Download Print deze pagina

Nice M-Bar Aanwijzingen Voor Installatie En Aansluiten pagina 6

Elektromechanische wegbarriere met slagboom
3.5
WERKZAAMHEDEN TER VOORBEREIDING VAN DE INSTALLATIE
In de afbeelding wordt een voorbeeld van een automatiseringsinstallatie met Nice-componenten weergegeven.
5
A
A Fotocellen
B Fotocellen op zuiltje
C Sleutelschakelaar
D Slagboombarrière
TECHNISCHE SPECIFICATIES VAN DE ELEKTRICITEITSKABELS
Identificatie
Kabelkenmerken
Kabel VOEDING REDUCTIEMOTOR
1
1 kabel 3 x 1,5 mm
Maximale lengte 30 m [opmerking 1]
BLUEBUS kabel
2
1 kabel 2 x 0,5 mm
Maximale lengte 20 m [opmerking 2]
Kabel SLEUTELSCHAKELAAR
3
2 kabels 2 x 0,25 mm
Maximale lengte 30 m
Kabel INGANG OPEN
1 kabel 2 x 0,25 mm
Maximale lengte 30 m
Kabel INGANG CLOSE
2 x 0,25 mm
Maximale lengte 30 m
Kabel KNIPPERLICHT [opmerking 4]
1 kabel 2 x 0,5 mm
Maximale lengte 30 m
Kabel ANTENNE
Andere kabels
1 afgeschermde kabel type RG58
Maximale lengte 15 m; aanbevolen < 5 m
Kabel CONTROLELAMPJE SLAGBOOM OPEN
[opmerking 4]
1 kabel 2 x 0,5 mm
Maximale lengte 30 m
Kabel LICHTEN SLAGBOOM [opmerking 4]
Kabel MASTER/SLAVE
1 kabel 2 x 1 mm
Maximale lengte 20 m
6 – NEDERLANDS
C
B
2
2
2
[opmerking 3]
2
2
2
2
2
2
A
3
De bovengenoemde onderdelen zitten volgens een standaardschema op
vaste plaatsen. Bepaal aan de hand van het referentievoorbeeld van het
schema in "Afbeelding 5" ongeveer de positie waarop elk onderdeel van
de installatie gemonteerd moet worden.
Opmerking 1
Tabel 3
kabel met een grotere doorsnede nodig (3 x 2,5 mm
een aarding worden aangebracht in de nabijheid van de automa-
tisering.
Opmerking 2
40 m, moet een kabel met een grotere doorsnede (2 x 1 mm
worden gebruikt.
Opmerking 3
kabel van 4 x 0,5 mm
Opmerking 4
gang is geprogrammeerd voor de functie van de aan te sluiten
inrichting (zie hoofdstuk "PROGRAMMERING").
a
De gebruikte kabels moeten geschikt zijn voor het type
omgeving waar de automatisering geïnstalleerd wordt.
a
Houd er tijdens het leggen van de leidingen voor de door-
gang van de elektriciteitskabels rekening mee dat de
aansluitleidingen door mogelijke afzettingen van water,
dat aanwezig is in de verdeelschachten, voor condens-
vorming kunnen zorgen in de besturingseenheid, hetgeen
de elektronische circuits kan beschadigen.
a
Alvorens de installatie uit te voeren, moeten de benodig-
de elektriciteitskabels voor uw systeem worden gelegd
volgens de informatie van de "Afbeelding 5" en van het
hoofdstuk "TECHNISCHE KENMERKEN".
B
D
2
1
Als de voedingskabel langer is dan 30 m, is er een
Als de Bluebus-kabel langer dan 20 m is, tot maximaal
Deze twee kabels kunnen worden vervangen door één
.
2
Voor u de aansluiting uitvoert, controleert u of de uit-
) en moet er
2
)
2
loading

Deze handleiding is ook geschikt voor:

L-barM3barM5barM7barL9bar