Systeemonderhoud
7.4 Standaardcontroles
Beschrijving werkingen
Controle oliepeil compressoren
Controle inlaattemperatuur (oververhitting)
Controle vullen watercircuits
Controle elektrische invoer ventilator- en compressormotoren
Controle spanning van voeding en hulpvoeding
Controle inhoud koudemiddel door kijkglas
Controle werking carterverwarming van compressor
Alle elektrische verbindingen aanspannen
Spiralen zijn schoon
Controle elektromagnetische kleppen van compressoren en
vloeistof
Controle aanpassing en veiligheid thermostaatkalibratie
Controle schakelaarstaat van ventilatoren (indien aanwezig) en
compressoren
Controle werking van verdamperverwarming
Controle geluid lagers van motor en ventilator (indien aanwezig)
Controle staat drukvaten
Sensoren voor temperatuur en druk
De unit is vanuit de fabriek uitgerust met alle onderstaande sensoren. Controleer periodiek dat de metingen juist zijn
met toetsinstrumenten (manometers, thermometers); corrigeer lezingen indien nodig met het toetsenbord van de
microprocessor. Goed gekalibreerde sensoren zorgen voor betere effi ciënte van de unit en een langere levensduur.
Opmerking: raadpleeg de gebruiks- en onderhoudshandleiding van de microprocessor voor een volledige
beschrijving van toepassingen, instellingen en aanpassingen.
Alle sensoren zijn voorgemonteerd en aangesloten op de microprocessor. Hieronder volgen de beschrijvingen van
iedere sensor:
Temperatuursensor voor uitgaand water – Deze sensor bevindt zich op de verbinding van het uitgaande water van de
verdamper en wordt gebruikt voor vorstbescherming.
Temperatuursensor voor binnenkomend water – Deze sensor bevindt zich op de verbinding van het binnenkomende
water van de verdamper en wordt gebruikt voor het controleren van de temperatuur van het terugkerende water.
Deze wordt door de microprocessor gebruikt om de belasting van de unit te regelen volgens de thermische lading
van het systeem.
Externe luchttemperatuursensor – Met deze sensor kunt u de externe luchttemperatuur controleren op het scherm
van de microprocessor.
Hogedrukomvormer – Deze is op elk circuit geïnstalleerd. Hiermee kunt u de leveringsdruk controleren en de
ventilatoren aansturen. Bij een toename in condensatiedruk beheert de microprocessor de circuitbelasting zodat
deze kan blijven functioneren, zelfs wanneer deze is gesmoord. Deze draagt bij aan de oliebeheerlogica.
Lagedrukomvormer – Deze is geïnstalleerd op elk circuit. Hiermee controleert u de inlaatdruk van de compressor en
de alarmen voor lage druk. Deze draagt bij aan de oliebeheerlogica.
Inlaatsensor – Deze is optioneel geïnstalleerd (wanneer een verzoek voor elektronische expansieklep is ingediend)
op iedere compressor en controleert de inlaattemperatuur. De microprocessor beheert de elektronische expansieklep
met deze sensor.
Sensor voor compressorafvoertemperatuur – Deze is geïnstalleerd op elk circuit. Hiermee controleert u de
compressorafvoertemperatuur en olietemperatuur. De microprocessor schakelt de compressor uit in het geval
van een alarm dat de afvoertemperatuur 120 °C bereikt.
68
Aanbevolen
basis
maandelijks
maandelijks
maandelijks
maandelijks
maandelijks
maandelijks
maandelijks
maandelijks
maandelijks
halfjaarlijks
Ieder kwartaal
Ieder kwartaal
Ieder kwartaal
halfjaarlijks
jaarlijks
CG-SVX042C-NL