36
Sleutels, portieren en ruiten
van elektronische gegevens en beta‐
ling van gelden moeten op deze plek‐
ken worden bevestigd. Anders is het
mogelijk dat gegevens over ongeval‐
len niet worden geregistreerd.
Stickers op de voorruit
Plak rondom de achteruitkijkspiegel
geen stickers, zoals tolvignetten of
soortgelijke stickers, op de voorruit.
Anders kunnen de detectiezone van
de sensor en het zichtveld van de ca‐
mera in de spiegelbehuizing kleiner
worden.
Handbediende ruiten
De portierruiten zijn met de handslin‐
gers te bedienen.
Elektrisch bediende ruiten
9 Waarschuwing
Wees voorzichtig bij het gebruik
van de elektrische ruitbediening.
Er bestaat verwondingsgevaar,
met name voor kinderen.
Als er achterin kinderen zitten,
moet u de kinderbeveiliging van
de elektrische ruitbediening in‐
schakelen.
Ruiten tijdens het sluiten goed in
de gaten houden. Ervoor zorgen
dat niets of niemand bekneld
raakt.
De elektrische ruitbediening is te ge‐
bruiken
■ bij ingeschakeld contact,
■ binnen 10 minuten na het uitscha‐
kelen van het contact totdat een
portier wordt geopend.
De ruit kan niet meer worden bediend
wanneer na het afzetten van het con‐
tact een van de voorportieren wordt
geopend.
Druk de schakelaar van de desbetref‐
fende ruit in om de ruit te openen of
trek aan de schakelaar om de ruit te
sluiten.
Bediening
Toets voorzichtig indrukken of uittrek‐
ken: ruit komt omhoog of omlaag zo‐
lang u de schakelaar bedient.
Toets verder indrukken of er stevig
aan trekken en vervolgens loslaten:
ruit komt automatisch omlaag.
U stopt de ruit door de schakelaar
nogmaals in dezelfde richting te be‐
dienen.