkaarten moeten de FAT32-bestandssysteemindeling gebruiken. Geheugenkaarten van meer dan 32 GB moeten met het toestel worden geformatteerd.
- Zoek de sleuf voor de kaart voor kaart- en gegevensopslag op uw toestel (Garmin Drive 53 toesteloverzicht).
- Plaats een geheugenkaart in de sleuf.
- Druk de kaart aan totdat deze vastklikt.
Gegevensbeheer
Het toestel heeft een geheugenkaartsleuf voor extra gegevensopslag.
LET OP: Het toestel is compatibel met Windows 7 en nieuwer en Mac OS 10.7 en nieuwer.
Over geheugenkaarten
U kunt geheugenkaarten kopen bij een leverancier van elektronica of voorgeladen Garmin kaartsoftware kopen (www.garmin.com).
Geheugenkaarten kunnen worden gebruikt voor het opslaan van bestanden zoals kaarten en aangepaste nuttige punten.
Het toestel aansluiten op uw computer
U kunt het toestel met een USB-kabel aansluiten op uw computer.
- Steek het kleine uiteinde van de USB-kabel in de poort op het toestel.
- Steek het grotere uiteinde van de USB-kabel in een poort op uw computer.
- Selecteer op uw Garmin Drive toestel Tik om verbinding te maken met computer.
- Als uw Garmin Drive toestel u vraagt om de modus voor bestandsoverdracht te openen, selecteert u Doorgaan.
Er verschijnt een afbeelding van uw toestel dat is aangesloten op een computer op het scherm van het toestel.
Afhankelijk van het besturingssysteem van uw computer wordt het toestel weergegeven als een draagbaar toestel, een verwisselbare schijf of een verwisselbaar volume.
Gegevens overbrengen van uw computer
- Sluit het toestel aan op uw computer (Het toestel aansluiten op uw computer).
Afhankelijk van het besturingssysteem van uw computer wordt het toestel weergegeven als een draagbaar toestel, een verwisselbare schijf of een verwisselbaar volume. - Open de bestandsbrowser op uw computer.
- Selecteer een bestand.
- Selecteer Bewerken > Kopiëren.
- Blader naar een map op het toestel.
LET OP: Voor een verwisselbare schijf of volume moet u geen bestanden in de Garmin map plaatsen. - Selecteer Bewerken > Plakken.
De USB-kabel loskoppelen
Als uw toestel op uw computer is aangesloten als een verwisselbare schijf of een verwisselbaar volume, moet u uw toestel veilig loskoppelen van uw computer om gegevensverlies te voorkomen. Als uw toestel op uw Windows computer is aangesloten als een draagbaar toestel, is het niet nodig om het toestel veilig los te koppelen.
- Voltooi een actie:
- Voor Windows computers selecteert u het pictogram Hardware veilig verwijderen in het systeemvak en selecteert u uw toestel.
- Voor Apple® computers selecteert u het toestel en selecteert u Bestand > Verwijderen.
- Koppel de kabel los van uw computer.
GPS-signaalstatus weergeven
Houd
drie seconden ingedrukt.
Aanvullende kaarten kopen
- Ga naar de productpagina van uw toestel op garmin.com.
- Klik op het tabblad Maps (Kaarten).
- Volg de instructies op het scherm.
Accessoires kopen
- Optionele accessoires zijn beschikbaar op garmin.com of bij uw Garmin dealer.
Referenties
Officiële Garmin website | Nederland
Garmin live verkeersinformatie | Garmin
Officiële Garmin website | Nederland
Officiële Garmin website | Nederland
Garmin | Nederland | Support
Garmin Express - Windows | Garmin
Garmin Express - Windows | Garmin
Download handleiding
Hier kunt u de volledige pdf-versie van de handleiding downloaden. Deze kan aanvullende veiligheidsinstructies, garantie-informatie, FCC-regels, enz. bevatten.
Download Garmin DRIVE 53 Handleiding
terug naar de voorruit.
op de kogel van de zuignap
totdat deze vastklikt.
op het toestel.

, of sluit u het toestel aan op de stroom.
om terug te keren naar het vorige menuscherm.
of
om door lijsten of menu's te bladeren.
om een contextafhankelijk menu met opties voor het huidige scherm te bekijken.
Go!
naast het huidige zoekgebied
.
.
.
.

