Toets de bovengrens in en verplaats de cursor naar het begin van de
integrand.
2 [>]
tz
v=u+|
0
t1
[PRET]PROE]HOP[MATEJVECTH]ERE
Toets de integrand en de integratie-variabelein.
apt
t2
mote
adtO
t1
EESARETE CHAIREE ES
Plaats de vergelijking in het stapelgeheugen.
1: 'y=uB+f(L1;t2;5a5t)"
PHET:]PROEHYP [MATK[VECTR]EASE
De structuur van de EquationWriter
De EquationWriteris een speciale omgeving, waarin het toetsenbord
opnieuw gedefinieerd is en slechts een beperkt aantal speciale
bewerkingen kunnen worden uitgevoerd. In de EquationWriter kunt u
geen berekeningen in het stapelgeheugen uitvoeren. Met de toetsen die
algebraische functies aangeven, kunt u de naam van de functie of het
grafische functiesymbool in de vergelijking invoeren. Als u bijvoorbeeld
op
drukt, wordt het wortelteken getoond. U kunt alle menu's in de
display tonen — u kunt echter alleen die toetsen gebruiken, die een
algebraische functie aangeven. Evenals de functietoetsen op het
toetsenbord voeren de menutoetsen de bijbehorende functie niet uit, maar
wordt de functienaam in de vergelijking ingevoerd.
246
16: De EquationWriter