2. Verwijder de seriële RS-232-poort van het systeemchassis.
3. Verwijder de vier schroeven (M2x3.5) waarmee het kabelafdekplaatje op de systeemkaart is bevestigd.
4. Verwijder de schroef (M2x3.5) waarmee het Type-C-kabelafdekplaatje op de systeemkaart is bevestigd.
5. Koppel de rechter en linker Type-C-kabels los van de bijbehorende connectoren op de systeemkaart.
6. Koppel de platte bedrukte rechter Type-C-, linker Type-C- en touchpadkabels los van de bijbehorende connectors op de systeemkaart.
7. Koppel de platte bedrukte kabel van de Wi-Fi-kaart los en verwijder deze van de bijbehorende connector op de systeemkaart.
8. Koppel de platte bedrukte LAN-kabel los en verwijder deze van de bijbehorende connector op de systeemkaart.
9. Koppel de volgende kabels los van de bijbehorende connector op de systeemkaart (L-R): aan/uit-knopkaart, eDP, secundaire
dochterkaart, LED-kaart en knoopcelbatterij van de systeemkaart.
10. Verwijder de negen (M2.5x5) schroeven waarmee de systeemkaart aan het systeemchassis wordt bevestigd en kantel de
systeemkaart weg.
11. Koppel de platte bedrukte kabelconnector van de linker I/O-kaart los van de systeemkaart.
De systeemkaart installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeelding geeft de connectoren op de systeemkaart aan.
1. Kabelconnector van aan/uit-knopkaart
2. Connector voor Wi-Fi I/O-kaart
3. Connector voor WWAN-kaart
4. Connector voor de I/O-dochterkaart aan de achterzijde
5. Connector voor WLAN-kaart
6. Connector voor eDP-kabel
7. Connector van de ventilatorkabel
8. Kabelconnector voor de deksel
9. Platte bedrukte dock I/O-kabelconnector
10. Connector voor USH-kaart
11. M.2 2230/2280 SSD-connector
12. Rechter batterijkabelconnector
Onderdelen verwijderen en plaatsen
71