De besturingseenheid omvat de functie FOTOTEST, die de betrouwbaarheid van de veiligheidsinrichtingen verhoogt. Deze functie maakt het mogelijk om voor het
geheel bestaande uit de besturingseenheid en de veiligheidsfotocellen de "categorie II" volgens de norm EN 13849-1 te bereiken.
a
Let op! Om de FOTOTEST-functionaliteit te kunnen activeren, moet de programmering van de OGI-uitgang worden gewijzigd (zie
hoofdstuk "Programmering tweede niveau (instelbare parameters)" op pag 28)
Bij de start van elke beweging worden de betrokken veiligheidsinrichtingen gecontroleerd; alleen als alles in orde is, wordt de beweging gestart.
Is het resultaat van de test daarentegen negatief (fotocel verblind door de zon, kabels in kortsluiting enz.), dan wordt de storing vastgesteld en wordt de beweging
niet uitgevoerd.
Sluit de fotocellen aan zoals weergegeven in "Afbeelding 55".
Schema van de aansluitingen met fotocellen met relais met FOTOTEST
l
Alle afbeeldingen van de accessoires zijn toegevoegd ter illustratie.
55
NC
NO
m
Als er 2 paar fotocellen worden gebruikt die met elkaar interfereren, dan moet de "synchroniciteit" worden geactiveerd; zie de be-
schrijving in de instructiehandleiding van de fotocellen.
m
Als er inrichtingen van de automatisering worden vervangen, toegevoegd of verwijderd, dan moet de aanleerprocedure worden uitge-
voerd (zie hoofdstuk "Handmatige programmering van de openings- en sluitafstanden van de poort" op pag 16)