Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Gebruik Van Het Systeem; Over Het Gebruik Van Het Systeem; Over Koelen, Verwarmen, Alleen Ventileren En Automatische Werking; Over Verwarmen - Daikin Vrv 5 Reya10A7Y1B9 Montagehandleiding En Gebruiksaanwijzing

Warmteterugwinning
Inhoudsopgave
6 Werking
6.2

Gebruik van het systeem

6.2.1

Over het gebruik van het systeem

▪ De bedieningsprocedure hangt af van de combinatie van
buitenunit en gebruikersinterface.
▪ Schakel de hoofdvoeding 6 uur vóór de inwerkingstelling in om de
unit te beschermen.
▪ Als de hoofdvoeding tijdens het gebruik wordt uitgeschakeld,
wordt de unit automatisch herstart zodra de voeding weer wordt
ingeschakeld.
6.2.2
Over koelen, verwarmen, alleen ventileren
en automatische werking
▪ Omschakelen is onmogelijk als op het scherm van de
gebruikersinterface
"omschakeling onder gecentraliseerde
besturing"
staat
(zie
gebruiksaanwijzing van de gebruikersinterface).
▪ Als het scherm
"omschakeling onder gecentraliseerde
besturing"
knippert,
raadpleeg
instellen" [ 4  13].
gebruikersinterface
▪ De ventilator kan mogelijk nog ongeveer 1 minuut blijven draaien
nadat het verwarmen is beëindigd.
▪ De luchtstroomsnelheid kan zich automatisch aanpassen aan de
kamertemperatuur of de ventilator kan onmiddellijk stoppen. Dit is
echter geen storing.
6.2.3

Over verwarmen

Het kan langer duren voor de ingestelde temperatuur wordt bereikt
voor algemeen verwarmen dan voor koelen.
De volgende stappen worden uitgevoerd om te voorkomen dat de
verwarmingscapaciteit afneemt of dat koude lucht wordt uitgeblazen.
Ontdooien
Bij het verwarmen bevriest de luchtgekoelde batterij van de
buitenunit hoe langer, hoe meer, zodat steeds minder energie kan
worden overgebracht naar de batterij van de buitenunit. De
verwarmingscapaciteit neemt af en het systeem moet ontdooien om
het ijs van de batterij van de buitenunit te kunnen verwijderen.
Tijdens het ontdooien neemt de verwarmingscapaciteit aan de
binnenunitzijde tijdelijk af tot het ontdooien beëindigd is. Na het
ontdooien krijgt de unit weer haar volledige verwarmingscapaciteit.
Wanneer
REYA10~28
Tijdens het ontdooien blijft de binnenunit op
(combinatiemodellen)
een lager peil verder verwarmen. Dit
verzekert u van een aangenaam
comfortniveau binnen.
REYA8~20 (modellen
De ventilator van de binnenunit wordt
voor enkelvoudig
stilgelegd, de koelmiddelcyclus wordt
gebruik)
omgekeerd en energie van in het gebouw
wordt gebruikt om de batterij van de
buitenunit te ontdooien.
De ontdooistand wordt aangegeven met
binnenunit.
Warme start
Om te voorkomen dat bij het begin van verwarmen koude lucht uit
een
binnenunit
wordt
geblazen,
automatisch stilgelegd. Op het display van de gebruikersinterface
wordt
aangegeven. Het kan even duren voordat de ventilator
begint te werken. Dit is echter geen storing.
Montagehandleiding en gebruiksaanwijzing
12
de
montagehandleiding
dan
"6.5.1  Over
master-
Dan
op het display van de
wordt
de
binnenventilator
6.2.4
Gebruik van het systeem
1 Druk meermaals op de keuzeknop voor de bedrijfsstand op de
gebruikersinterface en selecteer de gewenste bedrijfsstand.
Koelen
Verwarmen
Alleen ventileren
2 Druk op de AAN/UIT-knop van de gebruikersinterface.
Resultaat: Het bedrijfslampje licht op en het systeem begint te
werken.
6.3
Gebruik van het
ontvochtigingsprogramma
6.3.1

Over het ontvochtigingsprogramma

en
▪ Dit programma dient om de vochtigheid in uw kamer te
verminderen met een zo klein mogelijke temperatuurdaling
(minimale kamerkoeling).
▪ De microcomputer bepaalt automatisch de temperatuur en de
ventilatorsnelheid
gebruikersinterface).
▪ Deze stand is niet mogelijk bij een lage kamertemperatuur
(<20°C).
6.3.2
Gebruik van het
ontvochtigingsprogramma
Starten
1 Druk enkele keren op de keuzeknop voor de werkingsstand op
de gebruikersinterface en selecteer
2 Druk op de AAN/UIT-knop van de gebruikersinterface.
Resultaat: Het bedrijfslampje licht op en het systeem begint te
werken.
3 Druk op de instelknop voor de luchtstroomrichting (alleen voor
dubbelstroom,
multi-stroom,
wandmontage). Zie
voor meer informatie.
Stoppen
4 Druk opnieuw op de AAN/UIT-knop van de gebruikersinterface.
Resultaat: Het werkingslampje gaat uit en het systeem stopt.
OPMERKING
Schakel de voeding niet meteen uit nadat de unit is
gestopt, maar wacht minstens 5 minuten.
6.4

Luchtstroomrichting instellen

Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de gebruikersinterface.
6.4.1

Over de luchtstroomklep

Types luchtstroomklep:
Dubbelstroomunits + multi-stroomunits
Hoekunits
Units voor plafondmontage
Units voor muurmontage
(kan
niet
worden
ingesteld
(ontvochtigen).
hoek,
plafondmontage
instellen"  [ 4   12]
"6.4  Luchtstroomrichting
REMA5A7Y1B9+REYA8~20A7Y1B9
VRV 5 warmteterugwinning
4P797563-1 – 2024.11
met
de
en
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave