19 Inbedrijfstelling
[2‑60]
Instelling supervisor-afstandsbediening. De stroom moet worden
gereset om deze instelling op te slaan.
systeemlay-out" [ 4 18] voor meer details over de
Zie
"13.2 Vereisten
supervisor-afstandsbediening of raadpleeg de montagehandleiding
en de uitgebreide handleiding voor de gebruiker van de
afstandsbediening.
[2‑60]
0 (standaard)
Geen supervisor-afstandsbediening
aangesloten op het systeem
1
Supervisor-afstandsbediening aangesloten op
het systeem
[2‑65]
Intervaltijd automatische lekdetectie.
Deze instelling wordt gebruikt in combinatie met instelling [2‑88].
[2‑65]
Tijd tussen automatische lekdetectie
0 (standaard)
1
2
3
4
5
6
[2‑88]
Activering automatische lekdetectie.
Activeer
deze
instelling
lekdetectiefunctie wilt gebruiken. Activeer instelling [2‑88] om de
automatische lekdetectie uit te voeren, afhankelijk van de ingestelde
waarde van de instelling. De tijd voor de volgende automatische
koelmiddellekdetectie hangt af van instelling [2‑65]. De automatische
lekdetectie wordt uitgevoerd in [2‑65] dagen.
Na elke automatische lekdetectie blijft het systeem stilstaan tot het
wordt herstart door een handmatig thermo ON-verzoek of door de
volgende geprogrammeerde actie.
[2‑88]
0 (standaard)
Geen lekdetectie gepland.
1
Lekdetectie gepland één keer in [2‑65] dagen.
2
Lekdetectie gepland elke [2‑65] dagen.
18.1.9
Lokale instelling binnenunit
15(25)-13
Uitschakeling veiligheidssysteem.
Wanneer de kamer waar de binnenunit is geïnstalleerd groot genoeg
is
om
geen
veiligheidsmaatregelen
veiligheidssysteem voor R32-lekken in die binnenunit door deze
instelling worden uitgeschakeld.
Uitschakeling veiligheidssysteem
e
Instellin
1
code
Functie
g
15/25
13
Instelling
veiligheidssystee
m voor R32-
lekken
Montagehandleiding en gebruiksaanwijzing
48
Beschrijving
[dagen]
365
180
90
60
30
7
1
wanneer
u
de
automatische
Beschrijving
te
nemen,
kan
e
2
code
Beschrijving
01
Gedeactiveerd
02
Geactiveerd
18.2
Gebruik van de lekdetectiefunctie
18.2.1
Over de automatische lekdetectiefunctie
De (automatische) lekdetectiefunctie is niet standaard geactiveerd;
zij kan alleen werken nadat de extra hoeveelheid koelmiddel in het
systeem is ingevoerd (zie [2‑14]).
De lekdetectiefunctie kan worden geautomatiseerd. Stel de
intervaltijd of de tijd tot de volgende automatische lekdetectie in met
behulp van parameter [2‑88]. Parameter [2‑88] bepaalt of de
lekdetectie één keer (binnen [2‑65] dagen) of intermitterend, met een
interval van [2‑65] dagen, wordt uitgevoerd.
Voor de lekdetectiefunctie moet de bijgevulde hoeveelheid
koelmiddel onmiddellijk na het beëindigen van het vullen worden
ingevoerd. Dit moet worden ingevoerd vóór het proefdraaien.
OPMERKING
Als een verkeerde waarde voor de bijgevulde hoeveelheid
koelmiddel wordt ingevoerd, zal de lekdetectiefunctie
minder nauwkeurig werken.
INFORMATIE
▪ De
gewogen
hoeveelheid koelmiddel (niet de totale hoeveelheid
koelmiddel in het systeem) moet worden ingevoerd.
▪ De lekdetectiefunctie kan niet worden gebruikt wanneer
het hoogteverschil tussen binnenunits ≥50/40 m is.
19
Inbedrijfstelling
VOORZICHTIG
Zie
"2
Specifieke
installateur" [ 4 4] om te controleren of de inbedrijfstelling
voldoet aan alle veiligheidsvoorschriften.
OPMERKING
Algemene
instructies voor inbedrijfstelling in dit hoofdstuk, is er een
algemene checklist inbedrijfstelling beschikbaar op het
Daikin Business Portal (authenticatie vereist).
De algemene checklist voor de inbedrijfstelling vormt een
aanvulling op de instructies in dit hoofdstuk en kan worden
gebruikt
als
rapporteringssjabloon
overhandiging aan de gebruiker.
19.1
Voorzorgsmaatregelen bij de
inbedrijfstelling
het
VOORZICHTIG
Laat het systeem NIET proefdraaien terwijl aan de
binnenunit(s) wordt gewerkt.
Bij het proefdraaien zullen NIET ALLEEN de buitenunit,
maar ook de aangesloten binnenunit werken. Tijdens het
proefdraaien aan een binnenunit werken is gevaarlijk.
OPMERKING
Schakel de voeding ten minste 6 uur voor gebruik IN om
de carterverwarming van stroom te voorzien en de
compressor te beschermen.
OPMERKING
Proefdraaien is mogelijk voor omgevingstemperaturen
tussen – 1 0°C en 46°C.
en
reeds
genoteerde
veiligheidsinstructies
checklist
inbedrijfstelling.
richtlijn
en
als
basis
tijdens
inbedrijfstelling
REMA5A7Y1B9+REYA8~20A7Y1B9
VRV 5 warmteterugwinning
4P797563-1 – 2024.11
bijgevulde
voor
de
Naast
de
voor
de
en
bij