Wanneer u bij een testvolume (V
> 10 mbar/minuut constateert, moet u het testvolume (V
Neem hiervoor de leiding tot en met de eerstvolgende afsluiting op in de
dichtheidsbeproeving en herhaal de test met een nieuw testvolume
(V
).
test
Voer de hierna beschreven beproeving uit, wanneer het afleespunt van
het testvolume (Vtest) en de drukval per minuut in het bereik Gasblok
niet dicht liggen (conform afleesvoorbeeld).
OPMERKING
Materiële schade door kortsluiting!
▶ Sproei of druppel het lekdetectiemiddel niet op kabeldoorvoeren,
stekkers of elektrische aansluitleidingen.
▶ Dek gevoelige plaatsen af voor de lekdetectie.
▶ Controleer alle afdichtplaatsen van het geteste leidingdeel met een
schuimvormend lekdetectiemiddel.
▶ Dicht indien nodig de lekkage af en herhaal de beproeving.
▶ Vervang het gasblok, wanneer geen lekkage wordt geconstateerd.
Dichtheidstest beëindigen
▶ Neem de slang weg.
▶ Draai de afsluitschroef in de meetnippel weer vast nadat de meet-
werkzaamheden beëindigd werden.
▶ Meetnippel op dichtheid controleren.
11.5
Werkdruk van de cv-installatie controleren
OPMERKING
Schade aan de installatie door temperatuurspanningen!
Wanneer de cv-ketel in warme toestand wordt gevuld, kunnen tempera-
tuurspanningen spanningsscheurtjes veroorzaken. De ketel gaat lekken.
▶ Vul de cv-ketel enkel in koude toestand (de keteltemperatuur mag
maximaal 40 °C bedragen).
▶ Vul de cv-ketel tijdens het bedrijf niet via de vul- en aftapkraan van de
ketel, maar uitsluitend via de vulkraan van het leidingensysteem (re-
tour) van de ketel.
▶ Respecteer de eisen aan het vulwater.
OPMERKING
Schade aan de installatie door veelvuldig bijvullen!
Wanneer vaak water moet worden bijgevuld, dan kan de cv-installatie,
afhankelijk van de waterkwaliteit door corrosie en ketelsteenvorming
beschadigd raken (respecteer het logboek waterkwaliteit).
▶ Ontlucht de cv-installatie tijdens het vullen.
▶ CV-installatie op dichtheid controleren.
▶ Controleer het expansievat op goede werking.
▶ Dicht lekkages direct af.
Bij gesloten installaties moet de wijzer van de manometer binnen de
groene markering staan.
De rode wijzer van de manometer moet ingesteld zijn op de noodzakelij-
ke werkingsdruk.
Zorg voor een bedrijfsdruk van minimaal 1,2 bar.
▶ Controleer de bedrijfsdruk van de cv-installatie.
Condens 7000 F – 6720871596 (2024/10)
) van < 1 liter een sterke drukval van
test
) vergroten.
test
Als de wijzer van de manometer onder de groene markering zakt, is de
werkingsdruk te laag.
1
Afb. 41 Manometer voor gesloten installaties
[1]
Rode wijzer
[2]
Manometerwijzer
[3]
Groene markering
VOORZICHTIG
Gevaar voor de gezondheid door verontreiniging van het drinkwa-
ter!
▶ Nationale voorschriften en normen ter voorkoming van verontreini-
ging van het drinkwater respecteren.
▶ Vul water bij via de lokaal gemonteerde vul- en aftapkraan.
▶ Ontlucht de cv-installatie met behulp van de ontluchtingsventielen
op de radiatoren.
▶ Controleer de bedrijfsdruk opnieuw.
De bedrijfsdruk kan ook op het regeltoestel via het "Info-menu" worden
afgelezen (bijvoorbeeld weergave "P1.4" komt overeen met 1,4 bar).
▶ Vul de hoeveelheid bijvulwater in het 'logboek waterkwaliteit' in.
11.6
Meet het zuurstofgehalte
▶ Houd de meetsensor door de meetopening in de rookgasafvoerbuis
in de kernstroom.
▶ Noteer de rookgaswaarde.
De O
-waarde moet in het bereik tussen 3,6% en 6,3% en het CO-ge-
2
halte in het rookgas onder 100 ppm luchtvrij liggen.
11.7
Brander demonteren
VOORZICHTIG
Verbrandingsgevaar door hete oppervlakken!
Afzonderlijke onderdelen van de cv-ketel kunnen ook na langere tijd bui-
ten bedrijf te zijn geweest nog zeer heet zijn.
▶ Laat de verwarmingsketel afkoelen.
▶ Indien nodig veiligheidshandschoenen gebruiken.
OPMERKING
Materiële schade door verkeerd onderhoud/reiniging!
De regelaar kan bij demontage van de brander en de ketelreiniging ver-
vuild of beschadigd raken.
▶ Voor de demontage van de brander of de ketelreiniging: dek de rege-
laar af.
Inspectie en onderhoud
2
3
0010003068-001
37