Commando's voorstatistiecken met gepaarde steekproeven
Toetsen
Program-
Beschrijving
meerbaar
commando
[«1)(STAT] (pagina 3 en 4):
RCOL
XCOL
Gebruikt het nummer van een kolom
als argument en definieert deze kolom
als onafhankelijke variabele door hem
op de eerste positie in SPAR op te
slaan. (Met [=] ¥C0OLplaatst u het
getal XCOL weerterug in niveau 1.)
YCoL
YCOL
Gebruikt het nummer van een kolom
als argument en definieert deze kolom
als de afhankelijke variabele door hem
op de tweede positie in ZPAR op te
slaan. (Met [»] YCOL plaats u het
kolomnummer YCOL weerterug in
niveau 1).
ELIHE
TLINE
Geeft de uitdrukking die bij het huidige
model de beste benadering door een
lijn oplevert.
LR
LR
Gebruikt het huidige model om de
lineaire regressie voor de gekozen
onafhankelijke en afhankelijke
variabele te berekenen en geeft het
snijpunt (niveau 2) en de helling
(niveau 1) weer. Slaat ook de waarden
van het snijpunt en de helling op de
derde en vierde positie in ZPAR op.
21: Statistiek
403