HPF (High Pass Filter)
Cutoff
THRU
Het geluid wordt rechtstreeks uitgevoerd, zonder door het
filter te gaan.
3: Cutoff (Cutoff Frequency) < CUTOFF >
Specificeert de cutoff frequentie. Met hogere instellingen
wordt de cutoff frequentie verhoogd.
'Cutoff' kan gewijzigd worden door de tijdsvariëren-
de veranderingen geproduceerd door EG1, de positie
van de noten op het toetsenbord (keyboard tracking)
of toetsenbord dynamiek (velocity). De 'EG 1 Int' ,
'Key Track' en 'Velo Sens' parameters specificeren de
mate waarmee deze 'Cutoff' beïnvloeden.
Bij sommige 'Cutoff' instellingen kan het volume ex-
treem laag zijn of kan er zelfs helemaal geen geluid
meer te horen zijn.
4: Resonance < RESONANCE >
Specificeert de resonantie. Dit duwt de regio in de buurt
van de 'Cutoff' frequentie omhoog, waardoor het geluid
een onderscheidend karakter krijgt. Met hogere waardes
wordt een groter effect geproduceerd.
Het effect van resonantie
LPF
HPF
BPF
Laag resonantie instelling
Hogere 'Resonance' instellingen kunnen bij sommige
cutoff frequenties of invoergeluiden vervorming ver-
oorzaken.
5: EG1 Int (EG1 Intensity) < EG 1 INT > [–63...+63]
Specificeert de mate waarin EG 1 de cutoff frequentie zal
moduleren. Dit zorgt ervoor dat de cutoff frequentie na een
bepaalde tijd zal veraderen. Toenemende positieve (+)
waardes produceren een groter effect.
Cutoff
Int=+32
Note on
Note off
Cutoff frequentie
gespecificeerd
door "Cutoff"
Frequentie
[000...127]
[000...127]
Hoog resonantie instellin
Int=+63
Note on
Note off
Int=0
Tijd
Cutoff
Int=–32
Cutoff frequentie
gespecificeerd
door "Cutoff"
Note off
Note on
6: KeyTrack (Keyboard Track) < KEY TRACK >
Specificeert hoe keyboard tracking (locatie op het toetsen-
bord) de cutoff frequentie zal moduleren. Op 0 ingesteld
heeft keyboard tracking geen effect. Positieve (+) instellin-
gen maken dat de cutoff frequentie stijgt als u boven de C4
toets speelt of daalt als u onder de C4 toets speelt. Met een
instelling van +1.0 is de verandering in cutoff frequentie
proportioneel aan de verandering in toonhoogte. Negatie-
ve (-) instellingen maken dat de cutoff frequentie daalt als
u boven de C4 toets speelt of stijgt als u onder de C4 toets
speelt.
Keyboard tracking is gebaseerd op de toonhoogte zo-
als deze door pitch bend, transpose en modulatie se-
quencer wordt geregeld. Het is geen weerspiegeling
van veranderingen in toonhoogte die door vibrato of
virtuele patching worden geproduceerd.
7: VeloSens (Velocity Sens)
Specificeert hoe velocity (dynamiek van het spel op het
toetsenbord) de cutoff frequentie beïnvloedt.
Positieve (+) waardes veroorzaken dat de cutoff frequentie
stijgt als u sterker speelt.
Negatieve (-) waardes maken dat de cutoff frequentie daalt
als u sterker speelt.
P07–2: FILTER2
Dit zijn de parameters van filter 2.
Deze parameters zijn beschikbaar als FILTER1 'Routing' op
Serial, Para of Indiv is ingesteld.
1: LinkSw
Maakt dat filter 2 werkt volgens de instellingen van de pa-
rameters van filter 1.
Off
Filter 1 en filter 2 parameters kunnen onafhankelijk worden
ingesteld.
On
Filter 2 werkt volgens de instellingen van de parameters
van filter 1. Parameters volgend op 'Cutoff' zullen de filter
1 instellingen gebruiken.
2: FiltType (Filter2 Type) < TYPE >
Selecteert het filtertype.
3. Synth Parameters
Int=–63
Int=0
Note off
Note on
Tijd
[–2.00...+2.00]
[–63...+63]
[Off, On]
[LPF, HPF, BPF, COMB]
87