5 2
HERKENNING VAN INRICHTINGEN
Nadat de installatie van stroom is voorzien, dient de besturingseenheid de op
de ingangen "BlueBUS" en "STOP" aangesloten inrichtingen te herkennen,
en verder ook de op de schakelaar ingestelde draairichting van de motor.
Via deze procedure wordt bovendien de op de besturingseenheid aangesloten
uitbreidingsmodule ingangen en uitgangen herkend en opgeslagen. Vóór deze
fase knipperen de leds "L1" en "L2" om aan te geven dat de procedure voor het
herkennen van de inrichtingen moet worden uitgevoerd.
m
De herkenningsfase moet ook worden uitgevoerd als er geen
enkele inrichting verbonden is met de besturingseenheid.
Doe het volgende:
1
druk tegelijkertijd op de toetsen
ingedrukt
2
laat de toetsen los zodra de leds "L1" en "L2" snel gaan knipperen (na
ongeveer 3 seconden)
3
wacht enkele seconden tot de besturingseenheid het herkennen van de
inrichtingen voltooit
4
aan het eind van deze fase blijft de led "Stop" branden en gaan de leds
"L1" en "L2" uit. Bij de eerste installatie zullen de leds "L3" en "L4" gaan
knipperen.
32
12V OSE
Bluebus
Aerial
De aanleerfase van de aangesloten inrichtingen kan op elk gewenst moment
herhaald worden, ook na de installatie, bijvoorbeeld als er een inrichting moet
worden toegevoegd of verwijderd.
m
Als de draairichting van de motor moet worden omgekeerd,
moet er opnieuw naar de inrichtingen worden gezocht. (Zie
paragraaf "Omkeren van de draairichting van de motor");
16 – NEDERLANDS
en
en houd ze
f
g
5 3
HANDMATIGE PROGRAMMERING VAN DE
OPENINGS- EN SLUITAFSTANDEN VAN DE POORT
Na het aanleren van de inrichtingen moeten de openings- en sluitafstanden van
de poort handmatig worden geprogrammeerd.
Als deze waarden nog niet zijn opgeslagen (of ongeldig blijken), knipperen de
leds "L3" en "L4" tegelijkertijd ("Afbeelding 33").
33
12V OSE
Bluebus
Aerial
Via deze procedure kunnen de openings- en sluitafstanden snel worden ge-
programmeerd; daarbij kan de centrale automatisch de tussentijdse waarden
berekenen die achteraf via de app "myNice Pro" en de compatibele interfaces
kunnen worden gewijzigd.
De bij de programmering betrokken waarden worden vermeld in "Tabel 7" en
weergegeven in afbeelding "34".
PROGRAMMERINGSPOSITIES
Positie
Led
Beschrijving
A1 (max.
Positie van de gewenste maximale opening. Als de
L1
opening)
poort deze positie bereikt stopt hij met bewegen.
A0 (max.
Positie van maximale sluiting. Als de poort deze positie
L8
sluiting)
bereikt stopt hij met bewegen.
Het gedrag van de leds in de verschillende fasen van programmering van de
waarden wordt beschreven in "Tabel 8".
BESCHRIJVING LEDS BIJ PROGRAMMERING AFSTANDSWAARDEN
Led
L1 brandt
L1 knippert
L8 brandt
L8 knippert
Beschrijving
Openingsafstand opgeslagen.
Programmering openingsafstand bezig.
Sluitafstand opgeslagen.
Programmering sluitafstand bezig.
Tabel 7
Tabel 8