Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Radioprogrammering; Beschrijving Van De Radioprogrammering; Opslag Van Zendertoetsen In Het Geheugen; Standaard Opslag (Modus 1: Alle Toetsen) - Nice Spider Installatievoorschriften En Waarschuwingen

Reductiemotor
Inhoudsopgave
7

RADIOPROGRAMMERING

7
RADIOPROGRAMMERING
7 1

BESCHRIJVING VAN DE RADIOPROGRAMMERING

De besturingseenheid omvat een geïntegreerde radiozender die het mogelijk
maakt om met de volgende soorten radiocommando's te werken: unidirectioneel
en bidirectioneel.
Bij unidirectionele radiocommunicatie hebben de twee betrokken apparaten een
duidelijk gedefinieerde en ondubbelzinnige rol in het systeem: de ene is een zender
die de commando's verzendt en de andere is een ontvanger die ze ontvangt en
interpreteert. Dus hier gaat het om radiocommunicatie in één richting.
Bij bidirectionele radiocommunicatie daarentegen spelen de twee apparaten (al-
lebei uitgerust met bidirectionele radiotechnologie) steeds weer een andere rol in
het systeem, waarbij ze allebei in staat zijn om informatie te ontvangen van en te
verzenden naar het andere apparaat. Zo worden dezelfde zenders op hun beurt
ook "ontvangers" van de informatie afkomstig van de in de besturingseenheid
geïntegreerde ontvanger.

7 1 1 OPSLAG VAN ZENDERTOETSEN IN HET GEHEUGEN

De radiocommando's kunnen op 2 manieren worden opgeslagen: in "standaard"-modus (of Modus 1) en in "gepersonaliseerde" modus (of Modus 2).
41
7.1.1.1

STANDAARD opslag (Modus 1: alle toetsen)

Procedures van dit type bieden de mogelijkheid om tijdens de uitvoering ervan tegelijkertijd alle toetsen op de zender op te slaan. Het systeem koppelt automatisch
aan iedere toets een vooraf vastgelegde instructie volgens het onderstaande schema:
KOPPELING ZENDERFUNCTIES
Instructie
Stap-voor-stap
Gedeeltelijk openen
OPENEN
SLUITEN
7.1.1.2
GEPERSONALISEERDE opslag (Modus 2: één toets)
Procedures van dit type bieden de mogelijkheid om tijdens de uitvoering ervan één van de toetsen op de zender op te slaan.
De toets en de daaraan te koppelen instructie worden gekozen door de installateur op basis van de eisen van de automatisering.
Voor de beschikbare commando's en de opslagmodaliteiten verwijzen we naar de modaliteiten voorzien voor de programmering van de geïntegreerde radio-ontvan-
ger. (zie hoofdstuk "RADIOPROGRAMMERING").
OXI/OXIBD/OXIFM/OXIT/OXITFM IN UITGEBREIDE MODUS II
Nr
Instructie
1
Stap-voor-stap
2
Gedeeltelijk openen 1 Instructie "Gedeeltelijke opening 1"
3
Openen
4
Sluiten
5
Stop
Stap-voor-stap
6
woonblok
Stap-voor-stap hoge
7
prioriteit
8
Gedeeltelijk openen 2 Gedeeltelijk openen (opening van de poort tot de afstand geprogrammeerd met Gedeeltelijke opening 2)
20 – NEDERLANDS
Toets
Wordt gekoppeld aan toets 1
Wordt gekoppeld aan toets 2
Wordt gekoppeld aan toets 3
Wordt gekoppeld aan toets 4
Beschrijving
Instructie "SbS" (Stap-voor-stap)
Instructie "Openen"
Instructie "Sluiten"
Manoeuvre stoppen
Instructie in woonblokmodus
Geeft de instructie ook als de automatisering geblokkeerd is of de instructies actief zijn
Raadpleeg bij de uitvoering van de programmeringsprocedures de "Afbeel-
ding 40" voor de identificatie van de radiotoets (A) en de led R (B) op de
besturingseenheid.
40
Aerial
a
De tijd voor de uitvoering van de procedures is beperkt. Al-
vorens te starten, moet u het hele proces aandachtig lezen
zodat u het begrijpt.
De symbolen die in de diverse procedures voor programmering/annulering met
de interne radiomodule worden gebruikt, vindt u terug in "Tabel 11".
1
2
3
4
B
A
Tabel 9
Tabel 10
Inhoudsopgave
loading

Deze handleiding is ook geschikt voor:

Spider800Spider1200bl

Inhoudsopgave