Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Aansluiting Thermische Motorbewaking; Aansluiting Drukregeling - Wilo Control Ec-Wp Inbouw- En Bedieningsvoorschriften

Inhoudsopgave
6.5.4
Aansluiting thermische motorbe-
waking
x
Fig. 8: Symbool-overzicht van de aansluitin-
gen
6.5.5

Aansluiting drukregeling

Inbouw- en bedieningsvoorschriften • Wilo-Control EC-WP • Ed.01/2024-08
Actuele gemeten bedrijfsstroom van de pomp (menu 4.29 ... 4.30)
VOORZICHTIG
Materiële schade door externe spanning!
Een aangebrachte externe spanning vernielt het onderdeel.
• Sluit geen externe spanning aan (potentiaalvrij aansluiten).
Per pomp kan een thermische motorbewaking met bimetaalsensoren worden aangesloten.
Geen PTC- en Pt100-sensoren aansluiten!
De klemmen zijn af fabriek van een brug voorzien.
Ter plaatse gelegde aansluitkabels door de kabelschroefverbindingen voeren en bevestigen.
Sluit de aders overeenkomstig het aansluitschema op de klemmenstrook aan. Neem het
klemnummer over van het overzicht van de aansluitingen in de afdekking. De "x" in het
symbool geeft de betreffende pomp aan:
1 = Pomp 1
2 = Pomp 2
Drukregistratie
De drukregistratie kan via de volgende sensoren plaatsvinden:
Drukschakelaar (alleen Control EC-WP1 ...)
De drukschakelaar werkt als maakcontact (NO):
Drukschakelaar open: Pomp aan
Drukschakelaar gesloten: Pomp uit
Analoge druksensor 4-20 mA
LET OP! Sluit geen actieve druksensor aan.
LET OP! Afgeschermde aansluitkabels gebruiken! Afscherming aan één zijde
plaatsen!
LET OP! Let op de juiste polariteit van de druksensor!
Droogloopbeveiliging pomp
Het niveau voor de droogloopbeveiliging kan ook worden bewaakt via de volgende senso-
ren:
Vlotterschakelaar
Elektrode
De aansluiting is polariteitonafhankelijk!
De ingang werkt als maakcontact (NO):
Vlotterschakelaar open of elektrode niet-ondergedompeld: min. waterstand onder-
schreden
Vlotterschakelaar gesloten of elektrode ondergedompeld: waterstand voldoende
De klemmen zijn af fabriek met een brug uitgerust.
Aansluiting van de sensoren
VOORZICHTIG
Materiële schade door externe spanning!
Een aangebrachte externe spanning vernielt het onderdeel.
• Sluit geen externe spanning aan (potentiaalvrij aansluiten).
Ter plaatse gelegde aansluitkabels door de kabelschroefverbindingen voeren en bevesti-
gen. Sluit de aders overeenkomstig het aansluitschema op de klemmenstrook aan. Meer in-
formatie over de regelingsmodi en hoe ze werken en over de individuele aansluitings-
nummers is te vinden in de betreffende beschrijving:
nl
15
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave