Download Print deze pagina

Dräger Infinity Acute Care System Gebruiksaanwijzing pagina 517

Verberg thumbnails Zie ook voor Infinity Acute Care System:
– De specificaties van de LAN-verbinding voor
medische Dräger-apparaten op het IT-netwerk
worden beschreven in de IEEE 802.3 wired en
IEEE 802.11(b, g, n) wireless Ethernet-normen.
De poortinstellingen voor de switches van laag
2 en laag 3 worden op een productspecifieke
basis bepaald. Deze instellingen zijn verkrijg-
baar bij gespecialiseerd servicepersoneel.
Dräger biedt producten voor de initiële configu-
ratie met vooraf geladen IP-adressen.
– Het LAN-gebaseerde IT-netwerk maakt gebruik
van TCP/IP-communicatieprotocollen. Het
netwerk moet in staat zijn om unicast- (statisch
of dynamisch adresseren met ARP of RARP),
alsook multicast- en broadcast-transmissies te
ondersteunen. Het moet het gebruik van het
Internetgroepmanagementsprotocol (IGMP
version 2) mogelijk maken. De medische
apparaten van Dräger versturen
gegevenspakketten over het IT-netwerk.
Dräger-producten, zoals CentralStation-
monitoren, Gateways of andere bedzijdige
monitoren die zijn geconfigureerd om die
pakketten te ontvangen, maken gebruik van het
internet-managementprotocol om zich bij een
IP Multicast-groep aan te sluiten of om een IP
Multicast-groep te verlaten. Een voorbeeld van
die gegevensstroom zijn bedzijdige apparaten
die hun patiëntgegevens met behulp van IP
multicasting versturen. Een CentralStation-
monitor kan zich bij elk multicast-kanaal
aansluiten om patiëntgegevens van bedzijdige
monitoren te ontvangen en weer te geven.
– Dräger-apparaten vereisen eventueel ook dat
het IT-netwerk ondersteuning biedt voor drie
specifieke, onafhankelijke VLAN-verbindingen
(Virtual Local Area Network) naar bedzijdige
medische apparaten, mobiele
bewakingsapparaten en voor toegang tot het
klinische netwerk van de Health Delivery
Organization (HDO). Voor meer informatie kunt
u terecht bij gespecialiseerd servicepersoneel.
Gebruiksaanwijzing – Infinity
®
Acute Care System – Bewakingstoepassingen – VG8.0
– Naast rechtstreekse netwerkverbindingen zijn
er ook andere communicatie-interfaces
mogelijk:
 Seriële gegevensverbindingen, conform
EIA RS232 (CCITT V.24/V.28) voor
producten op basis van Medibus,
pagerinterfaces en verbindingen met
medische apparaten van derde partijen.
 Interfaces conform IEEE 1073 (Medical
Information Bus) voor verbindingen met
medische apparaten van derde partijen
(IEEE 1073.3.2 of 1073.3.1 en 1073.4.1).
 Seriële gegevensverbindingen, conform
USB 2.0, voor humanitaire
interfaceapparaten (computermuis,
toetsenbord, massa-opslagapparaten zoals
USB-sticks, CD's, enz.).
– De veiligheid voor draadloze Dräger-producten
wordt gegarandeerd door de Advanced
Encryption Standard (AES) WPA2, waarbij
tijdens de installatie gebruik wordt gemaakt van
een pre-shared key voor de administratie. De
veiligheid voor geselecteerde klinische IT-
producten van Dräger omvat SSL en
bijkomende capaciteiten die op het formulier
"Medical Device Disclosure for Medical Device
Security (MDS2)" worden beschreven.
– Het feit dat IT-netwerken niet de vereiste
eigenschappen kunnen bieden om aan de
doelstelling van de verbinding van het
medische apparaat met het IT-netwerk te
voldoen, kan mogelijk leiden tot schadelijke
situaties. Dräger-producten zullen proberen om
die mogelijk schadelijke situaties op te sporen
en te milderen. Met betrekking tot dit medische
apparaat kunnen die situaties de volgende zijn:
 Niet tijdig leveren van gegevens
(alarmmelding/uitwisseling
parametergegevens/enz.), afhankelijk van
een "betrouwbaar verspreid alarmsysteem
of niet"
 Gegevens die niet of naar het verkeerde
apparaat worden verstuurd
 Ontbrekende gegevens
IT-toepassingen (opties)
517
loading