Wijzig het element 2-3:
¥] =] [>]
ECIT [].1
Voeg een nieuwe kolom in tussen kolom 2 en 3, en verplaats de cel-cursor
naar de bovenrand van de nieuwe kolom.
>) >] NXT] +COL (a) [A]
ETACEETER EF
GO+
4 [SPC] 1 [SPC] 3 [ENTER]
[301
LSEEA EN CD
Herstel de horizontale invoermodus en voer vervolgens de gewijzigde
matrix in.
GO=
|[ENTER
Rekenkundige bewerkingen met matrices
Rekenkundige bewerkingen met vectoren uitvoeren
Optellen en aftrekken. De vectoren moeten hetzelfde aantal elementen
hebben. Als in één van de vectoren complexe elementen staan, is ook het
resultaat een complexe vector.
20: Matrices
379