Download Print deze pagina

HP 48SX Gebruikershandleiding pagina 85

Deel 1
Verberg thumbnails Zie ook voor 48SX:
Algebraische/programma-invoermodus. (Aangeven door de ALG en
PRG indicators.) De algebraische/programma-invoermodus wordt
gebruikt om algebraische uitdrukkingen in programma's in te toetsen.
Deze modus wordt automatisch in werking gesteld als u in de
programma-invoermodus op [J] drukt. In de algebraische/programma-
invoermodus hebben de functie- en commandotoetsen dezelfde functie als
bij de algebraische invoermodus (met [SIN] verschijnt bijvoorbeeld
SINC) in de display). Als u op een commandotoets drukt (bijvoorbeeld
(STOJ)), wordt de programma-invoermodus hersteld.
Handmatig de invoermodus wisselen. Als u op [®]([ENTRY] drukt,
wisselt u van de directe invoermodus naar de programma-invoermodus,
en van de programma-invoermodus naar de algebraische/programma-
invoermodus.
[*] [ENTRY
(*] [ENTRY
-
Directe
Programma
3
Algebraische/Programma
invoer
>
invoer
invoer
(*) [ENTRY
Met [](ENTRY] kunt u in de commandoregel verschillende commando's
achter elkaar typen. U kunt bijvoorbeeld handmatig de programma-
invoermodus oproepen om 4 5 + [inte voeren in de commandoregel
en vervolgens op
drukken om V9 te berekenen. Deze toets maakt
het bewerken van algebraische uitdrukkingen in programma's
gemakkelijker.
Vorige commandoregels terughalen
De HP 48 slaat automatisch een kopie van de vier laatst uitgevoerde
commandoregels op. Druk op [€q][LAST_CMD] (boven de [3] toets) om
het laatste commando terug te halen. Druk verschillende malen na elkaar
op [\)[LAST CMD] om de andere opgeslagen commandoregels te
herstellen.
3: Het stapelgeheugen en de commandoregel
83
loading