M. POLAR VERKLARENDE
WOORDENLIJST
Activiteitenniveau: uw lichamelijke
activiteitenniveau op de lange termijn die
u moet vaststellen om de Polar Fitness Test
te doen.
BasicSet-functie: trainingsset waarvan
het interval uit (=OFF) staat.
Elektroden: de geribbelde delen van
de borstband die tegen de huid liggen.
Deze nemen de hartslag waar.
Exercise-functie: de stopwatch staat aan
(=On) en de training wordt geregistreerd.
U kunt kiezen uit BasicUse, Interval
Training Set en BasicSet.
M 98
Gecodeerde transmissie: de gecodeerde
Polar borstband geeft automatisch een
code mee die met uw hartslag naar de
ontvanger wordt verzonden. Door het
gecodeerde signaal accepteert de
ontvanger alleen hartslagen afkomstig
van de gecodeerde Polar borstband. Dit
verkleint het risico op storing door andere
hartslagmeters aanzienlijk. Niet alle
interferentie uit de omgeving kan
hiermee echter worden voorkomen.
Gegevensoverdracht:
de communicatie-functie tussen
de ontvanger en de computer.
Hartslag: het aantal hartslagen per
minuut (hsm).
Instellen display: tijdens de training kan
het display op vier verschillende manieren
worden weergegeven. Hiervoor kan
informatie voor de onderste en bovenste
regel worden geselecteerd.
Intervaltraining: voor het verbeteren
van uw wedstrijdprestaties door
inspanning en herstel af te wisselen.
Maximale zuurstofopname:
(maximale aërobe conditie, VO
)
2max
Is de maximale snelheid waarmee zuurstof
door het lichaam wordt opgenomen
tijdens maximale inspanning. VO
is een
2max
goede graadmeter voor aërobe conditie.
Maximum hartslag: (HR
) het hoogste
max
aantal hartslagen per minuut van een
persoon.
Measure-functie: meten van de hartslag
zonder registratie van de trainingssessie.
Overzichtsbestand: geeft de
belangrijkste informatie uit de training.
Trainingszone: het gebied tussen de
onderste en bovenste inspanningslimiet
van de hartslag. De selectie van de
trainingszone is gebaseerd op de
individuele conditiedoelen.
M 99