17. Druk desgewenst op
van de tank in te schakelen. Zie pagina 82 voor meer
informatie over het automatisch vullen van de tank.
18. Laat de doseerpompen draaien totdat het materiaal
de gewenste temperatuur bereikt heeft.
OPMERKING: Als u de doseerpomp aan de A-zijde bij
een druk laat circuleren die hoger is dan 3000 psi (21 MPa,
210 bar), wordt er een melding weergegeven en gaat het
gele lampje op het display branden. Dit is een herinnering
om de Spuitmodus te selecteren alvorens te spuiten en om
te circuleren bij een lagere druk om overmatige slijtage aan
de pomp te vermijden.
OPMERKING: Als u de doseerpomp aan A-zijde bij een druk
hoger dan 35,4 MPa (354 bar, 5200 psi) laat circuleren, dan
wordt de pomp door een alarm stilgezet om te voorkomen
dat er per ongeluk materiaal wordt gespoten terwijl de
circulatiemodus nog is ingeschakeld.
OPMERKING: Als de circulatieventielen gesloten zijn
tijdens het circuleren, maar de besturing in circulatiemodus
wordt gelaten, geeft de machine na 5 seconden een alarm
en wordt de circulatiemodus afgesloten. Dit wordt gedaan
om spuiten in de Circulatiemodus te voorkomen.
19. Zodra de materialen de gewenste temperatuur hebben
bereikt, zoals weergegeven op het toevoerscherm,
drukt u op
.
20. Draai de luchtregelaar van de doseerpomp (CD)
linksom naar 0 psi.
CA
3B0367S
om automatisch vullen
21. Sluit de recirculatieventielen.
22. Voer Pomp- en doseertest en kalibratie voor de
modus Verhouding naar gewicht op pagina 47 uit.
23. Voer de Verhoudingstest uit (Batchdosering of
verhoudingstest) op pagina 49.
24. Voer de Stroomafwaartse ventiellektest op
pagina 51 uit.
25. Open de kogelventielen van het mengspruitstuk.
26. Selecteer
CD
27. Druk op
.
om de doseerpompen te starten.
Spuiten
ti20128a
41