Download Print deze pagina

HP 48SX Gebruikershandleiding pagina 346

Deel 1
Verberg thumbnails Zie ook voor 48SX:
Assen en labels aangeven
Als de assen in het plotbereik staan, worden ze automatisch door
"AUTOen DRAW getekend met markeringsstreepjes met een afstand
van 10 pixels. Het snijpunt van de assen is (0,0), tenzij u met AXES een
ander snijpunt aangeeft. LABEL toont in PICT de namen van de
onafhankelijke en afhankelijke variabelen en de codrdinaten van de
eindpunten van de assen (in het huidige display formaat).
Met AXES geeft u met een lijst-argument as-labels aan die verschillen
van de onafhankelijke en afhankelijke variabelen. Als u bijvoorbeeld
{ (@,8)> "X2" "F(X2>" 3 AXES uitvoert, wijst u het label X2 toe
aan de horizontale as en het label F{X2) aan de vertikale as, ongeacht
de namen van de onafhankelijke en afhankelijke variabelen. Door
vervolgens LABELuit te voeren, verschijnen deze labels in PICT.
De resolutie aangeven
Het RES (resolutie) commando bepaalt het interval tussen de waarden
van de onafhankelijke variabele die gebruikt wordt om de grafiek te
genereren. RES gebruikt een reel getal of een binair geheel getal als
argument. Voor alle plottypes wordt een reél getal als argument gebruikt
om het interval in gebruikerseenheden te bepalen. Voor de plottypes
FUNCTION, CONIC en TRUTH wordt een binair geheel getal als
argument gebruikt om het interval in pixels te bepalen. Dit geldt niet voor
de plottypes POLAR en PARAMETRIC. Voor deze plottypes wordt het
reéle getal 0 of het binaire gehele getal # 0 als argument gebruikt om de
standaardwaarde voor het interval te bepalen. Zie de volgende tabel.
Plottype
Standaard interval
FUNCTION,
1 pixel. (In elke pixel-kolom wordt een punt
geplot).
POLAR
2°, 2 grads, of /90 radialen.
PARAMETRIC
[bereik van de onafhankelijke variabele (in
gebruikerseenheden )]/130
Als u RES vergroot (minder punten plotten), gaat het plotten sneller. De
nauwkeurigheid van de lijn die de geplotte punten verbindt, wordt echter
kleiner.
344
19: Meer informatie over plotten en grafische objecten
loading