Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Moduleconfiguratie - Bosch Control 8311 Servicehandleiding Voor De Installateur

Verberg thumbnails Zie ook voor Control 8311:
Inhoudsopgave
Menustructuur
Parameter
Instellingen/instel-
bereik
Minimale vermogensvraag 0...100 %
Elektrische spanning bij mi-
0 ... 10 V
nimale vermogensvraag
Maximale vermogensvraag 0...100 %
Elektrische spanning bij
0...10 V
maximale vermogensvraag
Tabel 7 Menu Algemene gegevens
10.2

Moduleconfiguratie

Bij het inschakelen van de regelaar of na een reset worden de modules
automatisch herkend en ingelezen.
Als de modules niet automatisch herkend worden:
▶ Modules manueel instellen.
Parameter
Insteekplaats A
Type warmtebron
Hydraulische selectie op de centrale
module ZM
EMS Bus
EMS Bus
28
Toelichting
Vermelding, welke minimale vermogensvraag op
de installatie aanwezig moet zijn.
Vermelding, bij welke spanning de minimale ver-
mogensvraag op de installatie aanwezig moet zijn.
Vermelding, welke maximale vermogensvraag op
de installatie aanwezig moet zijn.
Vermelding, bij welke spanning de maximale ver-
mogensvraag op de installatie aanwezig moet zijn.
Instellingen/instelbereik
ZM5311
met externe brander
zonder brander
met EMS
Onderstation
Ketelcircuit
Ongemengde groep
Menggroep
Niet actief
Zonne-energiesysteem
Verswaterstation
Cv-toestel (EMS)
Cv-toestel vloerst. (EMS2)
Cv-toestel wandh. (EMS2)
Aanwijzing
Bij Vermogen wordt niet met andere vragen
rekening gehouden.
De warmtebron gaat via verschillende stap-
pen naar het gevraagde vermogen.
Toelichting
Centrale module ZM in sleuf A wordt
automatisch herkend.
Er is een warmtebron aanwezig,
waarvan de brander niet of slechts
beperkt met de regeling van de
warmtebron communiceert.
Geen warmtebron aanwezig.
Parameters van de toestelregelaar
worden door de warmtebron in de
regelaar overgenomen.
De regelaar wordt als onderstation
gebruikt.
Het regelcircuit op de centrale mo-
dule wordt als toestelcircuit ge-
bruikt.
Het regelcircuit op de centrale mo-
dule wordt als cv-circuit (00) ge-
bruikt.
Vermelding, welke extra module/
functie via de BUS op de regelaar is
aangesloten.
Aanwijzing
Centrale module ZM is nodig om een
ketel of toestel te regelen en aan te
sturen.
Het aanhouden van de bedrijfsvoor-
waarden van de warmtebron moet
door de instellingen van de regelaar
worden gewaarborgd.
Regeling wordt autonoom als mas-
terregelaar met adres 0 of als uit-
breiding met adres > 0 gebruikt.
Opgelet: De SI- en EV-aansluitklem-
men moeten geopend zijn
( hoofdstuk 5.5.2, pagina 10 en
hoofdstuk 18.3, pagina 55)!
▶ Bij aansluiting van een zonnepa-
neel Hoofdstuk 5.9, pagina 12
aanhouden.
Er kan geen warmtebron worden
aangesloten.
▶ Hoofdstuk 17 aanhouden
( pagina 51).
Toestelcircuit/cv-circuit 00 met de
aansluitklemmen PK, SR, FZ
( Hoofdstuk 19, pagina 57)
▶ Hoofdstuk 5.9 aanhouden
( pagina 12)
Wordt alleen getoond, wanneer een
Type warmtebron > met EMS is in-
gesteld.
▶ Hoofdstuk 5.5.2, pagina 10 aan-
houden.
Control 8311 – 6720854595 (2022/07)
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave