19 Koelmiddel vullen
In dit hoofdstuk
19.1 Voorzorgsmaatregelen bij het vullen van koelmiddel
REMA5A7Y1B9+REYA8~20A7Y1B9
VRV 5 warmteterugwinning
4P797564-1 - 2024.11
19.1
19.2
Over koelmiddel bijvullen....................................................................................................................................................... 120
19.3
Over het koelmiddel ............................................................................................................................................................... 121
19.4
19.5
Koelmiddel vullen: Stroomschema......................................................................................................................................... 124
19.6
Koelmiddel vullen ................................................................................................................................................................... 124
19.7
19.8
19.9
INFORMATIE
Lees tevens de voorzorgsmaatregelen en vereisten in de volgende hoofdstukken:
▪
Algemene veiligheidsmaatregelen
▪
Voorbereiding
WAARSCHUWING
▪
Gebruik uitsluitend R32 als koelmiddel. Andere stoffen kunnen ontploffingen en
ongelukken veroorzaken.
▪
R32 bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het heeft een aardopwarmingsvermogen
(GWP) van 675. Laat deze gassen NIET vrij in de atmosfeer.
▪
Gebruik bij het vullen van koelmiddel ALTIJD beschermende handschoenen en
een veiligheidsbril.
OPMERKING
Als de voeding van sommige units wordt uitgeschakeld, kan de vulprocedure niet
goed worden voltooid.
OPMERKING
Bij een systeem met meerdere buitenunits moet u de voeding van alle buitenunits
inschakelen.
OPMERKING
Schakel de voeding ten minste 6 uur voor gebruik IN om de carterverwarming van
stroom te voorzien en de compressor te beschermen.
OPMERKING
Als de stappen binnen de 12 minuten na het inschakelen van de binnen- en
buitenunit(s) worden uitgevoerd, werkt de compressor niet voordat de
communicatie tussen de buitenunit(s) en binnenunit(s) op een correcte manier tot
stand is gebracht.
OPMERKING
Controleer of alle aangesloten binnenunits worden herkend (zie [1-10] en in
"21.1.7 Stand 1:
monitoringinstellingen" [
4
149]).
Uitgebreide handleiding voor de installateur en de gebruiker
19
Koelmiddel vullen
|
119