Rep.
Achter of verticaal geïsoleerd luchtkanaal Ø80/125 - 355
mm lang
(luchtkanaalmond + Ø125 wandverbinding + F155/
a1
F125 wandflens + Ø125 geïsoleerde elleboog [bruikbare
lengte 255 mm] + Ø80 F/F PVC-elleboog + afdekking
voor geïsoleerde elleboog)
Geïsoleerd zijdelings of verticaal Ø80/125 - 975 mm
luchtkanaal
(luchtkanaalmond + Ø125 wandverbinding + F155/
a2
F125 wandflens + Ø125 geïsoleerde elleboog [bruikbare
lengte 875 mm] + Ø80 F/F PVC-elleboog + afdekking
voor geïsoleerde elleboog)
Lateraal of verticaal Øinw 125, 2,2 m lange geïsoleerde
b
verlenging
e
Ø80 PVC buis
f
Ø125 PVC buis
i
Ø80 luchtkanaalmond
Ø80/125 verticaal luchtkanaal
j
(37° tot 50° flitsing + waterdichte afdichting +
bevestigingsring + 2 F155/F125 flensringen
- Positioneer de Ø80/125 verticale eindterminal op het dak.
- Lijm een PVC F/F Ø80mm mof aan het onderste deel van de
Ø80mm buis op de Ø80/125 verticale eindterminal.
- Verwijder de Ø80 PVC-buis (lengte 140 mm) die zich bevindt op
de luchtuitlaat van het apparaat.
- Snijd de Ø125 PVC-buis (rep.f) af op (X mm).
- Snijd de Ø80 PVC-buis (rep.e) af op (X + D + A + 80 mm).
- Als A < 920 mm, snijd dan de geïsoleerde luchtkanaalmantel
(rep.a2) af tot A + 50 mm.
- Als A > 920 mm, snijd dan de geïsoleerde verlengbuis (rep.b) af
tot A + 50 mm.
-
installaterus
Fig.2
Omschrijving
WARMTEPOMPBOILER 100 - 150L LUCHT/WATER
• Positioneer de Ø125 PVC-buis door het plafond en de isolatie,
samen met de twee F155/F125 flensringen, waarbij er één aan
de binnenkant en één aan de buitenkant wordt geplaatst.
Lijm de twee F155/F125 flensringen
NIET op de Ø125 PVC-buis.
• Als de Ø80 PVC-buis niet kort genoeg is om over de bovenkant
te passen, steek deze dan:
- in de elleboog van de geïsoleerde luchtkanaalmantel (rep.
a2) Fig.1
- of in de Ø125mm geïsoleerde verlengbuis (rep.b) Fig.2,
vervolgens in de Ø125 PVC-buis, en daarna in de elleboog
van de geïsoleerde luchtkanaalmantel (rep.a1 of a2) (die
mogelijk verlengd moet worden [zie hieronder, afhankelijk
van de dimensies van «D»]).
• Als de Ø80 PVC-buis niet kort genoeg is om over de bovenkant
te passen, plaats het in de bocht van het geïsoleerde luchtkanaal
(rep.a1 of a2) (dat kan worden verlengd [zie hieronder, afhankelijk
van de afmetingen van «D»]), vervolgens in de Ø125 PVC-buis, en
dan ofwel in de Ø125 geïsoleerde verlengbuis (rep.b) Fig.2 of in
de bocht van het geïsoleerde luchtkanaal (rep.a2) Fig.1.
• Schuif de Ø80 PVC-buis op het onderste deel van de F/F Ø80
verticale terminal (indien van toepassing, door de stopper en
afdekking op het geïsoleerde luchtkanaal te verwijderen) (rep.
a2) Fig.1. Schuif de bocht van het geïsoleerde luchtkanaal (rep.
a2) Fig.1 of de 50mm geïsoleerde verlengbuis Ø125 (rep.b) Fig.2
op de Ø80/125 verticale terminal door deze voorzichtig verticaal
in te drukken.
• Schuif ofwel het geïsoleerde luchtkanaal (rep.a2) Fig.1 of de Ø125
geïsoleerde verlengbuis (rep.b) Fig.2 in de F155/F125 bovenste
flensring.
• Afhankelijk van de hoogte van «D» :
- als D = 350mm
- als 220mm < D < 350mm gebruik de bocht van het Ø80/125
- als 350mm < D < 970mm gebruik de bocht van het Ø80/125
Minimale snijhoogte op de geïsoleerde
bocht Ø125 (rep.a1) = 220mm
• Schuif de bocht van het geïsoleerde luchtkanaal (rep.a1 of a2) in
de onderste F155/F125 flensring.
• Verwijder de stopper en afdekking op het geïsoleerde luchtkanaal
(rep.a1 of a2), schuif de Ø80 PVC-buis op de luchtaansluiting van
het apparaat en de geïsoleerde verlengbuis op de luchtinlaat van
het apparaat (knijp voorzichtig in de bocht van het geïsoleerde
luchtkanaal om ervoor te zorgen dat deze tegelijkertijd door de
F155/F125 flensring en om de luchtinlaat gaat).
• Plaats de stopper en afdekking terug op de geïsoleerde bocht
(rep.a1 of a2).
• Plaats bevestigingsklemmen langs de geïsoleerde verlengbuis met
tussenpozen van 2 meter.
gebruik de bocht van het Ø80/125
geïsoleerde luchtkanaal (rep.a1)
zonder deze te snijden.
geïsoleerde luchtkanaal (rep.a1)
door deze te snijden.
geïsoleerde luchtkanaal (rep.a2)
door deze te snijden.
-
handleiding
19